The books of Daniel and Revelation are the same book, just as assuredly as the Old Testament and the New Testament are the same book. Just before probation closes the Revelation of Jesus Christ is unsealed.
De boeken Daniël en Openbaring zijn hetzelfde boek, even zeker als het Oude Testament en het Nieuwe Testament hetzelfde boek zijn. Vlak voordat de genadetijd sluit, wordt de Openbaring van Jezus Christus ontzegeld.
And he saith unto me, Seal not the sayings of the prophecy of this book: for the time is at hand. He that is unjust, let him be unjust still: and he which is filthy, let him be filthy still: and he that is righteous, let him be righteous still: and he that is holy, let him be holy still. And, behold, I come quickly; and my reward is with me, to give every man according as his work shall be. I am Alpha and Omega, the beginning and the end, the first and the last. Revelation 22:10–13.
En hij zeide tot mij: Verzegel de woorden van de profetie van dit boek niet, want de tijd is nabij. Wie onrechtvaardig is, laat hem nog onrechtvaardig zijn; en wie bezoedeld is, laat hem nog bezoedeld zijn; en wie rechtvaardig is, laat hem nog rechtvaardig zijn; en wie heilig is, laat hem nog heilig zijn. En zie, Ik kom spoedig, en mijn loon is met Mij, om eenieder te vergelden zoals zijn werk zal zijn. Ik ben de Alfa en de Omega, het begin en het einde, de eerste en de laatste. Openbaring 22:10–13.
The biblical “rule of first mention,” which includes the truth that the end of a thing is illustrated by the beginning of a thing, emphasizes the significance of the first three chapters of the book of Daniel, for they are the first truth mentioned in the book that is the books of Daniel and Revelation. Jesus is Alpha and Omega, so the beginning of the book that is the books of Daniel and Revelation, must represent the truth which is unsealed at the end. At one level then, the truth which is unsealed is the everlasting gospel of the angels of Revelation fourteen.
De bijbelse „regel van de eerste vermelding”, die de waarheid omvat dat het einde van een zaak wordt geïllustreerd door het begin van een zaak, benadrukt het belang van de eerste drie hoofdstukken van het boek Daniël, want zij vormen de eerste waarheid die wordt vermeld in het boek dat bestaat uit de boeken Daniël en Openbaring. Jezus is de Alfa en de Omega, dus moet het begin van het boek dat bestaat uit de boeken Daniël en Openbaring de waarheid vertegenwoordigen die aan het einde wordt ontzegeld. Op één niveau is de waarheid die wordt ontzegeld dan ook het eeuwige evangelie van de engelen van Openbaring veertien.
The Revelation of Jesus Christ that is introduced in the first verse of chapter one of Revelation, is the message that is to be conveyed to the churches when the “time is at hand,” and the time that is “at hand” in chapter one of Revelation, must be the same time that is “at hand,” just before probation closes in chapter twenty-two of Revelation.
De openbaring van Jezus Christus die in het eerste vers van hoofdstuk één van Openbaring wordt ingeleid, is de boodschap die aan de gemeenten moet worden overgebracht wanneer „de tijd nabij is”, en de tijd die in hoofdstuk één van Openbaring „nabij is”, moet dezelfde tijd zijn die „nabij is”, vlak voordat de genadetijd wordt afgesloten in hoofdstuk tweeëntwintig van Openbaring.
The Revelation of Jesus Christ, which God gave unto him, to show unto his servants things which must shortly come to pass; and he sent and signified it by his angel unto his servant John: Who bare record of the word of God, and of the testimony of Jesus Christ, and of all things that he saw. Blessed is he that readeth, and they that hear the words of this prophecy, and keep those things which are written therein: for the time is at hand. Revelation 1:1-3.
De openbaring van Jezus Christus, die God Hem gegeven heeft om Zijn dienstknechten te tonen hetgeen weldra moet geschieden; en Hij heeft die door Zijn engel gezonden en te kennen gegeven aan Zijn dienstknecht Johannes; die getuigenis heeft afgelegd van het woord van God en van het getuigenis van Jezus Christus, namelijk van al wat hij gezien heeft. Zalig is hij die leest, en zij die de woorden van deze profetie horen en bewaren wat daarin geschreven staat; want de tijd is nabij. Openbaring 1:1-3.
The message that is the final message, which is unsealed just before probation closes, when “the time is at hand,” is the latter rain message of the second angel and Midnight Cry. It is the truth connected with the “hidden history” of the Seven Thunders. It is the revelation of “the eighth being of the seven”, and the golden thread that weaves all these precious revelations together into the beautiful garment of Christ’s righteousness is the “precious” “seven times,” of Leviticus twenty-six. Daniel chapter one, and then again, Daniel chapters one through three, is that message. The “secret” of chapter two, is also that message.
De boodschap die de laatste boodschap is, die juist vóór het sluiten van de genadetijd wordt ontsloten, wanneer “de tijd nabij is”, is de boodschap van de late regen van de tweede engel en van de Middernachtsroep. Zij is de waarheid die verbonden is met de “verborgen geschiedenis” van de Zeven Donderslagen. Zij is de openbaring van “de achtste die uit de zeven is”, en de gouden draad die al deze kostbare openbaringen samenweeft tot het schone kleed van Christus’ gerechtigheid, is het “kostbare” “zeven tijden” van Leviticus zesentwintig. Daniël hoofdstuk één, en vervolgens opnieuw Daniël hoofdstukken één tot en met drie, is die boodschap. Het “verborgen geheim” van hoofdstuk twee, is eveneens die boodschap.
Chapter one of Daniel represents the first angel’s message, and just as all the prophetic waymarks of all three angels’ messages are represented in the first angel’s message of chapter fourteen of Revelation; all the prophetic waymarks of all three messages are represented in chapter one, of Daniel. Those elements are the three-step testing process, which in Daniel chapter one, represents a dietary test, that is followed by a visual test, which leads to a litmus test. Chapter one, when considered in relation to chapters two and three, represents the dietary test, and chapter two the visual test, and chapter three the litmus test. The three angels’ messages of Revelation fourteen, and Daniel chapters one through three, provide four witnesses to the three-step testing process.
Hoofdstuk één van Daniël vertegenwoordigt de boodschap van de eerste engel, en evenals alle profetische wegmarkeringen van de boodschappen van alle drie de engelen vertegenwoordigd zijn in de boodschap van de eerste engel van Openbaring hoofdstuk veertien, zo zijn ook alle profetische wegmarkeringen van alle drie de boodschappen vertegenwoordigd in Daniël, hoofdstuk één. Die elementen zijn het drievoudige beproevingsproces, dat in Daniël hoofdstuk één een beproeving inzake de spijswetten vertegenwoordigt, waarop een visuele beproeving volgt, die leidt tot een lakmoesproef. Hoofdstuk één vertegenwoordigt, wanneer het in relatie tot de hoofdstukken twee en drie wordt beschouwd, de beproeving inzake de spijswetten, en hoofdstuk twee de visuele beproeving, en hoofdstuk drie de lakmoesproef. De boodschappen van de drie engelen van Openbaring veertien, en Daniël hoofdstukken één tot en met drie, leveren vier getuigen voor het drievoudige beproevingsproces.
Chapters four and five of Daniel represent a very profound line of prophetic history. The line produced by those two chapters, contains at least six distinct prophetic lines. One of those prophetic lines, begins in the year 723 BC, and continues through to the Sunday law. Another of the six lines represents the history of 1798, through to the Sunday law, and in that line, three lines of prophecy are simultaneously represented; the line of the earth beast (the United States), then the line of the Protestant horn and also the line of the Republican horn. Together they establish a fifth line in the beginning of the prophetic line of the United States. That line marks the unsealing of chapters seven, eight and nine of Daniel in 1798. At the ending of the prophetic line of the United States, a sixth line is produced, which marks the unsealing of chapters ten, eleven and twelve in 1989.
De hoofdstukken vier en vijf van Daniël vormen een zeer diepgaande lijn van profetische geschiedenis. De lijn die door deze twee hoofdstukken wordt voortgebracht, omvat ten minste zes onderscheiden profetische lijnen. Een van die profetische lijnen begint in het jaar 723 v.Chr. en loopt door tot aan de zondagswet. Een andere van de zes lijnen vertegenwoordigt de geschiedenis vanaf 1798 tot aan de zondagswet, en in die lijn worden gelijktijdig drie profetische lijnen voorgesteld: de lijn van het beest uit de aarde (de Verenigde Staten), vervolgens de lijn van de protestantse hoorn en ook de lijn van de Republikeinse hoorn. Samen vestigen zij een vijfde lijn aan het begin van de profetische lijn van de Verenigde Staten. Die lijn markeert de ontzegeling van Daniël, hoofdstukken zeven, acht en negen, in 1798. Aan het einde van de profetische lijn van de Verenigde Staten wordt een zesde lijn voortgebracht, die de ontzegeling van de hoofdstukken tien, elf en twaalf in 1989 markeert.
The beginning of the prophetic line of the earth beast, as represented by Daniel chapter four, is marked by the symbol of the “seven times,” and the ending of the prophetic line of the earth beast is also marked by the symbol of the “seven times.” The beginning and ending of the period of history that is represented by the unsealing of chapters seven, eight and nine is also marked by the symbol of the “seven times.” The beginning and ending of the period of history that is represented by the unsealing of Daniel chapters ten, eleven and twelve is also marked by the “seven times.”
Het begin van de profetische lijn van het beest uit de aarde, zoals voorgesteld in Daniël hoofdstuk vier, wordt gemarkeerd door het symbool van de „zeven tijden”, en ook het einde van de profetische lijn van het beest uit de aarde wordt gemarkeerd door het symbool van de „zeven tijden”. Het begin en het einde van de historische periode die wordt voorgesteld door de ontzegeling van de hoofdstukken zeven, acht en negen, wordt eveneens gemarkeerd door het symbool van de „zeven tijden”. Het begin en het einde van de historische periode die wordt voorgesteld door de ontzegeling van Daniël hoofdstukken tien, elf en twaalf, wordt eveneens gemarkeerd door de „zeven tijden”.
The ending of the period of history that began when Daniel chapters seven, eight and nine were unsealed at “the time of the end” in 1798, was 1863. The beginning of the period of history that began when Daniel chapters ten, eleven and twelve was unsealed at “the time of the end” was 1989. From 1863, to 1989 equates to one hundred and twenty-six years. One hundred and twenty-six years is a tenth, or a tithe, of twelve hundred and sixty years. The number one hundred and twenty-six is therefore a symbol of the twelve hundred and sixty years, that represent the “wilderness,” which in turn is a symbol of the twenty-five hundred and twenty years of the “seven times.”
Het einde van de periode van de geschiedenis die begon toen Daniël hoofdstuk zeven, acht en negen werden ontsloten ten tijde van „het einde” in 1798, was 1863. Het begin van de periode van de geschiedenis die aanving toen Daniël hoofdstuk tien, elf en twaalf werden ontsloten ten tijde van „het einde”, was 1989. Van 1863 tot 1989 is gelijk aan honderdzesentwintig jaar. Honderdzesentwintig jaar is een tiende, of een tiendegave, van twaalfhonderdzestig jaar. Het getal honderdzesentwintig is daarom een symbool van de twaalfhonderdzestig jaar, die de „woestijn” vertegenwoordigen, welke op haar beurt een symbool is van de tweeduizend vijfhonderdtwintig jaar van de „zeven tijden.”
This reality identifies that in the history of the earth beast, in the movement of the first angel at the beginning, and then at the movement of the third angel at the ending, are both marked at their beginnings and endings with the “seven times.” And the period of time between those two movements which binds them together is also represented by the “seven times.”
Deze werkelijkheid maakt duidelijk dat in de geschiedenis van het beest uit de aarde, in de beweging van de eerste engel aan het begin, en vervolgens in de beweging van de derde engel aan het einde, beide zowel in hun begin als in hun einde gemarkeerd zijn door de „zeven tijden”. En de tijdsperiode tussen die twee bewegingen, die hen met elkaar verbindt, wordt eveneens voorgesteld door de „zeven tijden”.
Without applying the biblical methodology of “line upon line,” this type of revelation is impossible to see and understand, for without that methodology the sealed book, could be given to one who was educated in the art of theology, and then he could be asked for an explanation of what the book that was sealed meant. His pride of opinion would lead him to point out that the sealed book cannot be understood, for it was sealed. You could then take that sealed book and give it to one of the flock that is controlled and neutered by that enlightened one, and the flock that has become comfortable dining on the theologian’s dishes of fables, would decline from making an application of the sealed book, for they know full well that only those that are members of the theological Sanhedrin have been appointed to decide what truth is.
Zonder de bijbelse methode van „regel op regel” toe te passen, is dit soort openbaring onmogelijk te zien en te begrijpen; want zonder die methode zou het verzegelde boek aan iemand kunnen worden gegeven die onderwezen was in de kunst van de theologie, en vervolgens zou hem om een verklaring kunnen worden gevraagd van wat het verzegelde boek betekende. De trots van zijn eigen inzicht zou hem ertoe brengen erop te wijzen dat het verzegelde boek niet begrepen kan worden, want het was verzegeld. Men zou dan dat verzegelde boek kunnen nemen en het geven aan iemand uit de kudde die door die verlichte wordt beheerst en gecastreerd, en de kudde, die zich op haar gemak is gaan voelen bij het zich voeden met de schotels vol fabels van de theoloog, zou ervan afzien het verzegelde boek toe te passen, want zij weet maar al te goed dat alleen zij die lid zijn van het theologische Sanhedrin zijn aangesteld om te beslissen wat waarheid is.
“‘Stay yourselves, and wonder, cry ye out, and cry; they are drunken but not with wine; they stagger; but not with strong drink. For the Lord hath poured out upon you the spirit of deep sleep, and hath closed your eyes; the prophets and your rulers, the seers hath he covered. And the vision of all is become unto you as the words of a book that is sealed, which men delivered to one that is learned saying, read this, I pray thee; and he saith, I am not learned.’
“‘Verstomt u en verbaast u, roept het uit en schreeuwt; zij zijn dronken, maar niet van wijn; zij wankelen, maar niet van sterke drank. Want de Heere heeft over u uitgegoten de geest van diepe slaap en heeft uw ogen toegesloten; de profeten en uw oversten, de zieners, heeft Hij bedekt. En het gezicht van dit alles is voor u geworden als de woorden van een verzegeld boek, dat men geeft aan iemand die geleerd is, met de woorden: Lees dit toch; en hij zegt: Ik ben niet geleerd.’”
“‘Wherefore the Lord saith, Forasmuch as this people draw near me with their mouths, and with their lips do honor me, but have removed their hearts afar from me, and their fear toward me is taught by the precept of men; therefore, behold, I will proceed to do a marvelous work, and a wonder for the wisdom of their wise men shall perish, and the understanding of their prudent men shall be hid. Woe unto them that seek deep to hide their counsel from the Lord, and their works are in the dark, and they say, Who seeth us, and who knoweth us? Surely your turning of things upside down shall be esteemed as the potters clay; for shall the work say of him that made it, He made me not, or shall the thing framed say of him that framed it, He had no understanding?’
„Daarom zegt de Heere: Omdat dit volk tot Mij nadert met zijn mond en Mij eert met zijn lippen, maar zijn hart ver van Mij houdt, en hun vreze voor Mij een aangeleerd gebod van mensen is; daarom, zie, Ik zal wederom wonderlijk handelen met dit volk, wonderbaarlijk en wonderlijk; want de wijsheid van zijn wijzen zal vergaan, en het verstand van zijn verstandigen zal verborgen worden. Wee hun die diep graven om hun raad voor de Heere te verbergen, wier werken in de duisternis zijn, en die zeggen: Wie ziet ons, en wie kent ons? O, uw omkering van de dingen zal geacht worden als leem in de hand van de pottenbakker; want zal het maaksel van hem die het gemaakt heeft zeggen: Hij heeft mij niet gemaakt? Of zal het gevormde van hem die het gevormd heeft zeggen: Hij heeft geen verstand?”
“Every word of this will be fulfilled. There are those who do not humble their hearts before God, and who will not walk uprightly. They hide their true purposes, and keep in fellowship with the fallen angel, who loveth and maketh a lie. The enemy puts spirit upon the men whom he can use to deceive those who are partially in the dark. Some are becoming imbued with the darkness that prevails, and are setting the truth aside for error. The day pointed out by prophecy is come. Jesus Christ is not understood. Jesus Christ is to them a fable. At this stage of the earth’s history, many act like drunken men. ‘Stay yourselves, and wonder; cry ye out, and cry; they are drunken, but not with wine; they stagger, but not with strong drink. For the Lord hath poured out upon you the spirit of deep sleep, and hath closed your eyes. The prophets and your rulers, the seers hath he covered.’ A spiritual drunkenness is upon many who suppose they are the people who shall be exalted. Their religious faith is just as is represented in this Scripture. Under its influence, they cannot walk straight. They make crooked paths in their course of action. One and then another, they reel to and fro. They are looked upon by the Lord with great pity. The way of truth they have not known. They are scientific schemers, and those who could and should have helped, because of a clear spiritual eyesight, are themselves deceived, and are sustaining an evil work.
„Elk woord hiervan zal vervuld worden. Er zijn er die hun hart niet voor God vernederen en die niet oprecht willen wandelen. Zij verbergen hun ware bedoelingen en blijven in gemeenschap met de gevallen engel, die de leugen liefheeft en doet. De vijand legt zijn geest op de mensen die hij kan gebruiken om hen te misleiden die gedeeltelijk in duisternis verkeren. Sommigen raken doordrongen van de duisternis die heerst en schuiven de waarheid terzijde voor dwaling. De door de profetie aangewezen dag is gekomen. Jezus Christus wordt niet begrepen. Jezus Christus is voor hen een fabel. In dit stadium van de geschiedenis der aarde handelen velen als dronken mensen. ‘Staat stil en verwondert u; roept uit en schreeuwt; zij zijn dronken, maar niet van wijn; zij wankelen, maar niet van sterke drank. Want de HEERE heeft over u uitgestort een geest van diepe slaap, en Hij heeft uw ogen gesloten. De profeten en uw oversten, de zieners, heeft Hij bedekt.’ Een geestelijke dronkenschap rust op velen die menen dat zij het volk zijn dat verhoogd zal worden. Hun godsdienstig geloof is precies zoals het in dit Schriftwoord wordt voorgesteld. Onder zijn invloed kunnen zij niet recht wandelen. Zij maken kromme paden in hun handelwijze. De een na de ander wankelt heen en weer. De Heere ziet hen aan met groot medelijden. De weg der waarheid hebben zij niet gekend. Het zijn wetenschappelijke intriganten, en zij die hadden kunnen en moeten helpen vanwege een helder geestelijk gezichtsvermogen, zijn zelf misleid en ondersteunen een boos werk.
“The developments of these last days will soon become decided. When these spiritualistic deceptions are revealed to be what they really are,—the secret workings of evil spirits,—those who have acted a part in them will become as men who have lost their minds.
“De ontwikkelingen van deze laatste dagen zullen spoedig een besliste vorm aannemen. Wanneer deze spiritistische misleidingen geopenbaard worden als wat zij werkelijk zijn,—de verborgen werkingen van boze geesten,—zullen zij die daarin een rol hebben gespeeld, worden als mensen die hun verstand hebben verloren.
“‘Wherefore the Lord saith, Forasmuch as this people draw near me with their mouth, and with their lips do honor me, but have removed their hearts far from me, and their fear toward me is taught by the precept of men therefore, behold I will proceed to do a marvelous work among this people, even a marvelous work and a wonder for the wisdom of their wise men shall perish, and the understanding of their prudent men shall be hid. Woe unto them that seek deep to hide their counsel from the Lord, and their works are in the dark, and they say, who seeth us, and who knoweth us? Surely your turning of things upside down shall be esteemed as the potter’s clay; for shall the work say of him that made it, He made me not? or shall the thing framed say of him that framed it. He had no understanding?’
„Daarom zegt de Heere: Omdat dit volk tot Mij nadert met zijn mond en Mij eert met zijn lippen, maar zijn hart ver van Mij houdt, en hun vreze voor Mij hun geleerd is naar het gebod van mensen, daarom, zie, zal Ik voortgaan onder dit volk een wonderlijk werk te doen, ja, een wonderlijk werk en een wonder; want de wijsheid van zijn wijzen zal vergaan, en het verstand van zijn verstandigen zal verborgen worden. Wee hun die diep graven om hun raad voor de Heere te verbergen, en wier werken in de duisternis zijn, en die zeggen: Wie ziet ons, en wie kent ons? O zeker, uw omkering der dingen zal geacht worden als de klei van de pottenbakker; want zal het maaksel van hem die het gemaakt heeft, zeggen: Hij heeft mij niet gemaakt? of zal het geformeerde van hem die het geformeerd heeft, zeggen: Hij had geen verstand?”
“It is presented to me that in our experience we have been and are meeting this very condition of things. Men who have had great light and wonderful privileges have taken the word of leaders who think themselves wise, who have been greatly favored and blessed by the Lord, but who have taken themselves out of the hands of God and placed themselves in the ranks of the enemy. The world is to be flooded with specious fallacies. One human mind, accepting these fallacies, will work upon other human minds, who have been turning the precious evidence of God’s truth into a lie. These men will be deceived by fallen angels, when they should have stood as faithful guardians, watching for souls, as they that must give an account. They have laid down the weapons of their warfare, and have given heed to seducing spirits. They make of no effect the counsel of God and set aside his warnings and reproofs, and are positively on Satan’s side, giving heed to seducing spirits and doctrines of devils.
“Mij wordt voorgesteld dat wij in onze ervaring juist deze toestand der dingen hebben ontmoet en ontmoeten. Mannen die groot licht en wonderbare voorrechten hebben gehad, hebben het woord aangenomen van leiders die zich wijs achten, die door de Heere zeer zijn begunstigd en gezegend, maar die zich aan de handen van God hebben onttrokken en zich in de gelederen van de vijand hebben geplaatst. De wereld zal overstroomd worden met schijnbaar aannemelijke drogredenen. Het ene menselijke verstand, dat deze drogredenen aanneemt, zal inwerken op andere menselijke geesten, die het kostbare bewijs van Gods waarheid in een leugen hebben veranderd. Deze mannen zullen door gevallen engelen worden misleid, terwijl zij hadden moeten staan als getrouwe wachters, wakende over zielen als degenen die rekenschap moeten geven. Zij hebben de wapenen van hun strijd neergelegd en acht geslagen op verleidende geesten. Zij stellen de raad van God krachteloos en schuiven Zijn waarschuwingen en bestraffingen terzijde, en staan daadwerkelijk aan de zijde van Satan, acht slaande op verleidende geesten en leringen van duivelen.
“Spiritual drunkenness is now upon men who ought not to be staggering as men under the influence of strong drink. Crimes and irregularities, fraud, deceit, and unfair dealing fill the world, in accordance with the teaching of the leader who rebelled in the heavenly courts.
„Geestelijke dronkenschap is nu over mensen gekomen die niet zouden moeten wankelen als mensen onder de invloed van sterke drank. Misdaden en ongeregeldheden, bedrog, misleiding en oneerlijke handel vullen de wereld, overeenkomstig de leer van de leider die in de hemelse hoven in opstand kwam.״
“History is to be repeated. I could specify what will be in the near future, but the time is not yet. The forms of the dead will appear, through the cunning device of Satan, and many will link up with the one who loveth and maketh a lie. I warn our people that right among us some will turn away from the faith, and give heed to seducing spirits and doctrines of devils, and by them the truth will be evil spoken of.” Battle Creek Letters, 123–125.
„De geschiedenis zal zich herhalen. Ik zou kunnen aangeven wat er in de nabije toekomst zal zijn, maar de tijd is nog niet gekomen. De gestalten van de doden zullen verschijnen, door het listige kunstgreep van Satan, en velen zullen zich verbinden met hem die de leugen liefheeft en doet. Ik waarschuw ons volk dat midden onder ons sommigen van het geloof zullen afwijken en acht zullen geven op verleidende geesten en leringen van demonen, en door hen zal kwaad van de waarheid gesproken worden.” Battle Creek Letters, 123–125.
Daniel chapter one, representing the message of the first angel of Revelation fourteen, aligns with the beginning history of the earth beast. Daniel chapters one, two and three representing the messages of all three angels in Revelation fourteen, aligns with the ending of the United States. Nebuchadnezzar represents the history of the first angel, and the first chapter of Daniel. Belshazzar represents the history of the third angel, and the first three chapters of Daniel.
Daniël hoofdstuk één, dat de boodschap van de eerste engel van Openbaring veertien voorstelt, komt overeen met de beginfase van de geschiedenis van het beest uit de aarde. Daniël hoofdstukken één, twee en drie, die de boodschappen van alle drie de engelen in Openbaring veertien voorstellen, komen overeen met het einde van de Verenigde Staten. Nebukadnezar vertegenwoordigt de geschiedenis van de eerste engel en het eerste hoofdstuk van Daniël. Belsazar vertegenwoordigt de geschiedenis van de derde engel en de eerste drie hoofdstukken van Daniël.
“To the last ruler of Babylon, as in type to its first, had come the sentence of the divine Watcher: ‘O king, . . . to thee it is spoken; The kingdom is departed from thee.’ Daniel 4:31.” Prophets and Kings, 533.
‘Tot de laatste heerser van Babylon was, evenals in type tot de eerste, het vonnis van de goddelijke Waker gekomen: “O koning, … tot u wordt gesproken: Het koninkrijk is van u geweken.” Daniël 4:31.’ Profeten en Koningen, 533.
We will continue our study of Nebuchadnezzar and Belshazzar in the next article.
Wij zullen onze studie van Nebukadnezar en Belsazar in het volgende artikel voortzetten.
“Belshazzar, awed by this representation of God’s power, showing that they had a witness, though they knew it not, had had great opportunities of knowing the works of the living God, and His power, and of doing His will. He had been privileged with much light. His grandfather, Nebuchadnezzar, had been warned of his danger in forgetting God and glorifying himself. Belshazzar had a knowledge of his banishment from the society of men, and his association with the beasts of the field; and these facts, which ought to have been a lesson to him, he disregarded, as if they had never occurred; and he went on repeating the sins of his grandfather. He dared to commit the crimes which brought God’s judgments upon Nebuchadnezzar. He was condemned, not alone that he himself was doing wickedly, but that he had not availed himself of opportunities and capabilities, if cultivated, of being right.” Testimonies to Ministers, 436.
„Belsazar, ontzag vervuld door deze openbaring van Gods macht, die toonde dat zij een Getuige hadden, hoewel zij het niet wisten, had grote gelegenheden gehad om de werken van de levende God en Zijn macht te leren kennen en Zijn wil te doen. Hem was veel licht geschonken. Zijn grootvader, Nebukadnezar, was gewaarschuwd voor het gevaar God te vergeten en zichzelf te verheerlijken. Belsazar had kennis van zijn verbanning uit de gemeenschap der mensen en van zijn omgang met de dieren van het veld; en deze feiten, die voor hem tot een les hadden moeten zijn, sloeg hij in de wind alsof zij nooit hadden plaatsgevonden; en hij ging voort de zonden van zijn grootvader te herhalen. Hij waagde het de misdaden te bedrijven die Gods oordelen over Nebukadnezar hadden gebracht. Hij werd veroordeeld, niet alleen omdat hij zelf goddeloos handelde, maar ook omdat hij geen gebruik had gemaakt van de gelegenheden en bekwaamheden die, indien ontwikkeld, hem in staat zouden hebben gesteld recht te handelen.” Testimonies to Ministers, 436.