The line of prophecy identifying when the United States forms an image to and of the beast occurs when the horn of Protestantism is forming the image of Christ. That formation is specifically identified in Daniel chapter ten, when Daniel beholds the causative looking-glass “marah,” vision. Daniel represents those who behold Christ, and in so doing they reflect Christ’s character. The one hundred and forty-four thousand, who are represented by Daniel in chapter ten, form the image of Christ within, only as they behold His character. By beholding they become changed.
De profetische lijn die aangeeft wanneer de Verenigde Staten een beeld voor en van het beest vormen, doet zich voor wanneer de hoorn van het protestantisme het beeld van Christus vormt. Die vorming wordt specifiek aangeduid in Daniël hoofdstuk tien, wanneer Daniël het oorzakelijke spiegelglas, “marah”, visioen aanschouwt. Daniël vertegenwoordigt hen die Christus aanschouwen, en daardoor weerspiegelen zij het karakter van Christus. De honderd vierenveertigduizend, die door Daniël in hoofdstuk tien worden voorgesteld, vormen het beeld van Christus vanbinnen slechts terwijl zij Zijn karakter aanschouwen. Door te aanschouwen worden zij veranderd.
The image of the beast reflects the beast, and the formation of the image of the beast is the great test for the people of God, by which their eternal destiny will be decided. When the Protestant churches take control of the government of the United States, they will have formed an image of the church and state system that identifies the structure of control which the papal power employed before the political support was removed. In the same period of time the image of Christ will be produced in His last day people. Yet, there were those that were with Daniel who saw not the vision, for they fled from the vision. They failed the test of the formation of the image of the beast, by refusing to allow the image of Christ to be formed within them during the testing time.
Het beeld van het beest weerspiegelt het beest, en de vorming van het beeld van het beest is de grote beproeving voor het volk van God, waardoor hun eeuwige bestemming zal worden beslist. Wanneer de protestantse kerken de regering van de Verenigde Staten in hun macht krijgen, zullen zij een beeld hebben gevormd van het stelsel van kerk en staat dat de structuur van heerschappij kenmerkt welke de pauselijke macht hanteerde voordat de politieke steun werd weggenomen. In dezelfde tijdsperiode zal het beeld van Christus worden voortgebracht in Zijn volk van de laatste dagen. Toch waren er onder hen die met Daniël waren, die het gezicht niet zagen, want zij vluchtten voor het gezicht. Zij faalden in de beproeving van de vorming van het beeld van het beest, doordat zij weigerden toe te laten dat het beeld van Christus tijdens de tijd van beproeving in hen werd gevormd.
The spiritual principle of reflection is accomplished by looking into a mirror that represents Christ and because the “marah” vision is a causative vision, the image of Christ in the mirror, produces the image of Christ in humanity. A literal mirror reflects the image of the man who looks at the mirror, but the spiritual application of the principle has variables associated with the mirror. Those who are simply a “hearer of the word, and not a doer,” “beholdeth himself, and goeth his way, and straightway forgetteth what manner of man he was.” They look to the mirror and only see humanity.
Het geestelijke beginsel van weerspiegeling wordt verwezenlijkt door te kijken in een spiegel die Christus vertegenwoordigt; en omdat het visioen van de “marah” een oorzakelijk visioen is, brengt het beeld van Christus in de spiegel het beeld van Christus in de mensheid voort. Een letterlijke spiegel weerkaatst het beeld van de man die in de spiegel kijkt, maar in de geestelijke toepassing van het beginsel zijn er variabelen die met de spiegel samenhangen. Zij die slechts een “hoorder des woords, en niet een dader” zijn, “beschouwt zichzelf, en gaat zijns weegs, en vergeet terstond hoedanig mens hij was.” Zij zien in de spiegel en zien slechts de mensheid.
The other class who are “not a forgetful hearer, but a doer of the work” see the law of God, they see Christ in the mirror. The work is to understand that the principle of reflection has a “natural” reality and a spiritual reality. Daniel illustrates those who did the “work,” for in chapters nine and ten he illustrates the work that produces the spiritual principle of reflection.
De andere groep, die „geen vergeetachtige hoorder is, maar een dader van het werk”, ziet de wet van God; zij ziet Christus in de spiegel. Het werk bestaat hierin dat men begrijpt dat het beginsel van de weerspiegeling zowel een „natuurlijke” werkelijkheid als een geestelijke werkelijkheid heeft. Daniël is een illustratie van hen die het „werk” deden, want in de hoofdstukken negen en tien beeldt hij het werk uit dat het geestelijke beginsel van de weerspiegeling voortbrengt.
In those days I Daniel was mourning three full weeks. I ate no pleasant bread, neither came flesh nor wine in my mouth, neither did I anoint myself at all, till three whole weeks were fulfilled. Daniel 10:1, 2.
In die dagen bedreef ik, Daniël, drie volle weken rouw. Aangenaam brood at ik niet, vlees noch wijn kwam in mijn mond, en ik zalfde mij in het geheel niet, totdat drie volle weken vervuld waren. Daniël 10:1, 2.
Gabriel had given a partial interpretation of the vision of chapter eight to Daniel, but Daniel had not understood it all.
Gabriël had Daniël een gedeeltelijke uitleg gegeven van het visioen van hoofdstuk acht, maar Daniël had het niet volledig begrepen.
And I Daniel fainted, and was sick certain days; afterward I rose up, and did the king’s business; and I was astonished at the vision, but none understood it. Daniel 8:27.
En ik, Daniël, bezweek en was enige dagen ziek; daarna stond ik op en verrichtte de zaken van de koning; en ik was ontzet over het gezicht, maar niemand begreep het. Daniël 8:27.
Sister White informs us that Daniel was seeking to understand the interpretation of the message of Daniel chapter eight which Gabriel had brought to Daniel in chapter nine.
Zuster White deelt ons mee dat Daniël trachtte de uitleg te verstaan van de boodschap uit Daniël hoofdstuk acht, die Gabriël in hoofdstuk negen tot Daniël had gebracht.
“With a new and deeper earnestness, Miller continued the examination of the prophecies, whole nights as well as days being devoted to the study of what now appeared of such stupendous importance and all-absorbing interest. In the eighth chapter of Daniel he could find no clue to the starting point of the 2300 days; the angel Gabriel, though commanded to make Daniel understand the vision, gave him only a partial explanation. As the terrible persecution to befall the church was unfolded to the prophet’s vision, physical strength gave way. He could endure no more, and the angel left him for a time. Daniel ‘fainted, and was sick certain days.’ ‘And I was astonished at the vision,’ he says, ‘but none understood it.’
‘Met een nieuwe en diepere ernst zette Miller het onderzoek van de profetieën voort, waarbij zowel hele nachten als dagen werden gewijd aan de studie van wat nu van zulk een ontzagwekkend belang en alles in beslag nemende betekenis scheen te zijn. In het achtste hoofdstuk van Daniël kon hij geen aanwijzing vinden voor het beginpunt van de 2300 dagen; de engel Gabriël, hoewel opgedragen Daniël het visioen te doen verstaan, gaf hem slechts een gedeeltelijke verklaring. Toen de verschrikkelijke vervolging die de kerk zou treffen aan het profetisch gezicht werd ontvouwd, begaf de lichamelijke kracht het. Hij kon niet meer verdragen, en de engel verliet hem voor een tijd. Daniël ‘bezwijmde, en was enige dagen krank.’ ‘Ook was ik over het gezicht ontzet,’ zegt hij, ‘en niemand merkte het op.’’
“Yet God had bidden His messenger: ‘Make this man to understand the vision.’ That commission must be fulfilled. In obedience to it, the angel, sometime afterward, returned to Daniel, saying: ‘I am now come forth to give thee skill and understanding;’ ‘therefore understand the matter, and consider the vision.’ Daniel 8:27, 16; 9:22, 23, 25–27. There was one important point in the vision of chapter 8 which had been left unexplained, namely, that relating to time—the period of the 2300 days; therefore the angel, in resuming his explanation, dwells chiefly upon the subject of time.” The Great Controversy, 325.
“Toch had God Zijn boodschapper bevolen: ‘Doe deze man het gezicht verstaan.’ Die opdracht moest worden vervuld. In gehoorzaamheid daaraan keerde de engel enige tijd later tot Daniël terug en zei: ‘Ik ben nu uitgegaan om u inzicht en verstand te geven;’ ‘versta dan de zaak en let op het gezicht.’ Daniël 8:27, 16; 9:22, 23, 25–27. Er was één belangrijk punt in het gezicht van hoofdstuk 8 dat onverklaard was gebleven, namelijk dat wat betrekking had op de tijd — de periode van de 2300 dagen; daarom staat de engel, wanneer hij zijn verklaring hervat, voornamelijk stil bij het onderwerp van de tijd.” De Grote Strijd, 325.
In chapter ten we are informed that Daniel had understanding of the “vision” and the “thing,” but Daniel wanted more light, so he set his heart to find that understanding and he fasted for twenty-one days. In so doing he represents those of the last days who understand the spiritual principle of reflection that is typified by the natural principle of reflection. That understanding is illustrated by their works, and their works are represented by Daniel as seeking a correct understanding of God’s prophetic word. The obvious contrast of those who fled from the vision, is that they were not seeking for a correct understanding of God’s prophetic word.
In hoofdstuk tien wordt ons meegedeeld dat Daniël inzicht had in het „gezicht” en in de „zaak”, maar Daniël verlangde naar meer licht; daarom zette hij zijn hart erop dit inzicht te verkrijgen en vastte hij eenentwintig dagen. Daarmee vertegenwoordigt hij hen van de laatste dagen die het geestelijke beginsel van weerspiegeling verstaan, dat door het natuurlijke beginsel van weerspiegeling wordt uitgebeeld. Dat inzicht wordt geïllustreerd door hun werken, en hun werken worden door Daniël voorgesteld als het zoeken naar een juist begrip van Gods profetische woord. Het duidelijke contrast met hen die van het gezicht wegvluchtten, is dat zij niet zochten naar een juist begrip van Gods profetische woord.
The truth of God’s prophetic word that Daniel is represented as hungering to understand is the light of the last days, for Daniel typifies the one hundred and forty-four thousand. Daniel is therefore representing a class who are seeking to understand the light of God’s prophetic word that is represented as the final test before probation closes. In this regard, it is the Revelation of Jesus Christ that is unsealed just before probation closes, but it is also the test that is represented as the formation of the image of the beast.
De waarheid van Gods profetisch woord, waarvan Daniel wordt voorgesteld als ernaar te hongeren haar te begrijpen, is het licht van de laatste dagen, want Daniel is een type van de honderd vierenveertigduizend. Daniel vertegenwoordigt daarom een klasse die tracht het licht van Gods profetisch woord te begrijpen, dat wordt voorgesteld als de laatste beproeving voordat de genadetijd sluit. In dit opzicht is het de Openbaring van Jezus Christus die kort vóór het sluiten van de genadetijd wordt ontsloten, maar het is tevens de beproeving die wordt voorgesteld als de vorming van het beeld van het beest.
The formation of the image of the beast is directly identifying the process of how the image of the beast is developed. That reality cannot be correctly determined without first identifying the primary subject of the test, the beast. It is the beast that establishes and identifies how the image is formed.
De vorming van het beeld van het beest duidt rechtstreeks het proces aan waardoor het beeld van het beest tot stand komt. Die werkelijkheid kan niet juist worden vastgesteld zonder eerst het primaire onderwerp van de toets te identificeren, namelijk het beest. Het is het beest dat vaststelt en bepaalt hoe het beeld wordt gevormd.
“But what is the ‘image to the beast’? and how is it to be formed? The image is made by the two-horned beast, and is an image to the beast. It is also called an image of the beast. Then to learn what the image is like and how it is to be formed we must study the characteristics of the beast itself—the papacy.
„Maar wat is het ‘beeld van het beest’? en hoe moet het worden gevormd? Het beeld wordt gemaakt door het beest met de twee horens, en is een beeld van het beest. Het wordt ook een beeld van het beest genoemd. Om dan te leren hoe het beeld eruitziet en hoe het moet worden gevormd, moeten wij de kenmerken van het beest zelf bestuderen — het pausdom.
“When the early church became corrupted by departing from the simplicity of the gospel and accepting heathen rites and customs, she lost the Spirit and power of God; and in order to control the consciences of the people, she sought the support of the secular power. The result was the papacy, a church that controlled the power of the state and employed it to further her own ends, especially for the punishment of ‘heresy.’ In order for the United States to form an image of the beast, the religious power must so control the civil government that the authority of the state will also be employed by the church to accomplish her own ends.” The Great Controversy, 443.
„Toen de vroege kerk verdorven raakte door af te wijken van de eenvoud van het evangelie en heidense riten en gebruiken te aanvaarden, verloor zij de Geest en de kracht van God; en om de gewetens van het volk te beheersen, zocht zij de steun van de wereldlijke macht. Het resultaat was het pausdom, een kerk die de macht van de staat beheerste en die gebruikte om haar eigen doeleinden te bevorderen, in het bijzonder voor de bestraffing van ‘ketterij’. Opdat de Verenigde Staten een beeld van het beest zouden vormen, moet de religieuze macht de burgerlijke overheid zó beheersen dat ook het gezag van de staat door de kerk zal worden aangewend om haar eigen doeleinden te verwezenlijken.” The Great Controversy, 443.
In order “to learn what the image is like and how it is to be formed we must study the characteristics of the beast itself—the papacy.” It is the beast that establishes the vision that is the test of the last days that is brought about just before probation closes. Daniel understood the vision and the thing.
Om te weten „hoe het beeld eruitziet en hoe het gevormd moet worden, moeten wij de kenmerken van het beest zelf bestuderen — het pausdom.” Het is het beest dat het visioen vaststelt dat de beproeving van de laatste dagen is, die tot stand wordt gebracht vlak voordat de genadetijd sluit. Daniël begreep het visioen en de zaak.
In the third year of Cyrus king of Persia a thing was revealed unto Daniel, whose name was called Belteshazzar; and the thing was true, but the time appointed was long: and he understood the thing, and had understanding of the vision. Daniel 10:1.
In het derde jaar van Kores, de koning van Perzië, werd aan Daniël, wiens naam Beltsazar genoemd werd, een zaak geopenbaard; en de zaak was waar, maar de vastgestelde tijd was lang; en hij verstond de zaak en had inzicht in het gezicht. Daniël 10:1.
The vision is the “mareh” vision of the twenty-three hundred years. The “thing” is the Hebrew word “dabar,” meaning “word.” The same word (“dabar”) which is translated as “thing” in verse one is translated as “matter” in chapter nine verse twenty-three.
Het gezicht is het „mareh”-gezicht van de tweeduizend driehonderd jaren. Het „ding” is het Hebreeuwse woord „dabar”, dat „woord” betekent. Datzelfde woord („dabar”), dat in vers één met „ding” is vertaald, is in hoofdstuk negen, vers drieëntwintig met „zaak” vertaald.
Yea, whiles I was speaking in prayer, even the man Gabriel, whom I had seen in the vision at the beginning, being caused to fly swiftly, touched me about the time of the evening oblation. And he informed me, and talked with me, and said, O Daniel, I am now come forth to give thee skill and understanding. At the beginning of thy supplications the commandment came forth, and I am come to show thee; for thou art greatly beloved: therefore understand the matter, and consider the vision. Daniel 9:21–23.
Ja, terwijl ik nog sprak in het gebed, raakte de man Gabriël, die ik in het begin in het visioen had gezien, mij aan, snel vliegende, omstreeks de tijd van het avondoffer. En hij onderrichtte mij, sprak met mij en zei: O Daniël, nu ben ik uitgegaan om u inzicht en verstand te geven. Bij het begin van uw smekingen ging het woord uit, en ik ben gekomen om het u te verkondigen; want gij zijt zeer bemind. Versta dan de zaak en let op het visioen. Daniël 9:21–23.
Gabriel comes to Daniel in response to Daniel’s prayer, which is associated with the enlightenment Daniel had received when he had understood that he was in a captivity represented by the scattering of Leviticus twenty-six.
Gabriël komt tot Daniël als antwoord op Daniëls gebed, dat samenhangt met de verlichting die Daniël had ontvangen toen hij begreep dat hij zich bevond in een gevangenschap die werd voorgesteld door de verstrooiing van Leviticus zesentwintig.
In the first year of his reign I Daniel understood by books the number of the years, whereof the word of the Lord came to Jeremiah the prophet, that he would accomplish seventy years in the desolations of Jerusalem. Daniel 9:2.
In het eerste jaar van zijn regering, ik, Daniël, verstond uit de boeken het getal der jaren waarvan het woord des Heren tot de profeet Jeremia gekomen was, dat Hij zeventig jaren zou volbrengen over de verwoestingen van Jeruzalem. Daniël 9:2.
The captivity identified by Jeremiah led Daniel to the captivity of the “seven times” recorded by Moses, which was both an “oath” and a “curse.”
De gevangenschap die door Jeremia werd aangeduid, bracht Daniël tot de gevangenschap van de “zeven tijden” waarvan Mozes melding maakt, die zowel een “eed” als een “vloek” was.
Yea, all Israel have transgressed thy law, even by departing, that they might not obey thy voice; therefore the curse is poured upon us, and the oath that is written in the law of Moses the servant of God, because we have sinned against him. And he hath confirmed his words, which he spake against us, and against our judges that judged us, by bringing upon us a great evil: for under the whole heaven hath not been done as hath been done upon Jerusalem. As it is written in the law of Moses, all this evil is come upon us: yet made we not our prayer before the Lord our God, that we might turn from our iniquities, and understand thy truth. Daniel 9:11–13.
Ja, geheel Israël heeft uw wet overtreden door af te wijken, zodat zij uw stem niet gehoorzaamden; daarom is de vloek over ons uitgestort, en de eed die geschreven staat in de wet van Mozes, de knecht van God, omdat wij tegen Hem gezondigd hebben. En Hij heeft Zijn woorden bevestigd, die Hij tegen ons gesproken heeft, en tegen onze rechters die ons richtten, door een groot onheil over ons te brengen; want onder de ganse hemel is niet gedaan zoals gedaan is aan Jeruzalem. Gelijk geschreven staat in de wet van Mozes, is al dit onheil over ons gekomen; toch hebben wij ons gebed niet voor het aangezicht van de HEERE, onze God, gebracht, opdat wij ons van onze ongerechtigheden zouden bekeren en Uw waarheid verstaan. Daniël 9:11–13.
Upon the two witnesses of Jeremiah and Moses, Daniel understood the desolation which had been brought upon Jerusalem was “the curse” “of Moses” that had been “poured upon” ancient Israel. Sister White refers to Jeremiah’s witness as “testimonies to the church,” and in this regard it is identifying Jeremiah as the Spirit of Prophecy of the last days, for the “testimonies to the church” in the last days is this very thing. Jeremiah represents the Spirit of Prophecy and Moses represents the Bible.
Op grond van de twee getuigen van Jeremia en Mozes begreep Daniël dat de verwoesting die over Jeruzalem was gebracht, „de vloek” „van Mozes” was die over het oude Israël was „uitgestort”. Zuster White verwijst naar het getuigenis van Jeremia als „getuigenissen aan de gemeente”, en in dit opzicht duidt dit Jeremia aan als de Geest der Profetie van de laatste dagen, want de „getuigenissen aan de gemeente” in de laatste dagen zijn juist dit. Jeremia vertegenwoordigt de Geest der Profetie en Mozes vertegenwoordigt de Bijbel.
Daniel represents those of the last days that understand from those two witnesses that they have been scattered, and that understand from the Bible and Spirit of Prophecy that they have been awakened, as was Daniel to the fact that he (they) had been in captivity, and that the captivity was represented in God’s prophetic word.
Daniël vertegenwoordigt hen van de laatste dagen die uit die twee getuigen begrijpen dat zij verstrooid zijn geweest, en die uit de Bijbel en de Geest der Profetie begrijpen dat zij zijn ontwaakt, zoals Daniël tot het besef werd gebracht dat hij (zij) in gevangenschap was geweest, en dat die gevangenschap in Gods profetisch woord werd voorgesteld.
The experience of God’s last-day people is the experience of the ten virgins.
De ervaring van Gods volk in de laatste dagen is de ervaring van de tien maagden.
“The parable of the ten virgins of Matthew 25 also illustrates the experience of the Adventist people.” The Great Controversy, 393.
„De gelijkenis van de tien maagden in Mattheüs 25 illustreert eveneens de ervaring van het adventvolk.” The Great Controversy, 393.
The tarrying time of the parable of the ten virgins represents the same awakening of Daniel in chapter nine. Based upon the two sanctified witnesses Daniel realized that his entire life was a fulfillment of a specific prophecy within God’s Word. That prophecy directed Daniel to the remedy that was needed if Daniel was to be prepared for what was going to happen to him in the very next chapter. So too, when the Millerites fulfilled the parable of the ten virgins, they also had to be awakened to the fact that the first disappointment and delay had led them to fall asleep. All the prophets represent the last days.
De vertoeftijd van de gelijkenis van de tien maagden vertegenwoordigt hetzelfde ontwaken van Daniël in hoofdstuk negen. Op grond van de twee geheiligde getuigen besefte Daniël dat zijn gehele leven een vervulling was van een specifieke profetie binnen Gods Woord. Die profetie wees Daniël op het middel tot herstel dat nodig was, indien Daniël voorbereid zou zijn op wat hem in het eerstvolgende hoofdstuk zou overkomen. Evenzo moesten de Millerieten, toen zij de gelijkenis van de tien maagden vervulden, er eveneens toe worden gewekt dat de eerste teleurstelling en vertraging hen in slaap hadden doen vallen. Alle profeten vertegenwoordigen de laatste dagen.
The awakening of Daniel and the Millerites are two witnesses of an awakening of the one hundred and forty-four thousand in the last days.
Het ontwaken van Daniël en de Millerieten zijn twee getuigen van een ontwaken van de honderdvierenvijftigduizend in de laatste dagen.
“Jesus and all the heavenly host looked with sympathy and love upon those who had with sweet expectation longed to see Him whom their souls loved. Angels were hovering around them, to sustain them in the hour of their trial. Those who had neglected to receive the heavenly message were left in darkness, and God’s anger was kindled against them, because they would not receive the light which He had sent them from heaven. Those faithful, disappointed ones, who could not understand why their Lord did not come, were not left in darkness. Again they were led to their Bibles to search the prophetic periods. The hand of the Lord was removed from the figures, and the mistake was explained. They saw that the prophetic periods reached to 1844, and that the same evidence which they had presented to show that the prophetic periods closed in 1843, proved that they would terminate in 1844. Light from the Word of God shone upon their position, and they discovered a tarrying time—‘Though it [the vision] tarry, wait for it.’ In their love for Christ’s immediate coming, they had overlooked the tarrying of the vision, which was calculated to manifest the true waiting ones. Again they had a point of time. Yet I saw that many of them could not rise above their severe disappointment to possess that degree of zeal and energy which had marked their faith in 1843.” Early Writings, 236.
„Jezus en heel de hemelse heerschare zagen met medelijden en liefde neer op hen die met zoete verwachting verlangd hadden Hem te zien, Dien hun zielen liefhadden. Engelen zweefden om hen heen om hen staande te houden in het uur van hun beproeving. Degenen die hadden nagelaten de hemelse boodschap aan te nemen, werden in duisternis achtergelaten, en Gods toorn ontbrandde tegen hen, omdat zij het licht niet wilden aannemen dat Hij hun uit de hemel had gezonden. Die getrouwe, teleurgestelde mensen, die niet konden begrijpen waarom hun Heere niet kwam, werden niet in duisternis gelaten. Opnieuw werden zij naar hun Bijbels geleid om de profetische perioden te onderzoeken. De hand des Heeren werd van de cijfers weggenomen, en de vergissing werd verklaard. Zij zagen dat de profetische perioden tot 1844 reikten, en dat hetzelfde bewijs dat zij hadden aangevoerd om aan te tonen dat de profetische perioden in 1843 eindigden, bewees dat zij in 1844 zouden aflopen. Licht uit het Woord van God scheen op hun positie, en zij ontdekten een vertoevenstijd — ‘Al vertoeft zij [het gezicht], verbeid haar.’ In hun liefde voor de onmiddellijke komst van Christus hadden zij het vertoeven van het gezicht over het hoofd gezien, dat bestemd was de waarlijk wachtenden te openbaren. Opnieuw hadden zij een tijdstip. Toch zag ik dat velen van hen zich niet boven hun zware teleurstelling konden verheffen om die mate van ijver en kracht te bezitten die hun geloof in 1843 had gekenmerkt.” Early Writings, 236.
In fulfillment of the parable, the Millerites “had overlooked the tarrying of the vision,” but they were “again” “led to their Bibles to search the prophetic periods. The hand of the Lord was removed from the figures, and the mistake was explained.” Daniel was led to the Bible and the “hand of the Lord” was removed from “the prophetic periods,” and when Daniel as a doer, not simply a hearer, by active faith proved that he understood the message of Jeremiah and Moses by fulfilling the directions given in Leviticus twenty-six as well as the remedy and resolution of the scattered condition of God’s people, then the “explanation,” was given to Daniel.
Ter vervulling van de gelijkenis hadden de Millerieten „het vertoeven van het gezicht over het hoofd gezien”, maar zij werden „wederom” „tot hun Bijbels geleid om de profetische perioden te onderzoeken. De hand des Heren werd van de cijfers weggenomen, en de vergissing werd verklaard.” Daniël werd tot de Bijbel geleid en de „hand des Heren” werd van „de profetische perioden” weggenomen; en toen Daniël als een dader, niet slechts een hoorder, door actief geloof bewees dat hij de boodschap van Jeremia en Mozes verstond door de in Leviticus zesentwintig gegeven aanwijzingen te vervullen, evenals het geneesmiddel en de oplossing voor de verstrooide toestand van Gods volk, toen werd de „verklaring” aan Daniël gegeven.
When the one hundred and forty-four thousand fulfill the tarrying time of the parable in its final and most perfect fulfillment in the last days, they will do so in a period of time when the “formation of the image of the beast” is their great test.
Wanneer de honderd-vierenveertigduizend de vertoeftijd van de gelijkenis vervullen in haar laatste en meest volmaakte vervulling in de laatste dagen, zullen zij dit doen in een tijdsperiode waarin de „vorming van het beeld van het beest” hun grote beproeving is.
We will continue these thoughts in the next article.
Wij zullen deze gedachten in het volgende artikel voortzetten.
“‘When the fruit is brought forth, immediately he putteth in the sickle, because the harvest is come.’ Christ is waiting with longing desire for the manifestation of Himself in His church. When the character of Christ shall be perfectly reproduced in His people, then He will come to claim them as His own.” Christ’s Object Lessons 69.
“‘Wanneer de vrucht is voortgebracht, slaat hij terstond de sikkel erin, omdat de oogst gekomen is.’ Christus wacht met verlangend verlangen op de openbaring van Zichzelf in Zijn kerk. Wanneer het karakter van Christus volkomen in Zijn volk zal zijn gereproduceerd, dan zal Hij komen om hen als de Zijnen op te eisen.” Verhalen om te Leven, 69.
“It is the darkness of misapprehension of God that is enshrouding the world. Men are losing their knowledge of His character. It has been misunderstood and misinterpreted. At this time a message from God is to be proclaimed, a message illuminating in its influence and saving in its power. His character is to be made known. Into the darkness of the world is to be shed the light of His glory, the light of His goodness, mercy, and truth.
„Het is de duisternis van misvatting aangaande God die de wereld omhult. Mensen verliezen hun kennis van Zijn karakter. Het is verkeerd begrepen en onjuist uitgelegd. In deze tijd moet een boodschap van God worden verkondigd, een boodschap die in haar invloed verlichtend en in haar kracht reddend is. Zijn karakter moet bekendgemaakt worden. In de duisternis van de wereld moet het licht van Zijn heerlijkheid schijnen, het licht van Zijn goedheid, barmhartigheid en waarheid.
“This is the work outlined by the prophet Isaiah in the words, ‘O Jerusalem, that bringest good tidings, lift up thy voice with strength; lift it up, be not afraid; say unto the cities of Judah, Behold your God! Behold, the Lord God will come with strong hand, and His arm shall rule for Him; behold, His reward is with Him, and His work before Him.” Isaiah 40:9, 10.
‘Dit is het werk dat door de profeet Jesaja wordt uiteengezet in de woorden: “O Jeruzalem, dat goede tijding brengt, hef uw stem op met kracht; hef haar op, wees niet bevreesd; zeg tot de steden van Juda: Zie uw God! Zie, de Heere HEERE zal komen met sterke hand, en Zijn arm zal voor Hem heersen; zie, Zijn loon is bij Hem, en Zijn werk gaat voor Hem uit.” Jesaja 40:9, 10.’
“Those who wait for the Bridegroom’s coming are to say to the people, ‘Behold your God.’ The last rays of merciful light, the last message of mercy to be given to the world, is a revelation of His character of love. The children of God are to manifest His glory. In their own life and character they are to reveal what the grace of God has done for them.” Christ’s Object Lessons, 415.
“Zij die wachten op de komst van de Bruidegom, moeten tot het volk zeggen: ‘Zie, uw God.’ De laatste stralen van barmhartig licht, de laatste boodschap van genade die aan de wereld gegeven moet worden, is een openbaring van Zijn liefdeskarakter. De kinderen van God moeten Zijn heerlijkheid openbaren. In hun eigen leven en karakter moeten zij tonen wat de genade van God voor hen heeft gedaan.” Lessen uit het leven van alledag, 415.