Verse forty of Daniel eleven is one of the most profound verses in the Bible. It represents the unsealing of the book of Daniel in 1798, 1989 and 2023. The three times the book was unsealed mark the conclusion of a scattering of “seven times.” 1798 marked the conclusion of the twenty-five hundred and twenty years of scattering that began in 723 BC when Assyria carried the northern ten tribes into captivity. 1989 marked the conclusion of 126 years since the rebellion of 1863, when the Seventh-day Adventist Church officially set aside the “seven times” of Leviticus twenty-six. 2023 marked the conclusion of the three and a half days of Revelation eleven’s two witnesses being dead in the street. At the conclusion of the 2,520 years, (the 126 years and the 3½ days—all symbols of the “seven times”) the book of Daniel was unsealed.
Vers veertig van Daniël elf is een van de meest diepgaande verzen in de Bijbel. Het vertegenwoordigt de ontzegeling van het boek Daniël in 1798, 1989 en 2023. De drie momenten waarop het boek werd ontzegeld, markeren de afsluiting van een verstrooiing van „zeven tijden”. 1798 markeerde de afsluiting van de tweeduizend vijfhonderd twintig jaren van verstrooiing die begonnen in 723 v.Chr., toen Assyrië de noordelijke tien stammen in gevangenschap voerde. 1989 markeerde de afsluiting van 126 jaren sinds de opstand van 1863, toen de Kerk der Zevende-dags Adventisten officieel de „zeven tijden” van Leviticus zesentwintig terzijde stelde. 2023 markeerde de afsluiting van de drieënhalve dagen waarin de twee getuigen van Openbaring elf dood op de straat lagen. Bij de afsluiting van de 2.520 jaren, (de 126 jaren en de 3½ dagen — alle symbolen van de „zeven tijden”) werd het boek Daniël ontzegeld.
Sister White informs us that in 1798 it was needful that men be presented with the events connected with the close of probation. When she records this fact, she is identifying parallel histories, for she also represents the message of the last days as the events connected with the close of probation. Speaking of Millerite history she records:
Zuster White deelt ons mee dat het in 1798 noodzakelijk was dat de mensen de gebeurtenissen die verband hielden met het sluiten van de genadetijd, zouden worden voorgehouden. Wanneer zij dit feit vastlegt, wijst zij op parallelle geschiedenissen, want zij stelt ook de boodschap van de laatste dagen voor als de gebeurtenissen die verband houden met het sluiten van de genadetijd. Sprekend over de Milleritische geschiedenis schrijft zij:
“It was needful that men should be awakened to their danger; that they should be roused to prepare for the solemn events connected with the close of probation.” The Great Controversy, 310.
„Het was noodzakelijk dat de mensen zouden worden gewekt tot het besef van hun gevaar; dat zij zouden worden opgeroepen zich voor te bereiden op de plechtige gebeurtenissen die met het einde van de genadetijd verbonden zijn.” The Great Controversy, 310.
Speaking of the last days she records:
Sprekend over de laatste dagen schrijft zij:
“Before His crucifixion the Saviour explained to His disciples that He was to be put to death and to rise again from the tomb, and angels were present to impress His words on minds and hearts. But the disciples were looking for temporal deliverance from the Roman yoke, and they could not tolerate the thought that He in whom all their hopes centered should suffer an ignominious death. The words which they needed to remember were banished from their minds; and when the time of trial came, it found them unprepared. The death of Jesus as fully destroyed their hopes as if He had not forewarned them. So in the prophecies the future is opened before us as plainly as it was opened to the disciples by the words of Christ. The events connected with the close of probation and the work of preparation for the time of trouble, are clearly presented. But multitudes have no more understanding of these important truths than if they had never been revealed. Satan watches to catch away every impression that would make them wise unto salvation, and the time of trouble will find them unready.” The Great Controversy, 595.
„Vóór Zijn kruisiging legde de Heiland aan Zijn discipelen uit dat Hij ter dood gebracht zou worden en uit het graf zou opstaan, en engelen waren aanwezig om Zijn woorden op verstand en hart in te prenten. Maar de discipelen zagen uit naar tijdelijke verlossing van het Romeinse juk, en zij konden de gedachte niet verdragen dat Hij, op Wie al hun verwachtingen gericht waren, een smadelijke dood zou lijden. De woorden die zij zich hadden moeten herinneren, werden uit hun gedachten verbannen; en toen de tijd van beproeving kwam, trof die hen onvoorbereid aan. De dood van Jezus vernietigde hun hoop evenzeer als wanneer Hij hen niet tevoren gewaarschuwd had. Zo wordt in de profetieën de toekomst even duidelijk voor ons ontsloten als zij voor de discipelen werd ontsloten door de woorden van Christus. De gebeurtenissen die verband houden met het einde van de genadetijd en het werk van voorbereiding voor de tijd van benauwdheid, worden helder uiteengezet. Maar menigten hebben van deze gewichtige waarheden niet meer begrip dan wanneer zij nooit geopenbaard waren. Satan waakt om elke indruk weg te nemen die hen wijs zou maken tot zaligheid, en de tijd van benauwdheid zal hen onvoorbereid aantreffen.” The Great Controversy, 595.
The Millerite message was unsealed in 1798 and it presented “the events connected with the close of probation.” When speaking of the last days, she applies the history of the disciples to illustrate the fact that “the events connected with the close of probation” are what make men wise unto salvation, but are not understood. The messages that were unsealed in 1798, 1989 and 2023 were messages that identified the “events connected with the close of probation.”
De boodschap van de Millerieten werd in 1798 ontzegeld en presenteerde “de gebeurtenissen die verband houden met de sluiting van de genadetijd”. Wanneer zij spreekt over de laatste dagen, past zij de geschiedenis van de discipelen toe om het feit te illustreren dat “de gebeurtenissen die verband houden met de sluiting van de genadetijd” datgene zijn wat mensen wijs maakt tot zaligheid, maar niet wordt begrepen. De boodschappen die in 1798, 1989 en 2023 werden ontzegeld, waren boodschappen die de “gebeurtenissen die verband houden met de sluiting van de genadetijd” identificeerden.
Verse forty represents a historical line when the book of Daniel is unsealed three times. In 1798 Daniel’s vision of the Ulai River representing chapters seven through nine was unsealed. In 1989 Daniel’s vision of the Hiddekel River representing chapter ten through twelve was unsealed. In 2023 the hidden history of verse forty of Daniel eleven was unsealed.
Vers veertig vertegenwoordigt een historische lijn waarop het boek Daniël driemaal wordt ontzegeld. In 1798 werd Daniëls visioen van de rivier de Ulai, dat de hoofdstukken zeven tot en met negen vertegenwoordigt, ontzegeld. In 1989 werd Daniëls visioen van de rivier de Hiddekel, dat hoofdstuk tien tot en met twaalf vertegenwoordigt, ontzegeld. In 2023 werd de verborgen geschiedenis van vers veertig van Daniël elf ontzegeld.
The history of verse forty represents 1798 unto the Sunday law of verse forty-one, which is the history of the United States that is also the earth beast of Revelation thirteen, the false prophet of Revelation sixteen and the sixth kingdom of Bible prophecy. The same history represented in verse forty of Daniel eleven is also represented in one verse in the book of Revelation.
De geschiedenis van vers veertig loopt van 1798 tot aan de zondagwet van vers eenenveertig, hetgeen de geschiedenis is van de Verenigde Staten, die tevens het beest uit de aarde van Openbaring dertien, de valse profeet van Openbaring zestien en het zesde koninkrijk van de Bijbelse profetie zijn. Dezelfde geschiedenis die in vers veertig van Daniël elf wordt voorgesteld, wordt ook in één vers in het boek Openbaring voorgesteld.
And I beheld another beast coming up out of the earth; and he had two horns like a lamb, and he spake as a dragon. Revelation 13:11.
En ik zag een ander beest opkomen uit de aarde; en het had twee horens gelijk een lam, en het sprak als een draak. Openbaring 13:11.
This verse, as in verse forty is the history that begins with the Alien and Sedition Acts of 1798 and ends with the Sunday law when the nation speaks as a dragon, a history that begins when papal Rome is taken off the throne and ends when papal Rome is restored to the throne. The history represented by both Revelation 13:11 and Daniel 11:40 begins with the removal of the fifth kingdom of Bible prophecy and ends with the removal of the sixth kingdom of Bible prophecy.
Dit vers is, evenals vers veertig, de geschiedenis die begint met de Alien and Sedition Acts van 1798 en eindigt met de zondagswet, wanneer de natie spreekt als een draak; een geschiedenis die begint wanneer het pauselijke Rome van de troon wordt verwijderd en eindigt wanneer het pauselijke Rome op de troon wordt hersteld. De geschiedenis die zowel in Openbaring 13:11 als in Daniël 11:40 wordt voorgesteld, begint met de verwijdering van het vijfde koninkrijk van de Bijbelse profetie en eindigt met de verwijdering van het zesde koninkrijk van de Bijbelse profetie.
The “seventy” years which Babylon reigned as the first kingdom of Bible prophecy unto the second kingdom of Bible prophecy represents the history of verse forty from 1798 unto the Sunday law.
De „zeventig” jaren waarin Babylon regeerde als het eerste koninkrijk van de Bijbelse profetie tot aan het tweede koninkrijk van de Bijbelse profetie, vertegenwoordigen de geschiedenis van vers veertig vanaf 1798 tot aan de zondagswet.
And it shall come to pass in that day, that Tyre shall be forgotten seventy years, according to the days of one king: after the end of seventy years shall Tyre sing as an harlot. Take an harp, go about the city, thou harlot that hast been forgotten; make sweet melody, sing many songs, that thou mayest be remembered. And it shall come to pass after the end of seventy years, that the Lord will visit Tyre, and she shall turn to her hire, and shall commit fornication with all the kingdoms of the world upon the face of the earth. Isaiah 23:15–17.
En het zal geschieden te dien dage, dat Tyrus zeventig jaren vergeten zal worden, overeenkomstig de dagen van één koning; na afloop van zeventig jaren zal het Tyrus vergaan als een hoer. Neem een harp, ga de stad rond, gij vergeten hoer; maak liefelijke melodie, zing vele liederen, opdat men u gedenke. En het zal geschieden na afloop van zeventig jaren, dat de HEERE Tyrus zal bezoeken, en zij zal terugkeren tot haar hoerenloon, en hoererij bedrijven met al de koninkrijken der wereld op de aardbodem. Jesaja 23:15–17.
The history of 1798 unto the Sunday law is also the history when the whore of Tyre is forgotten as recorded in Isaiah twenty-three, which expresses the period as “seventy years” and as the “days of one king.” From Nebuchadnezzar to Belshazzar the first kingdom of Bible prophecy reigned, thus typifying the sixth kingdom of Bible prophecy who began as a lamb but ends up speaking as a dragon. Nebuchadnezzar represents a follower of the lamb and Belshazzar a follower of the dragon.
De geschiedenis van 1798 tot aan de zondagswet is tevens de geschiedenis waarin de hoer van Tyrus wordt vergeten, zoals opgetekend in Jesaja drieëntwintig, waar deze periode wordt aangeduid als „zeventig jaren” en als de „dagen van één koning”. Van Nebukadnezar tot Belsazar regeerde het eerste koninkrijk van de Bijbelse profetie, en typificeerde aldus het zesde koninkrijk van de Bijbelse profetie, dat begon als een lam maar uiteindelijk spreekt als een draak. Nebukadnezar vertegenwoordigt een volgeling van het Lam en Belsazar een volgeling van de draak.
The history of 1798 unto the Sunday law is also the history of the three angels of Revelation fourteen, beginning with the reformation of the Millerites and ending with the reformation of the one hundred and forty-four thousand. The message of the three angels is the judgment hour message. The Millerites announced the events connected with the opening of the judgment and the one hundred and forty-four thousand announce the events connected with the close of probation.
De geschiedenis van 1798 tot aan de zondagswet is tevens de geschiedenis van de drie engelen van Openbaring veertien, beginnend met de reformatie van de Millerieten en eindigend met de reformatie van de honderd vierenveertigduizend. De boodschap van de drie engelen is de boodschap van het uur van het oordeel. De Millerieten kondigden de gebeurtenissen aan die verband hielden met de opening van het oordeel, en de honderd vierenveertigduizend kondigen de gebeurtenissen aan die verband houden met het einde van de genadetijd.
The events connected with the close of probation are portrayed upon internal and external lines of prophecy, and the events take place primarily in the history represented by verse forty of Daniel eleven. The events of verse forty end at the Sunday law in the United States, so the events of the final ingathering of God’s other children who are still in Babylon is not represented in verse forty; still the crisis that then confronts the world has just finished in the United States. Those events represent the judgment upon the United States and the purification of God’s church in advance of the church being lifted up as an ensign.
De gebeurtenissen die verband houden met het einde van de genadetijd worden uitgebeeld langs innerlijke en uiterlijke profetische lijnen, en deze gebeurtenissen vinden in de eerste plaats plaats in de geschiedenis die wordt voorgesteld door vers veertig van Daniël elf. De gebeurtenissen van vers veertig eindigen bij de zondagswet in de Verenigde Staten, zodat de gebeurtenissen van de uiteindelijke inzameling van Gods andere kinderen, die zich nog in Babylon bevinden, niet in vers veertig worden voorgesteld; toch is de crisis die de wereld dan tegemoet treedt, in de Verenigde Staten zojuist tot voltooiing gekomen. Deze gebeurtenissen vertegenwoordigen het oordeel over de Verenigde Staten en de loutering van Gods kerk, voorafgaand aan het feit dat de kerk als een banier wordt opgericht.
The internal events connected with the close of probation identify Christ’s work as High Priest in finishing the mystery of God among His last day people. The external events identify the role of the United States in restoring power to the papacy. The entire history of the United States as the sixth kingdom of Bible prophecy, the entire history of Laodicea occurs during the history represented by verse forty.
De innerlijke gebeurtenissen die verbonden zijn met de sluiting van de genadetijd, kenmerken Christus’ werk als Hogepriester in het voleindigen van het geheimenis van God onder Zijn volk van de laatste dagen. De uiterlijke gebeurtenissen kenmerken de rol van de Verenigde Staten in het herstellen van de macht van het pausdom. De gehele geschiedenis van de Verenigde Staten als het zesde koninkrijk van de bijbelse profetie, de gehele geschiedenis van Laodicea, voltrekt zich gedurende de geschiedenis die door vers veertig wordt voorgesteld.
The internal and external lines within verse forty are represented by the two horns of the earth beast. The horn of Republicanism is the external line and the horn of Protestantism is the internal line. Both lines exist within the history of the sixth kingdom, and at the conclusion of the history of the sixth kingdom God’s judgment is brought upon both the Protestant and Republican horns. The message that identifies the events connected with the close of probation is the message that identifies the events that are brought upon the United States as it fills up its cup of probationary time. The message that identifies the events connected with the close of probation is also the message that identifies the events that are brought upon Seventh-day Adventism as it fills up its cup of probationary time.
De innerlijke en uiterlijke lijnen binnen vers veertig worden voorgesteld door de twee horens van het beest uit de aarde. De hoorn van het republicanisme is de uiterlijke lijn en de hoorn van het protestantisme is de innerlijke lijn. Beide lijnen bestaan binnen de geschiedenis van het zesde koninkrijk, en aan het einde van de geschiedenis van het zesde koninkrijk wordt Gods oordeel gebracht over zowel de protestantse als de republikeinse horens. De boodschap die de gebeurtenissen aanduidt die verbonden zijn met het sluiten van de genadetijd, is de boodschap die de gebeurtenissen aanduidt die over de Verenigde Staten worden gebracht terwijl het zijn beker van genadetijd vult. De boodschap die de gebeurtenissen aanduidt die verbonden zijn met het sluiten van de genadetijd, is ook de boodschap die de gebeurtenissen aanduidt die over het Zevendedagsadventisme worden gebracht terwijl het zijn beker van genadetijd vult.
Within the history of verse forty there are three times the book of Daniel is unsealed, and each of the three times produces an internal and external line that presents the events connected with the close of probation. Each of the three waymarks is preceded by a scattering of seven times. Verse forty therefore represents the history of 1798 unto the Sunday law, and the prophetic waymarks within that history are the “events connected with the close of probation.” Within the history of verse forty the internal line represents a transition from Philadelphia unto Laodicea at the beginning and a transition from Laodicea to Philadelphia at the ending. The beginning represented a reformatory movement as illustrated by the parable of the ten virgins which typified a reformatory movement at the ending that also fulfilled the parable to the very letter.
Binnen de geschiedenis van vers veertig wordt het boek Daniël driemaal ontzegeld, en elk van die drie keren brengt een interne en een externe lijn voort die de gebeurtenissen voorstellen die verband houden met de sluiting van de genadetijd. Aan elk van de drie bakens gaat een verstrooiing van zeven tijden vooraf. Vers veertig vertegenwoordigt daarom de geschiedenis van 1798 tot aan de zondagswet, en de profetische bakens binnen die geschiedenis zijn de „gebeurtenissen die verband houden met de sluiting van de genadetijd”. Binnen de geschiedenis van vers veertig vertegenwoordigt de interne lijn aan het begin een overgang van Filadelfia naar Laodicea en aan het einde een overgang van Laodicea naar Filadelfia. Het begin vertegenwoordigde een hervormingsbeweging, zoals geïllustreerd door de gelijkenis van de tien maagden, die een hervormingsbeweging aan het einde typeerde die de gelijkenis eveneens tot op de letter vervulde.
The Philadelphian Millerite movement began with a fulfillment of the “seven times” of Leviticus twenty-six in 1798, and then another fulfillment of the “seven times” on October 22, 1844. At least by 1856 both James White and Sister White identified the movement as in a Laodicean condition. In the same year new light on the “seven times” was presented in the official church publication that was never finished. “Seven times” was fulfilled in 1798, and thereafter William Miller discovered the “commencement of the chain of truth” as Sister White called it, and the commencement of the chain of truth was the “seven times.” 1798 was a fulfillment of the “seven times,” thereafter Miller makes his foundational discovery of the “seven times” as the book of Daniel is unsealed. After that October 22, 1844 marks another fulfillment of the “seven times, which is in turn followed by a transition in the movement from Philadelphia unto Laodicea in the same year that new light upon the “seven times” is left unfinished. In 1863 what had been the Millerite Philadelphian movement until 1856 when it transitioned into the Millerite Laodicean movement became an legally registered church, largely under the premises and pressures of the Civil War and protecting the youth of the church. The movement ended in 1863 when it became a church. Seven years prior, in 1856 Laodicea set aside a message of new light upon the very topic which was William Miller’s first prophetic discovery.
De Filadelfische Milleritische beweging begon met een vervulling van de „zeven tijden” van Leviticus zesentwintig in 1798, en vervolgens met nog een vervulling van de „zeven tijden” op 22 oktober 1844. Uiterlijk in 1856 identificeerden zowel James White als Zuster White de beweging als verkerend in een Laodiceïsche toestand. In hetzelfde jaar werd nieuw licht over de „zeven tijden” gepresenteerd in de officiële kerkelijke publicatie die nooit werd voltooid. De „zeven tijden” werden vervuld in 1798, en daarna ontdekte William Miller het „begin van de keten der waarheid”, zoals Zuster White het noemde, en het begin van de keten der waarheid was de „zeven tijden”. 1798 was een vervulling van de „zeven tijden”; daarna deed Miller, terwijl het boek Daniël werd ontzegeld, zijn fundamentele ontdekking van de „zeven tijden”. Daarna markeert 22 oktober 1844 nog een vervulling van de „zeven tijden”, welke op haar beurt wordt gevolgd door een overgang in de beweging van Filadelfia naar Laodicea in hetzelfde jaar waarin nieuw licht over de „zeven tijden” onvoltooid werd gelaten. In 1863 werd wat tot 1856 de Milleritische Filadelfische beweging was geweest, toen zij overging in de Milleritische Laodiceïsche beweging, een wettelijk geregistreerde kerk, grotendeels onder de uitgangspunten en druk van de Burgeroorlog en ter bescherming van de jeugd van de kerk. De beweging eindigde in 1863 toen zij een kerk werd. Zeven jaar eerder, in 1856, legde Laodicea een boodschap van nieuw licht terzijde over juist dat onderwerp dat William Millers eerste profetische ontdekking was.
The Millerite movement and the light that is called “the commencement of the chain of truth,” the light of the “seven times” was opened up to the leadership of the Laodicean movement who gradually set aside a desire to uphold the “seven times” and at the end of seven years (“seven times”) in 1863, a new chart and prophetic message is produced without any reference to the “seven times.”
De Millerietenbeweging en het licht dat „het begin van de keten der waarheid” wordt genoemd, het licht van de „zeven tijden”, werden geopenbaard aan de leiding van de Laodiceaanse beweging, die gaandeweg het verlangen opzijzette om de „zeven tijden” te handhaven; en aan het einde van zeven jaren („zeven tijden”), in 1863, werd een nieuwe kaart en profetische boodschap voortgebracht zonder enige verwijzing naar de „zeven tijden.”
In 1863 the conclusion of Isaiah’s sixty-five year prophecy concluded right where it started, with a civil war between north and south. The issue of slavery in 1863 had been typified by the carrying away of both the northern and southern kingdoms in fulfillment of the “seven times,” and the slavery into which Israel was carried into fitly represented the issues of slavery at the end. 1863 represents the end of the prophetic structure based upon Isaiah’s sixty-five year prophecy.
In 1863 eindigde de vervulling van Jesaja’s vijfenzestigjarige profetie precies waar zij begonnen was, met een burgeroorlog tussen noord en zuid. De kwestie van de slavernij in 1863 was vooraf uitgebeeld door de wegvoering van zowel het noordelijke als het zuidelijke koninkrijk ter vervulling van de „zeven tijden”, en de slavernij waarin Israël werd weggevoerd, beeldde op passende wijze de kwesties van slavernij aan het einde uit. 1863 vertegenwoordigt het einde van de profetische structuur die is gebaseerd op Jesaja’s vijfenzestigjarige profetie.
Thus saith the Lord God, It shall not stand, neither shall it come to pass. For the head of Syria is Damascus, and the head of Damascus is Rezin; and within threescore and five years shall Ephraim be broken, that it be not a people. And the head of Ephraim is Samaria, and the head of Samaria is Remaliah’s son. If ye will not believe, surely ye shall not be established. Isaiah 7:7–9.
Zo zegt de Heere HEERE: Het zal niet standhouden, noch geschieden. Want het hoofd van Syrië is Damascus, en het hoofd van Damascus is Rezin; en binnen vijfenzestig jaar zal Efraïm verbroken worden, zodat het geen volk meer zal zijn. En het hoofd van Efraïm is Samaria, en het hoofd van Samaria is de zoon van Remalia. Indien gij niet gelooft, voorwaar, gij zult niet bevestigd worden. Jesaja 7:7–9.
Rightly understood this prophecy beginning in 742 BC identifies three waymarks within a sixty-five year span. Two of the waymarks identify the starting points of twenty-five hundred and twenty years of captivity and slavery for both the northern and southern kingdoms of Israel. In 742 BC the northern and southern kingdoms were involved in a civil war, and the northern ten tribes had formed an alliance with Syria to invade the southern kingdom of Judah. Nineteen years later in 723 BC the northern ten tribes were carried into slavery by the Assyrians. Forty-six years later in 677 BC the Assyrians captured Manasseh and took him to Babylon. Twenty-five hundred and twenty years after 723 BC arrives at 1798, the time of the end and beginning of verse forty. Forty-six years later the “seven times” against the southern kingdom that began in 677 BC ended in 1844. Nineteen years later in 1863 the prophetic characteristics of 742 BC are represented to the very letter. A civil war between the northern and southern kingdoms is under way in 742 BC and 1863. In 742 BC the prediction given by Isaiah to wicked King Ahaz was concerning the impending enslavement of both the northern and southern kingdoms, and in 1863, the very center point of the Civil War President Lincoln proclaimed the Emancipation Proclamation beginning the process of ending slavery. The warning given to wicked King Ahaz in 742 BC was given in the literal glorious land typifying the message given by Lincoln in the spiritual glorious land.
Recht verstaan wijst deze profetie, die aanvangt in 742 v.Chr., op drie merktekens binnen een tijdsbestek van vijfenzestig jaar. Twee van de merktekens duiden de beginpunten aan van tweeduizend vijfhonderd en twintig jaar van gevangenschap en slavernij voor zowel het noordelijke als het zuidelijke koninkrijk van Israël. In 742 v.Chr. waren het noordelijke en het zuidelijke koninkrijk verwikkeld in een burgeroorlog, en de noordelijke tien stammen hadden een verbond gesloten met Syrië om het zuidelijke koninkrijk Juda binnen te vallen. Negentien jaar later, in 723 v.Chr., werden de noordelijke tien stammen door de Assyriërs in slavernij weggevoerd. Zesenveertig jaar later, in 677 v.Chr., namen de Assyriërs Manasse gevangen en voerden hem naar Babylon. Tweeduizend vijfhonderd en twintig jaar na 723 v.Chr. komt men uit op 1798, de tijd van het einde en het begin van vers veertig. Zesenveertig jaar later eindigden in 1844 de „zeven tijden” tegen het zuidelijke koninkrijk, die in 677 v.Chr. waren begonnen. Negentien jaar later, in 1863, worden de profetische kenmerken van 742 v.Chr. tot op de letter weergegeven. Zowel in 742 v.Chr. als in 1863 is er een burgeroorlog gaande tussen het noordelijke en het zuidelijke koninkrijk. In 742 v.Chr. betrof de voorspelling die Jesaja aan de goddeloze koning Achaz gaf de ophanden zijnde knechting van zowel het noordelijke als het zuidelijke koninkrijk, en in 1863, precies op het middelpunt van de Burgeroorlog, vaardigde president Lincoln de Emancipatieproclamatie uit, waarmee het proces tot beëindiging van de slavernij begon. De waarschuwing die in 742 v.Chr. aan de goddeloze koning Achaz werd gegeven, werd gegeven in het letterlijke heerlijke land, als voorafbeelding van de boodschap die door Lincoln werd gegeven in het geestelijke heerlijke land.
Seven years after the messages of the “seven times” by Hiram Edson were published in 1856 Adventism produced the 1863 chart which removed the Millerite teaching of the seven times, thus calling into question multitudes of passages where Ellen White teaches that we are to repeat the messages of the Millerites, and also that we are to defend against those messages being attacked. The same year they became a legally registered church. There is more which can be written about 1863 and its prophetic implications, but what I am here noting is that there are several witnesses, both internal and external that identify the rebellion of 1863, whether it be the rebellion of the external with the southern states, or the rebellion of the internal with the rejection of the first foundational truth. 1863 is one of the events within the history of verse forty that represents a waymark that makes up the “events connected with the close of probation.”
Zeven jaar nadat de boodschappen van de „zeven tijden” door Hiram Edson in 1856 waren gepubliceerd, bracht het adventisme de kaart van 1863 voort, waarop de Milleritische leer van de zeven tijden werd verwijderd; daarmee werden talloze passages in twijfel getrokken waarin Ellen White leert dat wij de boodschappen van de Millerieten moeten herhalen, en ook dat wij ons moeten verzetten tegen aanvallen op die boodschappen. In hetzelfde jaar werden zij een wettig geregistreerde kerk. Er kan meer worden geschreven over 1863 en de profetische implicaties daarvan, maar wat ik hier opmerk, is dat er verschillende getuigen zijn, zowel interne als externe, die de opstand van 1863 aanwijzen, of het nu de opstand van het externe betreft met de zuidelijke staten, of de opstand van het interne met de verwerping van de eerste fundamentele waarheid. 1863 is een van de gebeurtenissen binnen de geschiedenis van vers veertig die een wegmarkering vertegenwoordigt welke deel uitmaakt van de „gebeurtenissen die verband houden met het einde van de genadetijd.”
1863 aligns with the beginning of forty years in the wilderness for ancient literal Israel. At the end of the forty years Joshua led ancient Israel into the Promised Land and they brought down Jericho and pronounced a curse upon any who would rebuild Jericho. In 1863 the leadership of Laodicean Adventism rebuilt Jericho. 1863 is represented in the beginning and ending of the forty years in the wilderness. 1863 is a prophetic waymark that ties together history of the external and internal lines of verse forty’s history. There is the seventh church, “a church judged” as the word “Laodicea” means, entering into a period represented by an entire generation dying in the wilderness. At the same point, the first Republican president is beginning the work of freeing the slaves, thus typifying the last Republican Presidents who will implement martial law in a period of crisis leading to what inspiration calls “national ruin.”
1863 komt overeen met het begin van veertig jaren in de woestijn voor het oude, letterlijke Israël. Aan het einde van de veertig jaren leidde Jozua het oude Israël het Beloofde Land binnen; zij haalden Jericho neer en spraken een vloek uit over ieder die Jericho zou herbouwen. In 1863 heeft de leiding van het Laodiceïsche adventisme Jericho herbouwd. 1863 wordt voorgesteld in zowel het begin als het einde van de veertig jaren in de woestijn. 1863 is een profetische wegmarkering die de geschiedenis van de uiterlijke en innerlijke lijnen van de geschiedenis van vers veertig met elkaar verbindt. Er is de zevende kerk, „een geoordeelde kerk”, zoals het woord „Laodicea” betekent, die een periode binnengaat die wordt voorgesteld door een gehele generatie die in de woestijn sterft. Op hetzelfde punt begint de eerste Republikeinse president met het werk van de bevrijding van de slaven, en typeert aldus de laatste Republikeinse presidenten die de staat van beleg zullen invoeren in een periode van crisis die leidt tot wat de Inspiratie „nationale ondergang” noemt.
In the waymarks of the beginning the waymarks of the end are represented and the events connected with the close of the judgment were typified in the events connected with the opening of the judgment. The rebellion at Kadesh in rejecting the message of Joshua and Caleb at the beginning of the forty years typified the rebellion of Moses’ in striking the Rock at Kadesh at the end of the forty years. 1863 identifies the Sunday law where Laodicea is spewed out of the mouth of the Lord, and where the twenty-five ancient men in Jerusalem are bowing to the sun in Ezekiel chapter eight, and where Shiloh is repeated upon those who trust in the lying words, “the temple of the Lord are we.”
In de wegmerken van het begin worden de wegmerken van het einde voorgesteld, en de gebeurtenissen die verbonden waren met de afsluiting van het oordeel werden vooraf afgebeeld in de gebeurtenissen die verbonden waren met de opening van het oordeel. De opstand te Kades, in de verwerping van de boodschap van Jozua en Kaleb aan het begin van de veertig jaren, was een voorafbeelding van Mozes’ opstand, toen hij aan het einde van de veertig jaren te Kades op de Rots sloeg. 1863 wijst op de zondagswet, waar Laodicea uit de mond van de Heere wordt uitgespuwd, en waar de vijfentwintig oude mannen in Jeruzalem zich neerbuigen voor de zon in Ezechiël hoofdstuk acht, en waar Silo wordt herhaald over hen die vertrouwen op de leugenachtige woorden: “Des HEEREN tempel zijn wij.”
We will continue this study of Panium in the next article.
Wij zullen deze studie van Panium in het volgende artikel voortzetten.