Verse forty of Daniel eleven is one of the most profound verses in God’s Word, as is Daniel chapter eight, verse fourteen. Verse forty is represented by the Hiddekel River and the Ulai River represents Daniel chapter eight, verse fourteen.

Vers veertig van Daniël elf is een van de diepzinnigste verzen in Gods Woord, evenals Daniël acht, vers veertien. Vers veertig wordt voorgesteld door de rivier de Hiddekel, en de rivier de Ulai stelt Daniël acht, vers veertien voor.

Verse forty begins with the words, “and at the time of the end,” thus specifically identifying that the beginning of the verse is 1798. The fifty-one words of the verse were unsealed in 1989, when they were recognized as identifying the collapse of the Soviet Union at that time. Those fifty-one words in the verse, represent both the time of the end in 1798, and then another the time of the end in 1989. Alpha and Omega placed His signature on the verse for all who are willing to see and hear. The time of the end for the movements of both the first and third angels are represented in that one verse.

Vers veertig begint met de woorden: “en ten tijde van het einde”, waarmee uitdrukkelijk wordt vastgesteld dat het begin van het vers 1798 is. De eenenvijftig woorden van het vers werden in 1989 ontzegeld, toen zij werden herkend als een aanduiding van de ineenstorting van de Sovjet-Unie in die tijd. Die eenenvijftig woorden in het vers vertegenwoordigen zowel de tijd van het einde in 1798 als vervolgens nog een tijd van het einde in 1989. Alfa en Omega plaatste Zijn handtekening op het vers voor allen die bereid zijn te zien en te horen. De tijd van het einde voor de bewegingen van zowel de eerste als de derde engel wordt in dat ene vers voorgesteld.

The following verse identifies when the papacy, represented as the king of the north, conquers the United States, represented as the glorious land, at the soon coming Sunday law in the United States. Therefore, though the words of verse forty identify the time of the end in 1798, as the beginning, and the time of the end in 1989, as the ending, the reality is that the prophetic history represented in verse forty does not finish until verse forty-one, when the king of the north conquers the glorious land. This means that the history from the collapse of the Soviet Union in 1989, until the soon-coming Sunday law in verse forty-one, represents the history of the United States from President Ronald Reagan until the soon coming Sunday law. That history includes September 11, 2001 and onward unto the hour of the great earthquake of Revelation chapter eleven.

Het volgende vers geeft aan wanneer het pausdom, voorgesteld als de koning van het noorden, de Verenigde Staten, voorgesteld als het heerlijke land, overwint bij de spoedig komende zondagswet in de Verenigde Staten. Daarom geldt dat, hoewel de woorden van vers veertig de tijd van het einde in 1798 als het begin, en de tijd van het einde in 1989 als het einde aanduiden, de werkelijkheid is dat de profetische geschiedenis die in vers veertig wordt voorgesteld pas voltooid is in vers eenenveertig, wanneer de koning van het noorden het heerlijke land overwint. Dit betekent dat de geschiedenis vanaf de ineenstorting van de Sovjet-Unie in 1989 tot aan de spoedig komende zondagswet in vers eenenveertig, de geschiedenis van de Verenigde Staten voorstelt vanaf president Ronald Reagan tot aan de spoedig komende zondagswet. Die geschiedenis omvat 11 september 2001 en gaat voort tot aan het uur van de grote aardbeving van Openbaring hoofdstuk elf.

When the verse was initially unsealed, an argument was raised against the truth that “the claim by Pippenger, that the verse represents the history of 1798, unto the Sunday law was an absurd claim, for verses in the Bible never represent such long periods of history.” We had not thought about the concept of whether there is a limit upon a period of time that can be located in one verse, but we immediately remembered that Revelation chapter thirteen, verse eleven identifies the very same history, and it does so, in one verse. The history of the earth beast began in 1798, and the speaking of the earth beast as a dragon, is fulfilled at the soon coming Sunday law.

Toen het vers aanvankelijk werd ontzegeld, werd een bezwaar ingebracht tegen de waarheid dat „de bewering van Pippenger, dat het vers de geschiedenis van 1798 tot aan de zondagswet voorstelt, een absurde bewering was, want verzen in de Bijbel stellen nooit zulke lange perioden van geschiedenis voor.” Wij hadden niet nagedacht over het begrip of er een grens bestaat aan de tijdsperiode die in één vers kan worden ondergebracht, maar wij herinnerden ons onmiddellijk dat Openbaring hoofdstuk dertien, vers elf, precies dezelfde geschiedenis aanduidt, en dat in één vers doet. De geschiedenis van het beest uit de aarde begon in 1798, en het spreken van het beest uit de aarde als een draak wordt vervuld bij de spoedig komende zondagswet.

“And when the Papacy, robbed of its strength, was forced to desist from persecution, John beheld a new power coming up to echo the dragon’s voice, and carry forward the same cruel and blasphemous work. This power, the last that is to wage war against the church and the law of God, was symbolized by a beast with lamblike horns.” Signs of the Times, November 1, 1899.

„En toen het pausdom, beroofd van zijn kracht, gedwongen werd af te zien van vervolging, zag Johannes een nieuwe macht opkomen om de stem van de draak te doen weerklinken en hetzelfde wrede en godslasterlijke werk voort te zetten. Deze macht, de laatste die oorlog zal voeren tegen de kerk en de wet van God, werd gesymboliseerd door een beest met lamachtige horens.” Signs of the Times, 1 november 1899.

If a person needed to be technical, verse forty covers the history of 1798, to verse forty-one, and in verse forty-one the Sunday law is identified, so unlike the single verse in Revelation chapter thirteen, verse forty is actually a little bit shorter because the Sunday law is in the next verse, whereas, in Revelation chapter thirteen, 1798 to the Sunday law is in one verse. Sister White informs us the “same line of prophecy” that is in the book of Daniel is taken up in the book of Revelation, and Revelation chapter thirteen, verse eleven, easily goes right over the top of verse forty, if you choose to apply the principle of line upon line.

Indien iemand technisch te werk zou willen gaan, dan bestrijkt vers veertig de geschiedenis van 1798, tot aan vers eenenveertig, en in vers eenenveertig wordt de zondagswet aangeduid; dus is vers veertig, anders dan het ene vers in Openbaring hoofdstuk dertien, in werkelijkheid iets korter, omdat de zondagswet in het volgende vers staat, terwijl in Openbaring hoofdstuk dertien 1798 tot aan de zondagswet in één vers vervat is. Zuster White deelt ons mee dat dezelfde profetische lijn die in het boek Daniël voorkomt, in het boek Openbaring wordt voortgezet, en Openbaring hoofdstuk dertien, vers elf, gaat gemakkelijk recht over vers veertig heen, indien men ervoor kiest het beginsel van regel op regel toe te passen.

When you do employ the principle of line upon line, you find that verse forty’s representation of Revelation thirteen’s earth beast (the United States), who in verse forty is represented by the “chariots, ships and horsemen,” changes from a lamblike beast with two horns in 1798 into a dragon-speaking beast at the soon coming Sunday law, and also that the lamblike-beast has two horns.

Wanneer u het beginsel van regel op regel wél toepast, ontdekt u dat de voorstelling in vers veertig van het aardbeest van Openbaring dertien (de Verenigde Staten), dat in vers veertig wordt voorgesteld door de „wagens, schepen en ruiters”, verandert van een lamachtig beest met twee horens in 1798 in een beest dat spreekt als een draak ten tijde van de spoedig komende zondagswet, en tevens dat het lamachtige beest twee horens heeft.

Verse forty, also represents the symbolic seventy years when the whore of Tyre is forgotten, for the seventy symbolic years are as the days of one king, and a king is a kingdom. Based upon verse forty, and the line of Revelation chapter thirteen, the kingdom of Bible prophecy that rules for the seventy symbolic years of Isaiah chapter twenty-three is the earth beast, which has two horns of strength. The earth beast begins with two horns of strength representing Republicanism and Protestantism, but as the history of verse forty draws near its fulfillment in verse forty-one, its two prophetic strengths are then identified as “ships” (economic power), and “chariots and horsemen” (military might).

Vers veertig vertegenwoordigt ook de symbolische zeventig jaren waarin de hoer van Tyrus wordt vergeten, want de zeventig symbolische jaren zijn als de dagen van één koning, en een koning is een koninkrijk. Op grond van vers veertig en de lijn van Openbaring hoofdstuk dertien is het koninkrijk van de Bijbelse profetie dat regeert gedurende de zeventig symbolische jaren van Jesaja hoofdstuk drieëntwintig, het beest uit de aarde, dat twee horens van kracht heeft. Het beest uit de aarde begint met twee horens van kracht die het Republicanisme en het Protestantisme voorstellen, maar wanneer de geschiedenis van vers veertig haar vervulling in vers eenenveertig nabij komt, worden zijn twee profetische krachten vervolgens aangeduid als „schepen” (economische macht) en „wagens en ruiters” (militaire macht).

During the seventy symbolic years of Isaiah chapter twenty-three, the whore of Tyre, who in verse forty is the king of the north, is forgotten. But then at the end of the seventy symbolic years she will once again commit fornication with the kings of the earth, as was done in the history leading up to the collapse of the Soviet Union when all historians confirm that President Reagan secured a secret alliance with the antichrist of Bible prophecy for the purpose of bringing down the Soviet Union. In the period leading up to 1989 Reagan had already begun a secret illicit relationship with the man of sin, thus Nebuchadnezzar’s musicians began to practice the tune that the forgotten whore was beginning to sing. The unprecedented worldwide ministry of John Paull II, in that very history, was the beginning of the “song and dance” that caused “all the world” to “wonder after the beast”.

Gedurende de zeventig symbolische jaren van Jesaja hoofdstuk drieëntwintig wordt de hoer van Tyrus, die in vers veertig de koning van het noorden is, vergeten. Maar dan zal zij aan het einde van de zeventig symbolische jaren opnieuw hoererij bedrijven met de koningen der aarde, zoals geschiedde in de geschiedenis die voorafging aan de ineenstorting van de Sovjet-Unie, toen alle historici bevestigen dat president Reagan een geheime alliantie sloot met de antichrist van de Bijbelse profetie met het doel de Sovjet-Unie ten val te brengen. In de periode die aan 1989 voorafging, was Reagan reeds een geheime ongeoorloofde relatie aangegaan met de mens der zonde; aldus begonnen de muzikanten van Nebukadnezar de melodie te oefenen die de vergeten hoer begon te zingen. De ongekende wereldwijde bediening van Johannes Paulus II was, in juist die geschiedenis, het begin van het „gezang en gedans” dat „de gehele wereld” ertoe bracht „het beest na te volgen”.

Verse forty also represents the history of Laodicean Adventism, which began in 1798 as Sardis, then those in Sardis accepted the light that was unsealed, and then the Philadelphian movement came out of Sardis. When the Philadelphian movement rejected the light of 1856, they then transitioned from a movement unto the Laodicean church in 1863. That church is therefore destined to be spewed out of the mouth of the Lord in verse forty-one, which is the soon-coming Sunday law. Verse forty represents not only the history of the United States, but also the history of Laodicean Adventism.

Vers veertig vertegenwoordigt ook de geschiedenis van het Laodicese adventisme, dat in 1798 als Sardis begon; vervolgens aanvaardden degenen in Sardis het licht dat was ontzegeld, en daarna kwam de Filadelfische beweging uit Sardis voort. Toen de Filadelfische beweging het licht van 1856 verwierp, ging zij in 1863 over van een beweging tot de Laodicese gemeente. Die gemeente is daarom ertoe bestemd in vers eenenveertig uit de mond van de Heere uitgespuwd te worden, hetgeen de spoedig komende zondagwet is. Vers veertig vertegenwoordigt niet alleen de geschiedenis van de Verenigde Staten, maar ook de geschiedenis van het Laodicese adventisme.

Laodicean Adventism was given the divine light of God’s Word for its anchor point and strength, and the government of the United States was given the divine light of the Constitution of the United States for its anchor point and strength. They both began prophetically as horns in 1798, and by the end of the seventy symbolic years, the apostate Republican horn and the apostate Protestant horn will come together as one horn and speak as a dragon.

Het Laodicese adventisme ontving het goddelijke licht van Gods Woord als zijn ankerpunt en kracht, en de regering van de Verenigde Staten ontving het goddelijke licht van de Grondwet van de Verenigde Staten als haar ankerpunt en kracht. Beiden begonnen profetisch als horens in 1798, en aan het einde van de zeventig symbolische jaren zullen de afvallige Republikeinse hoorn en de afvallige protestantse hoorn samenkomen als één hoorn en spreken als een draak.

Verse forty’s two horns are the government, and the chosen church, that represent two lines of prophecy which run together, for they are represented as two horns upon a single beast. Wherever the beast goes the two horns also go, and they do so in the same prophetic history. The horn of Protestantism has a twofold prophetic nature represented by Laodicea and Philadelphia. The horn of Republicanism also has a twofold prophetic nature represented by the Republican and Democratic political parties. The second of each of the horn’s twofold nature, comes up last and comes up higher, according to Daniel chapter eight.

De twee horens van vers veertig zijn de regering en de uitverkoren kerk, die twee profetische lijnen vertegenwoordigen welke samenlopen, want zij worden voorgesteld als twee horens op één enkel beest. Waarheen het beest ook gaat, daarheen gaan ook de twee horens, en zij doen dat binnen dezelfde profetische geschiedenis. De hoorn van het protestantisme heeft een tweevoudige profetische aard, voorgesteld door Laodicea en Filadelfia. De hoorn van het republicanisme heeft eveneens een tweevoudige profetische aard, voorgesteld door de Republikeinse en Democratische politieke partijen. De tweede van de tweevoudige aard van elk der horens komt het laatst op en komt hoger op, overeenkomstig Daniël hoofdstuk acht.

Then I lifted up mine eyes, and saw, and, behold, there stood before the river a ram which had two horns: and the two horns were high; but one was higher than the other, and the higher came up last. Daniel 8:3.

Toen sloeg ik mijn ogen op en zag, en zie, vóór de rivier stond een ram met twee horens; en de twee horens waren hoog, maar de ene was hoger dan de andere, en de hoogste kwam het laatst op. Daniël 8:3.

The twofold characteristics of each horn is illustrated in the line of Christ by the Sadducees and Pharisees, which in the Republican horn equates to liberalism (pro-slavery, democracy, woke-ism and globalism), and conservatism (anti-slavery, a Constitutional republic, traditionalists, MAGA). The twofold characteristics of the Protestant horn equates to Philadelphia and Laodicea. There is not a perfect parallel between the two horns’ division into a twofold symbol, for neither progressive liberalism or conservative MAGA-ism comes out on the right side of the Sunday law issue, for the Pharisees and Sadducees came together at the cross; but at the soon coming Sunday law, which was typified by the cross, Laodicea is spewed out of the mouth of the Lord, and the Philadelphian horn is then lifted up as an ensign. Still, the twofold nature of both horns is represented by the theological controversy between the Pharisees and Sadducees, and the messenger to the Gentiles (Paul), in the history of Christ, had formerly been a Pharisee of Pharisees.

De tweeledige kenmerken van elke hoorn worden in de lijn van Christus geïllustreerd door de Sadduceeën en de Farizeeën, hetgeen in de Republikeinse hoorn overeenkomt met liberalisme (pro-slavernij, democratie, woke-isme en globalisme) en conservatisme (anti-slavernij, een constitutionele republiek, traditionalisten, MAGA). De tweeledige kenmerken van de protestantse hoorn komen overeen met Filadelfia en Laodicea. Er bestaat geen volmaakte parallel tussen de verdeling van de twee hoorns in een tweeledig symbool, want noch progressief liberalisme noch conservatief MAGA-isme komt aan de juiste zijde van de zondagswetkwestie uit, want de Farizeeën en de Sadduceeën kwamen samen bij het kruis; maar bij de spoedig komende zondagswet, die door het kruis werd getypeerd, wordt Laodicea uit de mond des Heeren gespuwd, en de Filadelfische hoorn wordt dan als banier opgericht. Toch wordt de tweeledige aard van beide hoorns voorgesteld door de theologische controverse tussen de Farizeeën en de Sadduceeën, en de boodschapper aan de heidenen (Paulus) was in de geschiedenis van Christus voordien een Farizeeër der Farizeeën geweest.

The methodology of the latter rain, being line upon line, produces great light in verse forty when it is applied. Revelation chapters two through eighteen, are all in alignment with verse forty. Isaiah chapter twenty three’s testimony of the whore of Tyre aligns with the verse. Of course, there are several other passages that are to be laid over the top of verse forty, but perhaps the most significant line upon line application of verse forty is verse forty itself.

De methodologie van de late regen, zijnde regel op regel, brengt groot licht voort in vers veertig wanneer zij wordt toegepast. Openbaring hoofdstukken twee tot en met achttien zijn alle in overeenstemming met vers veertig. Het getuigenis van de hoer van Tyrus in Jesaja hoofdstuk drieëntwintig stemt met het vers overeen. Natuurlijk zijn er verscheidene andere passages die over vers veertig heen gelegd moeten worden, maar wellicht is de meest betekenisvolle toepassing van vers veertig volgens het beginsel van regel op regel vers veertig zelf.

In verse forty the time of the end in 1798 and the time of the end in 1989, are both set forth. This directs a student of prophecy to lay the time of the end in 1798 over the top of the time of the end in 1989. When that is done, the history of verse forty produces two lines that each begin in 1798, and continue until the soon coming Sunday law of verse forty-one. The line that begins in 1798 identifies the internal message of God’s last day people, and the line that begins in 1989 identifies the external message of God’s last day people during the very same history. Verse forty therefore possesses within itself the symbolism represented by the same internal and external prophetic relationship of the seven churches and the seven seals in the book of Revelation. And this prophetic phenomenon is represented in one verse, made up of fifty-one words!

In vers veertig worden zowel de tijd van het einde in 1798 als de tijd van het einde in 1989 uiteengezet. Dit leidt een student van de profetie ertoe de tijd van het einde in 1798 over die van de tijd van het einde in 1989 heen te leggen. Wanneer dat gedaan wordt, brengt de geschiedenis van vers veertig twee lijnen voort die elk in 1798 beginnen en voortgaan tot aan de spoedig komende zondagwet van vers eenenveertig. De lijn die in 1798 begint, duidt de interne boodschap van Gods volk der laatste dagen aan, en de lijn die in 1989 begint, duidt de externe boodschap van Gods volk der laatste dagen aan gedurende precies dezelfde geschiedenis. Vers veertig bezit derhalve in zichzelf de symboliek die wordt voorgesteld door dezelfde interne en externe profetische verhouding van de zeven gemeenten en de zeven zegels in het boek Openbaring. En dit profetische verschijnsel wordt voorgesteld in één vers, bestaande uit eenenvijftig woorden!

The Millerites recognized the internal-external message of the seven churches and seven seals, but they also recognized that the seven trumpets also represented a third line of truth which was an element of the history represented by the seven churches and seven seals. The trumpets were, as Miller states, “the peculiar judgments” that were brought upon Rome. The Millerites understood the judgments of God represented by the seven trumpets were connected with the history of the seven churches and the parallel history of the seven seals.

De Millerieten erkenden de innerlijke-uiterlijke boodschap van de zeven gemeenten en de zeven zegels, maar zij erkenden ook dat de zeven bazuinen eveneens een derde waarheidslijn vertegenwoordigden, die een element vormde van de geschiedenis die door de zeven gemeenten en de zeven zegels wordt voorgesteld. De bazuinen waren, zoals Miller stelt, „de bijzondere oordelen” die over Rome werden gebracht. De Millerieten begrepen dat de oordelen van God, voorgesteld door de zeven bazuinen, verbonden waren met de geschiedenis van de zeven gemeenten en de parallelle geschiedenis van de zeven zegels.

Verse forty includes the history of September 11, 2001, and in verse forty the prophetic line of the seven trumpets is therefore, also aligned. The first angel arrived in 1798, in order to announce the opening of the judgment in 1844. That judgment breaks down into an investigative and executive judgment. The history of verse forty is the history of the investigative judgment and the history of verse forty-one onward until Michael stands up and the seven last plagues are poured out is the history of the executive judgment.

Vers veertig omvat de geschiedenis van 11 september 2001, en in vers veertig is daarom ook de profetische lijn van de zeven bazuinen uitgelijnd. De eerste engel kwam in 1798 om de opening van het oordeel in 1844 aan te kondigen. Dat oordeel valt uiteen in een onderzoekend en een uitvoerend oordeel. De geschiedenis van vers veertig is de geschiedenis van het onderzoekend oordeel, en de geschiedenis vanaf vers eenenveertig totdat Michaël opstaat en de zeven laatste plagen worden uitgegoten, is de geschiedenis van het uitvoerend oordeel.

The executive judgment begins when the United States speaks as a dragon.

Het uitvoerende oordeel begint wanneer de Verenigde Staten spreken als een draak.

““The lamblike horns and dragon voice of the symbol point to a striking contradiction between the professions and the practice of the nation thus represented. The ‘speaking’ of the nation is the action of its legislative and judicial authorities. By such action it will give the lie to those liberal and peaceful principles which it has put forth as the foundation of its policy. The prediction that it will speak ‘as a dragon’ and exercise ‘all the power of the first beast’ plainly foretells a development of the spirit of intolerance and persecution that was manifested by the nations represented by the dragon and the leopardlike beast. And the statement that the beast with two horns ‘causeth the earth and them which dwell therein to worship the first beast’ indicates that the authority of this nation is to be exercised in enforcing some observance which shall be an act of homage to the papacy.” The Great Controversy, 443.

‘De lamachtige horens en de draakstem van het symbool wijzen op een treffende tegenstelling tussen de belijdenissen en de praktijk van de aldus voorgestelde natie. Het “spreken” van de natie is het handelen van haar wetgevende en rechterlijke autoriteiten. Door zulk handelen zal zij de liberale en vreedzame beginselen, die zij als grondslag van haar beleid heeft voorgesteld, logenstraffen. De voorspelling dat zij zal spreken “als een draak” en “al de macht van het eerste beest” zal uitoefenen, voorzegt duidelijk een ontwikkeling van de geest van onverdraagzaamheid en vervolging die zich openbaarde bij de naties die door de draak en het luipaardachtige beest worden voorgesteld. En de uitspraak dat het beest met twee horens “de aarde en hen die daarop wonen maakt dat zij het eerste beest aanbidden” duidt erop dat het gezag van deze natie zal worden aangewend om de naleving van een of andere inzetting af te dwingen die een daad van hulde aan het pausdom zal zijn.’ The Great Controversy, 443.

When the United States “speaks,” and enforces the soon coming Sunday law, the “second voice” of Revelation chapter eighteen, “speaks,” by calling men and women out of Babylon.

Wanneer de Verenigde Staten „spreken” en de spoedig komende zondagswet handhaven, „spreekt” de „tweede stem” van Openbaring hoofdstuk achttien, door mannen en vrouwen uit Babylon te roepen.

And I heard another voice from heaven, saying, Come out of her, my people, that ye be not partakers of her sins, and that ye receive not of her plagues. For her sins have reached unto heaven, and God hath remembered her iniquities. Reward her even as she rewarded you, and double unto her double according to her works: in the cup which she hath filled fill to her double. Revelation 18:4–6.

En ik hoorde een andere stem uit de hemel, die zei: Gaat uit van haar, Mijn volk, opdat gij geen deel hebt aan haar zonden en opdat gij niet ontvangt van haar plagen. Want haar zonden zijn opgestapeld tot aan de hemel, en God heeft Zich haar ongerechtigheden herinnerd. Vergeld haar zoals ook zij ulieden vergolden heeft, en verdubbelt haar dubbel naar haar werken; schenkt haar dubbel in de beker die zij gevuld heeft. Openbaring 18:4–6.

In verse forty-one, when the United States speaks, those who are still in the threefold environment of modern Babylon are called out when the “second voice” of Revelation chapter eighteen speaks. Those that are then called out are represented in verse forty-one as “Edom, Moab and the chief of the children of Ammon.” In the verse, those represented in the threefold symbol of modern Babylon, escape the hand of the king of the north (the papacy). The Hebrew word “escape,” means to escape by slipperiness, and its inherent meaning is that the escape is accomplished from something that had previous to the escape held those that escape in captivity.

In vers eenenveertig, wanneer de Verenigde Staten spreken, worden zij die zich nog in de drievoudige omgeving van het moderne Babylon bevinden, eruit geroepen wanneer de „tweede stem” van Openbaring hoofdstuk achttien spreekt. Degenen die dan worden uitgeroepen, worden in vers eenenveertig voorgesteld als „Edom, Moab en de voornaamsten van de kinderen van Ammon”. In het vers ontkomen degenen die in het drievoudige symbool van het moderne Babylon worden voorgesteld, aan de hand van de koning van het noorden (het pausdom). Het Hebreeuwse woord „ontkomen” betekent ontkomen door gladheid, en de inherente betekenis ervan is dat het ontkomen plaatsvindt uit iets dat degenen die ontkomen vóór hun ontkoming in gevangenschap had gehouden.

He shall enter also into the glorious land, and many [countries] shall be overthrown: but these shall escape out of his hand, even Edom, and Moab, and the chief of the children of Ammon. He shall stretch forth his hand also upon the countries: and the land of Egypt shall not escape. Daniel 11:41, 42.

Ook zal hij het Sieraadland binnentrekken, en vele landen zullen ten val komen; maar dezen zullen aan zijn hand ontkomen: Edom en Moab, en het voornaamste van de kinderen van Ammon. Ook zal hij zijn hand uitstrekken tegen de landen; en het land Egypte zal niet ontkomen. Daniël 11:41, 42.

In verse forty-two the papacy (the king of the north), conquers its third geographical obstacle when it takes Egypt, which is a symbol of the United Nations, as typified by Herod’s birthday, when he succumbs to the deceptive dance of Salome (the United States), the daughter of Herodias (the papacy). This identifies when the United Nations (the “ten kings” of Revelation seventeen), agree to give their kingdom to the beast for one hour. The one hour is the hour of Revelation eleven’s “great earthquake”, and the “hour” when the whore of Babylon is judged. In verse forty-two, Egypt (the United Nations), “shall not escape.”

In vers tweeënveertig overwint het pausdom (de koning van het noorden) zijn derde geografische hinderpaal wanneer het Egypte inneemt, dat een symbool is van de Verenigde Naties, zoals voorafgebeeld door de verjaardag van Herodes, wanneer hij bezwijkt voor de bedrieglijke dans van Salome (de Verenigde Staten), de dochter van Herodias (het pausdom). Dit duidt het moment aan waarop de Verenigde Naties (de „tien koningen” van Openbaring zeventien) ermee instemmen hun koninkrijk voor één uur aan het beest te geven. Dat ene uur is het uur van de „grote aardbeving” van Openbaring elf, en het „uur” waarop de hoer van Babylon wordt geoordeeld. In vers tweeënveertig zal Egypte (de Verenigde Naties) „niet ontkomen.”

The Hebrew word translated as “escape” in verse forty-two is different than the Hebrew word in verse forty-one. In verse forty-two the word “escape” means “finding no deliverance”, but verse forty-one is identifying when those previous to the soon coming Sunday law have been holding hands with the papacy, then escape as if by slipperiness. Prior to the hour of the Sunday law crisis those in the communion of modern Babylon have been accepting the satanic idea that Sunday is God’s day of worship. When the mark of the beast is enforced, a person can either accept it for whatever reason, or actually believe it to be so. To believe it is to receive the mark in the forehead, and to simply accept it, is to receive the mark in your hand.

Het Hebreeuwse woord dat in vers tweeënveertig als „ontkomen” is vertaald, verschilt van het Hebreeuwse woord in vers eenenveertig. In vers tweeënveertig betekent het woord „ontkomen” „geen verlossing vinden”, maar vers eenenveertig wijst het ogenblik aan waarop degenen die vóór de spoedig komende zondagswet hand in hand met het pausdom zijn gegaan, dan ontkomen als door gladheid. Vóór het uur van de crisis van de zondagswet hebben degenen in de gemeenschap van het moderne Babylon de satanische gedachte aanvaard dat de zondag Gods dag van aanbidding is. Wanneer het merkteken van het beest wordt afgedwongen, kan iemand het om welke reden dan ook óf aanvaarden, óf het daadwerkelijk als zodanig geloven. Het te geloven is het merkteken op het voorhoofd ontvangen, en het louter te aanvaarden is het merkteken in de hand ontvangen.

Those who escape the hand of the papacy at the Sunday law, reject the satanic idea that God’s day of worship is the day of the sun at the very time when the United States and the United Nations are joining hands with the whore of Rome, the papal power, the king of the north.

Zij die aan de hand van het pausdom ontkomen bij de zondagswet, verwerpen juist op het moment dat de Verenigde Staten en de Verenigde Naties de hand reiken aan de hoer van Rome, de pauselijke macht, de koning van het noorden, het satanische denkbeeld dat Gods dag van aanbidding de dag van de zon is.

“The Protestants of the United States will be foremost in stretching their hands across the gulf to grasp the hand of Spiritualism; they will reach over the abyss to clasp hands with the Roman power; and under the influence of this threefold union, this country will follow in the steps of Rome in trampling on the rights of conscience.” The Great Controversy, 588.

„De protestanten van de Verenigde Staten zullen vooraanstaan in het uitstrekken van hun handen over de kloof om de hand van het spiritisme te grijpen; zij zullen zich over de afgrond heen uitstrekken om de handen ineen te slaan met de Roomse macht; en onder de invloed van deze drievoudige unie zal dit land in de voetstappen van Rome treden door de rechten van het geweten met voeten te treden.” The Great Controversy, 588.

It is important to take the time to set forth the structure of the last six verses of Daniel eleven as we proceed in our considerations of verse forty. The king of the north, which is Modern Rome conquers three geographical obstacles in order to be established on the throne of the earth. Pagan Rome conquered three geographical obstacles, as did papal Rome, so Modern Rome conquers the king of the south (the former Soviet Union) in verse forty, and then conquers the glorious land (the United States) in verse forty-one, and then Egypt (the United Nations) in verses forty-two and forty-three.

Het is van belang de tijd te nemen om de structuur van de laatste zes verzen van Daniël elf uiteen te zetten, terwijl wij voortgaan in onze beschouwingen van vers veertig. De koning van het noorden, dat het moderne Rome is, overwint drie geografische hindernissen om op de troon van de aarde bevestigd te worden. Het heidense Rome overwon drie geografische hindernissen, evenals het pauselijke Rome; zo overwint ook het moderne Rome in vers veertig de koning van het zuiden (de voormalige Sovjet-Unie), vervolgens in vers eenenveertig het heerlijke land (de Verenigde Staten), en daarna in de verzen tweeënveertig en drieënveertig Egypte (de Verenigde Naties).

But as the previous quote of Sister White identifies, the United States joins hands with the papacy and the United Nations at the same time. The threefold union of the dragon, the beast and false prophet is accomplished at the soon-coming Sunday law, though Daniel chapter eleven verses forty-one through forty-three identify the simultaneous conquering sequentially. The sequence that is illustrated is representing the flow of events, but they are all accomplished at the soon-coming Sunday law.

Maar zoals het voorgaande citaat van Zuster White aanduidt, slaat de Verenigde Staten tegelijkertijd de handen ineen met het pausdom en de Verenigde Naties. De drievoudige vereniging van de draak, het beest en de valse profeet wordt voltrokken bij de spoedig komende zondagswet, hoewel Daniël hoofdstuk elf, verzen eenenveertig tot en met drieënveertig, de gelijktijdige verovering in opeenvolgende volgorde aanduidt. De volgorde die wordt geïllustreerd, geeft de gang van de gebeurtenissen weer, maar zij worden alle voltrokken bij de spoedig komende zondagswet.

At that point the “second voice” of Revelation eighteen “speaks,” right where the United States “speaks.” God speaks where and when Satan speaks. In verse forty-four, tidings out of the east and the north trouble the king of the north and the final papal bloodbath is initiated. Verse forty-four, as like unto verses forty-two and forty-three, begins in verse forty-one, when the mighty angel of Revelation eighteen, begins His call for His other flock to come out of Babylon.

Op dat moment “spreekt” de “tweede stem” van Openbaring achttien, juist waar de Verenigde Staten “spreken”. God spreekt waar en wanneer Satan spreekt. In vers vierenveertig verontrusten tijdingen uit het oosten en het noorden de koning van het noorden en wordt het laatste pauselijke bloedbad ingeleid. Vers vierenveertig begint, evenals de verzen tweeënveertig en drieënveertig, in vers eenenveertig, wanneer de machtige engel van Openbaring achttien Zijn oproep begint tot Zijn andere kudde om uit Babylon te komen.

The message He presents is the message which identifies Islam of the third woe as His instrument of judgment, and the punishment of the whore of Babylon. Islam is represented as the “tidings of the east”, and the papacy (the counterfeit king of the north) is the “tidings of the north”. Daniel eleven verse forty identifies the investigative judgment, and verse forty-one through forty-five identifies the executive judgment.

De boodschap die Hij brengt, is de boodschap die de islam van de derde wee aanwijst als Zijn instrument van oordeel, en als de bestraffing van de hoer van Babylon. De islam wordt voorgesteld als de „tijdingen uit het oosten”, en het pausdom (de namaak-koning van het noorden) als de „tijdingen uit het noorden”. Daniël elf vers veertig duidt het onderzoekend oordeel aan, en vers eenenveertig tot en met vijfenveertig duidt het uitvoerend oordeel aan.

We will continue our consideration of verse forty of Daniel eleven in the next article.

In het volgende artikel zullen wij onze beschouwing van vers veertig van Daniël elf voortzetten.

“On one occasion, when in New York City, I was in the night season called upon to behold buildings rising story after story toward heaven. These buildings were warranted to be fireproof, and they were erected to glorify their owners and builders. Higher and still higher these buildings rose, and in them the most costly material was used. Those to whom these buildings belonged were not asking themselves: ‘How can we best glorify God?’ The Lord was not in their thoughts.

„Bij een bepaalde gelegenheid, toen ik mij in New York City bevond, werd ik in de nachtelijke uren geroepen om gebouwen te aanschouwen die verdieping na verdieping naar de hemel oprezen. Deze gebouwen werden als brandvrij gegarandeerd, en zij werden opgericht tot verheerlijking van hun eigenaars en bouwers. Hoger en nog hoger rezen deze gebouwen op, en daarin werd het kostbaarste materiaal gebruikt. Zij aan wie deze gebouwen toebehoorden, vroegen zich niet af: ‘Hoe kunnen wij God het best verheerlijken?’ De Heere was niet in hun gedachten.

“I thought: ‘Oh, that those who are thus investing their means could see their course as God sees it! They are piling up magnificent buildings, but how foolish in the sight of the Ruler of the universe is their planning and devising. They are not studying with all the powers of heart and mind how they may glorify God. They have lost sight of this, the first duty of man.’

„Ik dacht: ‘O, konden zij die aldus hun middelen besteden hun handelwijze zien zoals God die ziet! Zij stapelen prachtige gebouwen op, maar hoe dwaas is hun plannen en beramen in de ogen van de Heerser van het heelal. Zij bestuderen niet met alle krachten van hart en verstand hoe zij God kunnen verheerlijken. Zij hebben dit, de eerste plicht van de mens, uit het oog verloren.’”

“As these lofty buildings went up, the owners rejoiced with ambitious pride that they had money to use in gratifying self and provoking the envy of their neighbors. Much of the money that they thus invested had been obtained through exaction, through grinding down the poor. They forgot that in heaven an account of every business transaction is kept; every unjust deal, every fraudulent act, is there recorded. The time is coming when in their fraud and insolence men will reach a point that the Lord will not permit them to pass, and they will learn that there is a limit to the forbearance of Jehovah.

“Toen deze hoge gebouwen verrezen, verheugden de eigenaars zich in hoogmoedige eerzucht dat zij geld hadden om zichzelf te bevredigen en de afgunst van hun buren op te wekken. Veel van het geld dat zij aldus investeerden, was verkregen door afpersing, door het uitpersen van de armen. Zij vergaten dat in de hemel van elke zakelijke transactie rekenschap wordt bijgehouden; elke onrechtvaardige overeenkomst, elke bedrieglijke daad, wordt daar opgetekend. De tijd komt dat de mensen in hun bedrog en aanmatiging een punt zullen bereiken dat de Heere hun niet zal toestaan te overschrijden, en zij zullen leren dat er een grens is aan de lankmoedigheid van Jehovah.”

“The scene that next passed before me was an alarm of fire. Men looked at the lofty and supposedly fire-proof buildings and said: ‘They are perfectly safe.’ But these buildings were consumed as if made of pitch. The fire engines could do nothing to stay the destruction. The firemen were unable to operate the engines.

„Het tafereel dat zich vervolgens aan mij voordeed, was een brandalarm. Mensen keken naar de hoge en zogenaamd brandvrije gebouwen en zeiden: ‘Zij zijn volkomen veilig.’ Maar deze gebouwen werden verteerd alsof zij van pek waren gemaakt. De brandspuiten konden niets doen om de verwoesting te stuiten. De brandweerlieden waren niet in staat de spuiten te bedienen.”

“I am instructed that when the Lord’s time comes, should no change have taken place in the hearts of proud, ambitious human beings, men will find that the hand that had been strong to save will be strong to destroy. No earthly power can stay the hand of God. No material can be used in the erection of buildings that will preserve them from destruction when God’s appointed time comes to send retribution on men for their disregard of His law and for their selfish ambition.

„Mij is onderricht dat, wanneer de tijd van de Heere komt, indien er geen verandering heeft plaatsgevonden in de harten van trotse, eerzuchtige mensen, de mensen zullen bevinden dat de hand die machtig was om te redden, machtig zal zijn om te verderven. Geen aardse macht kan de hand van God tegenhouden. Geen enkel materiaal kan worden gebruikt bij het optrekken van gebouwen dat deze zal bewaren voor verwoesting, wanneer Gods vastgestelde tijd komt om vergelding over de mensen te zenden wegens hun veronachtzaming van Zijn wet en wegens hun zelfzuchtige eerzucht.”

“There are not many, even among educators and statesmen, who comprehend the causes that underlie the present state of society. Those who hold the reins of government are not able to solve the problem of moral corruption, poverty, pauperism, and increasing crime. They are struggling in vain to place business operations on a more secure basis. If men would give more heed to the teaching of God’s word, they would find a solution of the problems that perplex them.

Er zijn er niet velen, zelfs niet onder opvoeders en staatslieden, die de oorzaken begrijpen die ten grondslag liggen aan de huidige toestand van de samenleving. Zij die de teugels van het bestuur in handen hebben, zijn niet in staat het probleem van zedelijk verval, armoede, verpaupering en toenemende misdaad op te lossen. Tevergeefs worstelen zij om het zakenverkeer op een vastere grondslag te plaatsen. Indien de mensen meer acht zouden slaan op het onderwijs van Gods Woord, zouden zij een oplossing vinden voor de problemen die hen in verwarring brengen.

“The Scriptures describe the condition of the world just before Christ’s second coming. Of the men who by robbery and extortion are amassing great riches, it is written: ‘Ye have heaped treasure together for the last days. Behold, the hire of the laborers who have reaped down your fields, which is of you kept back by fraud, crieth: and the cries of them which have reaped are entered into the ears of the Lord of Sabaoth. Ye have lived in pleasure on the earth, and been wanton; ye have nourished your hearts, as in a day of slaughter. Ye have condemned and killed the just; and he doth not resist you.’ James 5:3–6.

‘De Schriften beschrijven de toestand van de wereld vlak vóór de tweede komst van Christus. Van de mensen die door roof en afpersing grote rijkdommen vergaren, staat geschreven: “Gij hebt schatten opgehoopt voor de laatste dagen. Zie, het loon van de arbeiders die uw velden hebben gemaaid, dat door u door bedrog is achtergehouden, roept; en het geroep van hen die geoogst hebben, is doorgedrongen tot de oren van de Heere Zebaoth. Gij hebt weelderig geleefd op de aarde en in wellust verkeerd; gij hebt uw harten gevoed als op een slachtdag. Gij hebt de rechtvaardige veroordeeld en gedood; en hij wederstaat u niet.” Jakobus 5:3–6.’

“But who reads the warnings given by the fast-fulfilling signs of the times? What impression is made upon worldlings? What change is seen in their attitude? No more than was seen in the attitude of the inhabitants of the Noachian world. Absorbed in worldly business and pleasure, the antediluvians ‘knew not until the Flood came, and took them all away.’ Matthew 24:39. They had heaven-sent warnings, but they refused to listen. And today the world, utterly regardless of the warning voice of God, is hurrying on to eternal ruin.

“Maar wie leest de waarschuwingen die gegeven worden door de zich snel vervullende tekenen der tijden? Welke indruk wordt op wereldse mensen gemaakt? Welke verandering is zichtbaar in hun houding? Niet meer dan zichtbaar was in de houding van de inwoners der Noachitische wereld. Opgeslorpt door wereldse zaken en genot ‘bemerktenden zij het niet, totdat de zondvloed kwam en hen allen wegnam.’ Mattheüs 24:39. Zij hadden door de hemel gezonden waarschuwingen, maar zij weigerden te luisteren. En heden snelt de wereld, volkomen onverschillig voor de waarschuwende stem van God, voort naar het eeuwig verderf.

“The world is stirred with the spirit of war. The prophecy of the eleventh chapter of Daniel has nearly reached its complete fulfillment. Soon the scenes of trouble spoken of in the prophecies will take place.”

„De wereld wordt in beroering gebracht door de geest van oorlog. De profetie van het elfde hoofdstuk van Daniël heeft bijna haar volledige vervulling bereikt. Weldra zullen de tonelen van benauwdheid waarvan in de profetieën wordt gesproken, plaatsvinden.”

Testimonies to the Church, volume NINE, page ELEVEN.

Getuigenissen voor de Gemeente, deel NEGEN, bladzijde ELF.