Daniel is identified in chapter ten, as being resurrected from the days of mourning by the three-step process of the everlasting gospel. Gabriel then provides Daniel with the prophetic history of chapter eleven, thus identifying the history of the light of the great River Hiddekel.
Daniël wordt in hoofdstuk tien geïdentificeerd als opgewekt uit de dagen van rouw door het drievoudige proces van het eeuwige evangelie. Vervolgens verschaft Gabriël aan Daniël de profetische geschiedenis van hoofdstuk elf, en identificeert aldus de geschiedenis van het licht van de grote rivier Hiddekel.
“There is need of a much closer study of the Word of God. Especially should Daniel and the Revelation have attention as never before in the history of our work. We may have less to say in some lines, in regard to the Roman power and the papacy, but we should call attention to what the prophets and the apostles have written under the inspiration of the Spirit of God. The Holy Spirit has so shaped matters, both in the giving of the prophecy, and in the events portrayed, as to teach that the human agent is to be kept out of sight, hid in Christ, and the Lord God of heaven and His law are to be exalted.
„Er is behoefte aan een veel nauwkeuriger studie van het Woord van God. Vooral Daniël en de Openbaring dienen aandacht te krijgen als nooit tevoren in de geschiedenis van ons werk. Het kan zijn dat wij over sommige onderwerpen minder te zeggen hebben met betrekking tot de Romeinse macht en het pausdom, maar wij behoren de aandacht te vestigen op wat de profeten en de apostelen onder de inspiratie van de Geest van God hebben geschreven. De Heilige Geest heeft de zaken zó beschikt, zowel bij het geven van de profetie als in de gebeurtenissen die daarin worden uitgebeeld, dat daardoor wordt geleerd dat het menselijk werktuig uit het gezicht moet worden gehouden, verborgen in Christus, en dat de Heere God des hemels en Zijn wet moeten worden verhoogd.
“Read the book of Daniel. Call up, point by point, the history of the kingdoms there represented. Behold statesmen, councils, powerful armies, and see how God wrought to abase the pride of men, and lay human glory in the dust. God alone is represented as great. In the vision of the prophet He is seen casting down one mighty ruler and setting up another. He is revealed as the monarch of the universe, about to set up His everlasting kingdom—the Ancient of days, the living God, the Source of all wisdom, the Ruler of the present, the Revealer of the future. Read and understand how poor, how frail, how short-lived, how erring, how guilty, is man in lifting up his soul unto vanity.
„Lees het boek Daniël. Roep, punt voor punt, de geschiedenis op van de koninkrijken die daarin worden voorgesteld. Zie staatslieden, raden, machtige legers, en aanschouw hoe God werkte om de trots van mensen te vernederen en menselijke heerlijkheid in het stof neer te leggen. Alleen God wordt als groot voorgesteld. In het visioen van de profeet wordt Hij gezien terwijl Hij de ene machtige heerser neerwerpt en een andere opricht. Hij wordt geopenbaard als de Monarch van het heelal, op het punt Zijn eeuwigdurend koninkrijk op te richten—de Oude van dagen, de levende God, de Bron van alle wijsheid, de Heerser van het heden, de Openbaarder van de toekomst. Lees en begrijp hoe arm, hoe broos, hoe kortstondig, hoe dwalend, hoe schuldig de mens is wanneer hij zijn ziel tot ijdelheid verheft.״
“The Holy Spirit through Isaiah points us to God, the living God, as the chief object of attention—to God as revealed in Christ. ‘Unto us a child is born, unto us a son is given: and the government shall be upon His shoulder: and His name shall be called Wonderful, Counsellor, The mighty God, The everlasting Father, The Prince of Peace’ [Isaiah 9:6].
“De Heilige Geest wijst ons door Jesaja op God, de levende God, als het voornaamste voorwerp van aandacht—op God zoals geopenbaard in Christus. ‘Want een Kind is ons geboren, een Zoon is ons gegeven; en de heerschappij zal op Zijn schouder rusten; en men zal Zijn Naam noemen Wonderlijk, Raadsman, Sterke God, Eeuwige Vader, Vredevorst’ [Jesaja 9:6].”
“The light that Daniel received direct from God was given especially for these last days. The visions he saw by the banks of the Ulai and the Hiddekel, the great rivers of Shinar, are now in process of fulfillment, and all the events foretold will soon have come to pass.” Manuscript Releases, volume 16, 333, 334.
‘Het licht dat Daniël rechtstreeks van God ontving, werd in het bijzonder voor deze laatste dagen gegeven. De visioenen die hij zag aan de oevers van de Ulai en de Hiddekel, de grote rivieren van Sinear, zijn nu bezig in vervulling te gaan, en alle voorzegde gebeurtenissen zullen spoedig hebben plaatsgevonden.’ Manuscript Releases, deel 16, 333, 334.
The Holy Spirit “so shaped matters” in the giving of the prophecy “and events” of Daniel’s last vision that the first chapter (ten), represents the experience of God’s people in the latter days, as does the last chapter (twelve). The shaping of those three chapters that make up the light of the Hiddekel River, that “was given especially for these last days,” was designed to bear the three-step definition of “truth.” In the first agreeing with the last, and the middle representing rebellion, we have not only the structure of the Hebrew word “truth,” which was created by the first, thirteenth and last letter of the Hebrew alphabet, but we also see the signature of Alpha and Omega.
De Heilige Geest heeft bij het geven van de profetie en de „gebeurtenissen” van Daniëls laatste visioen „de zaken zó gevormd” dat het eerste hoofdstuk (tien) de ervaring van Gods volk in de laatste dagen voorstelt, evenals het laatste hoofdstuk (twaalf). De vormgeving van die drie hoofdstukken, die het licht van de rivier de Hiddekel uitmaken, dat „in het bijzonder voor deze laatste dagen werd gegeven”, was bedoeld om de drievoudige omschrijving van „waarheid” te dragen. Doordat het eerste met het laatste overeenstemt en het middelste op opstand wijst, hebben wij niet alleen de structuur van het Hebreeuwse woord „waarheid”, dat gevormd werd door de eerste, dertiende en laatste letter van het Hebreeuwse alfabet, maar zien wij ook de handtekening van Alfa en Omega.
Daniel chapter ten identifies the one hundred and forty-four thousand who understand both the “chazon” vision of the twenty-five hundred and twenty years, and the “mareh” vision of the twenty-three hundred years. Not only do they understand those two visions, but they possess the experience of justification by faith that is produced by the feminine and causative “marah” vision of “the appearance”.
Daniël hoofdstuk tien identificeert de honderdvierenvierenveertigduizend die zowel het “chazon”-visioen van de tweeduizend vijfhonderdtwintig jaren als het “mareh”-visioen van de tweeduizend driehonderd jaren begrijpen. Zij begrijpen niet alleen die twee visioenen, maar bezitten ook de ervaring van rechtvaardiging door het geloof die voortgebracht wordt door het vrouwelijke en causatieve “marah”-visioen van “de verschijning”.
“For the mind and the soul, as well as for the body, it is God’s law that strength is acquired by effort. It is exercise that develops. In harmony with this law, God has provided in His word the means for mental and spiritual development.
„Zowel voor de geest en de ziel als voor het lichaam geldt Gods wet dat kracht door inspanning wordt verworven. Het is oefening die ontwikkeling bevordert. In overeenstemming met deze wet heeft God in Zijn woord de middelen verschaft voor verstandelijke en geestelijke ontwikkeling.
“The Bible contains all the principles that men need to understand in order to be fitted either for this life or for the life to come. And these principles may be understood by all. No one with a spirit to appreciate its teaching can read a single passage from the Bible without gaining from it some helpful thought. But the most valuable teaching of the Bible is not to be gained by occasional or disconnected study. Its great system of truth is not so presented as to be discerned by the hasty or careless reader. Many of its treasures lie far beneath the surface, and can be obtained only by diligent research and continuous effort. The truths that go to make up the great whole must be searched out and gathered up, ‘here a little, and there a little.’ Isaiah 28:10.
„De Bijbel bevat alle beginselen die de mens nodig heeft te verstaan om geschikt gemaakt te worden, hetzij voor dit leven, hetzij voor het toekomende leven. En deze beginselen kunnen door allen worden begrepen. Niemand die de gezindheid heeft om zijn onderricht te waarderen, kan ook maar één enkele passage uit de Bijbel lezen zonder daaruit enige behulpzame gedachte te verkrijgen. Maar het meest waardevolle onderricht van de Bijbel wordt niet verkregen door toevallige of onsamenhangende studie. Zijn grote stelsel van waarheid is niet zó voorgesteld dat het door de haastige of onzorgvuldige lezer kan worden onderkend. Vele van zijn schatten liggen ver onder de oppervlakte en kunnen slechts door ijverig onderzoek en aanhoudende inspanning worden verkregen. De waarheden die het grote geheel vormen, moeten worden opgespoord en bijeengebracht, ‘hier een weinig en daar een weinig.’ Jesaja 28:10.”
“When thus searched out and brought together, they will be found to be perfectly fitted to one another. Each Gospel is a supplement to the others, every prophecy an explanation of another, every truth a development of some other truth. The types of the Jewish economy are made plain by the gospel. Every principle in the word of God has its place, every fact its bearing. And the complete structure, in design and execution, bears testimony to its Author. Such a structure no mind but that of the Infinite could conceive or fashion.
„Wanneer zij aldus worden onderzocht en samengebracht, zal blijken dat zij volkomen op elkaar zijn afgestemd. Elk Evangelie vormt een aanvulling op de andere, elke profetie een verklaring van een andere, elke waarheid een ontvouwing van een andere waarheid. De typen van de Joodse bedeling worden door het evangelie verklaard. Elk beginsel in het woord van God heeft zijn plaats, elk feit zijn strekking. En het volledige bouwwerk legt, zowel in ontwerp als in uitvoering, getuigenis af van zijn Auteur. Geen ander verstand dan dat van de Oneindige kon zulk een bouwwerk bedenken of vormen.
“In searching out the various parts and studying their relationship, the highest faculties of the human mind are called into intense activity. No one can engage in such study without developing mental power.
„Bij het naspeuren van de verschillende onderdelen en het bestuderen van hun onderlinge samenhang worden de hoogste vermogens van de menselijke geest tot intense werkzaamheid geroepen. Niemand kan zich met zulk een studie bezighouden zonder verstandelijke kracht te ontwikkelen.
“And not alone in searching out truth and bringing it together does the mental value of Bible study consist. It consists also in the effort required to grasp the themes presented. The mind occupied with commonplace matters only, becomes dwarfed and enfeebled. If never tasked to comprehend grand and far-reaching truths, it after a time loses the power of growth. As a safeguard against this degeneracy, and a stimulus to development, nothing else can equal the study of God’s word. As a means of intellectual training, the Bible is more effective than any other book, or all other books combined. The greatness of its themes, the dignified simplicity of its utterances, the beauty of its imagery, quicken and uplift the thoughts as nothing else can. No other study can impart such mental power as does the effort to grasp the stupendous truths of revelation. The mind thus brought in contact with the thoughts of the Infinite cannot but expand and strengthen.
“En de geestelijke waarde van de Bijbelstudie bestaat niet alleen in het opsporen van de waarheid en het bijeenbrengen ervan. Zij bestaat ook in de inspanning die vereist is om de behandelde thema’s te begrijpen. De geest die zich uitsluitend bezighoudt met alledaagse zaken, verschrompelt en verzwakt. Indien hij nooit wordt geoefend om grootse en ver reikende waarheden te bevatten, verliest hij na verloop van tijd het vermogen tot groei. Als bescherming tegen deze ontaarding en als prikkel tot ontwikkeling kan niets zich meten met de studie van Gods woord. Als middel tot verstandelijke vorming is de Bijbel doeltreffender dan enig ander boek, of dan alle andere boeken tezamen. De grootheid van zijn thema’s, de waardige eenvoud van zijn uitspraken, de schoonheid van zijn beeldspraak verlevendigen en verheffen de gedachten zoals niets anders dat kan. Geen enkele andere studie kan zulk een geesteskracht schenken als de inspanning om de ontzagwekkende waarheden van de openbaring te bevatten. De geest die aldus in aanraking wordt gebracht met de gedachten van de Oneindige, kan niet anders dan zich verruimen en versterken.
“And even greater is the power of the Bible in the development of the spiritual nature. Man, created for fellowship with God, can only in such fellowship find his real life and development. Created to find in God his highest joy, he can find in nothing else that which can quiet the cravings of the heart, can satisfy the hunger and thirst of the soul. He who with sincere and teachable spirit studies God’s word, seeking to comprehend its truths, will be brought in touch with its Author; and, except by his own choice, there is no limit to the possibilities of his development.
“En nog groter is de kracht van de Bijbel in de ontwikkeling van de geestelijke natuur. De mens, geschapen voor gemeenschap met God, kan alleen in zulk een gemeenschap zijn werkelijke leven en ontwikkeling vinden. Geschapen om in God zijn hoogste vreugde te vinden, kan hij in niets anders datgene vinden wat het verlangen van het hart tot rust kan brengen, wat de honger en dorst van de ziel kan stillen. Hij die met een oprechte en leerzame geest Gods Woord bestudeert en ernaar zoekt de waarheden ervan te begrijpen, zal in aanraking worden gebracht met de Auteur ervan; en, behalve door zijn eigen keuze, is er geen grens aan de mogelijkheden van zijn ontwikkeling.”
“In its wide range of style and subjects the Bible has something to interest every mind and appeal to every heart. In its pages are found history the most ancient; biography the truest to life; principles of government for the control of the state, for the regulation of the household—principles that human wisdom has never equaled. It contains philosophy the most profound, poetry the sweetest and the most sublime, the most impassioned and the most pathetic. Immeasurably superior in value to the productions of any human author are the Bible writings, even when thus considered; but of infinitely wider scope, of infinitely greater value, are they when viewed in their relation to the grand central thought. Viewed in the light of this thought, every topic has a new significance. In the most simply stated truths are involved principles that are as high as heaven and that compass eternity.
„In haar brede verscheidenheid van stijl en onderwerpen biedt de Bijbel iets dat ieder verstand boeit en tot ieder hart spreekt. Op zijn bladzijden vindt men de oudste geschiedenis; de meest levensechte biografie; beginselen van bestuur voor de leiding van de staat, voor de ordening van het gezin—beginselen die de menselijke wijsheid nooit heeft geëvenaard. Hij bevat de diepzinnigste filosofie, de lieflijkste en verhevenste poëzie, de meest hartstochtelijke en de meest aangrijpende. De geschriften van de Bijbel zijn, zelfs wanneer zij aldus worden beschouwd, in waarde onmetelijk verheven boven de voortbrengselen van welke menselijke auteur ook; maar van oneindig wijder strekking, van oneindig grotere waarde, zijn zij wanneer zij worden bezien in hun verhouding tot de grote centrale gedachte. Bezien in het licht van deze gedachte krijgt ieder onderwerp een nieuwe betekenis. In de eenvoudigst geformuleerde waarheden liggen beginselen besloten die zo hoog zijn als de hemel en de eeuwigheid omvatten.”
“The central theme of the Bible, the theme about which every other in the whole book clusters, is the redemption plan, the restoration in the human soul of the image of God. From the first intimation of hope in the sentence pronounced in Eden to that last glorious promise of the Revelation, ‘They shall see His face; and His name shall be in their foreheads’ (Revelation 22:4), the burden of every book and every passage of the Bible is the unfolding of this wondrous theme,—man’s uplifting,—the power of God, ‘which giveth us the victory through our Lord Jesus Christ.’ 1 Corinthians 15:57.” Education, 123–125.
‘Het centrale thema van de Bijbel, het thema waaromheen elk ander in het gehele boek zich groepeert, is het verlossingsplan, het herstel in de menselijke ziel van het beeld van God. Vanaf de eerste aanduiding van hoop in het vonnis dat in Eden werd uitgesproken tot aan die laatste heerlijke belofte van de Openbaring: “Zij zullen Zijn aangezicht zien, en Zijn Naam zal op hun voorhoofden zijn” (Openbaring 22:4), is de strekking van elk boek en van iedere passage van de Bijbel de ontvouwing van dit wonderbare thema,—de verheffing van de mens,—de kracht van God, “die ons de overwinning geeft door onze Heere Jezus Christus.” 1 Korintiërs 15:57.’ Education, 123–125.
In the passage just cited it is identified that the Bible, when considered from any avenue of literature, is by far superior to any human production. Sister White stated, “In its pages are found history the most ancient; biography the truest to life; principles of government for the control of the state, for the regulation of the household—principles that human wisdom has never equaled. It contains philosophy the most profound, poetry the sweetest and the most sublime, the most impassioned and the most pathetic,” and that “such a structure no mind but that of the Infinite could conceive or fashion.”
In de zojuist aangehaalde passage wordt vastgesteld dat de Bijbel, beschouwd vanuit welk literair gezichtspunt ook, verreweg uitmunt boven elke menselijke voortbrenging. Zuster White verklaarde: „Op zijn bladzijden vindt men de oudste geschiedenis; de meest levensechte biografie; staatsbeginselen voor het bestuur van de staat, voor de regeling van het gezin—beginselen die de menselijke wijsheid nooit heeft geëvenaard. Hij bevat de diepzinnigste filosofie, de lieflijkste en verhevenste poëzie, de meest hartstochtelijke en aangrijpendste,” en dat „geen andere geest dan die van de Oneindige zulk een opbouw zou kunnen bedenken of vormen.”
All the recognized rules of humanity that identify the rules that provide the structure of literature are surpassed by the Bible. The principles that are presented in universities of humanity, which identify the difference between average or lesser literature, all the way to the masterpieces of human literature, are all surpassed by the Bible. With that in mind, it is worth recognizing that the climax, the grand conclusion of the prophetic testimony of the entire Bible, is represented in Daniel’s last vision. It is the capstone of the prophetic testimony, and there is no climax in human literature that comes close to the testimony of Daniel chapter eleven, beginning in verse one and continuing on through chapter twelve verse four.
Alle erkende regels van de mensheid waarmee de regels worden vastgesteld die de structuur van de literatuur verschaffen, worden door de Bijbel overtroffen. De beginselen die aan de universiteiten van de mensheid worden onderwezen, welke het onderscheid aangeven tussen middelmatige of mindere literatuur en de meesterwerken van de menselijke literatuur, worden alle door de Bijbel overtroffen. Met dat in gedachten is het de moeite waard te erkennen dat het hoogtepunt, de grootse afsluiting van het profetische getuigenis van de gehele Bijbel, wordt weergegeven in Daniëls laatste visioen. Het is de sluitsteen van het profetische getuigenis, en er is geen hoogtepunt in de menselijke literatuur dat ook maar in de buurt komt van het getuigenis van Daniël hoofdstuk elf, beginnend bij vers één en doorgaand tot en met hoofdstuk twaalf, vers vier.
In the book of Revelation, all the books of the Bible meet and end, and in the revelation the same lines of prophecy are taken up as in the book of Daniel, but in relation to one-another the book of Daniel is the first mention, and Revelation the last. Everything exists in the first mention, and everything exists in the book of Daniel, and the climax to the book is the vision given by the Hiddekel River. The climax to the events represented in that vision begin in verse forty, and continue until the book is sealed in verse four of chapter twelve. Those verses represent the grand finale of every prophetic truth ever uttered or recorded by the holy men of old, including Sister White.
In het boek Openbaring komen alle boeken van de Bijbel samen en vinden zij hun voltooiing, en in de Openbaring worden dezelfde lijnen van profetie weer opgenomen als in het boek Daniël; maar in hun onderlinge verhouding is het boek Daniël de eerste vermelding en Openbaring de laatste. Alles bestaat in de eerste vermelding, en alles bestaat in het boek Daniël, en het hoogtepunt van dat boek is het visioen dat bij de rivier de Hiddekel werd gegeven. Het hoogtepunt van de gebeurtenissen die in dat visioen worden voorgesteld, begint in vers veertig en gaat door totdat het boek in hoofdstuk twaalf, vers vier, verzegeld wordt. Die verzen vertegenwoordigen de grote finale van iedere profetische waarheid die ooit door de heilige mannen vanouds is uitgesproken of opgetekend, met inbegrip van Zuster White.
What leads up to that conclusion in chapter eleven are histories within the chapter that provide witnesses to the correct understanding of the last six verses of chapter eleven, where the threefold enemies of the dragon, the beast and the false prophet are now leading the world to the close of human probation. Sister White directly identifies this internal principle.
Wat tot die conclusie in hoofdstuk elf leidt, zijn geschiedenissen binnen het hoofdstuk die getuigenissen verschaffen voor het juiste begrip van de laatste zes verzen van hoofdstuk elf, waar de drievoudige vijanden van de draak, het beest en de valse profeet de wereld nu naar het einde van de menselijke genadetijd voeren. Zuster White identificeert dit interne beginsel rechtstreeks.
“We have no time to lose. Troublous times are before us. The world is stirred with the spirit of war. Soon the scenes of trouble spoken of in the prophecies will take place. The prophecy in the eleventh of Daniel has nearly reached its complete fulfillment. Much of the history that has taken place in fulfillment of this prophecy will be repeated. In the thirtieth verse a power is spoken of that ‘shall be grieved, and return, and have indignation against the holy covenant: so shall he do; he shall even return, and have intelligence with them that forsake the holy covenant. And arms shall stand on his part, and they shall pollute the sanctuary of strength, and shall take away the daily sacrifice, and they shall place the abomination that maketh desolate. And such as do wickedly against the covenant shall he corrupt by flatteries: but the people that do know their God shall be strong, and do exploits. And they that understand among the people shall instruct many: yet they shall fall by the sword, and by flame, by captivity, and by spoil, many days. Now when they shall fall, they shall be holpen with a little help: but many shall cleave to them with flatteries. And some of them of understanding shall fall, to try them, and to purge, and to make them white, even to the time of the end: because it is yet for a time appointed. And the king shall do according to his will; and he shall exalt himself, and magnify himself above every god, and shall speak marvellous things against the God of gods, and shall prosper till the indignation be accomplished: for that that is determined shall be done.’ Daniel 11:30–36.
‘Wij hebben geen tijd te verliezen. Benauwde tijden liggen vóór ons. De wereld wordt beroerd door de geest van oorlog. Weldra zullen de tonelen van benauwdheid, waarvan in de profetieën is gesproken, plaatsvinden. De profetie in het elfde hoofdstuk van Daniël heeft haar volledige vervulling bijna bereikt. Veel van de geschiedenis die in vervulling van deze profetie heeft plaatsgevonden, zal zich herhalen. In het dertigste vers wordt gesproken van een macht die “bedroefd zal worden, en wederkeren, en gramschap zal hebben tegen het heilige verbond; alzo zal hij doen; ja, hij zal wederkeren, en achting hebben op degenen die het heilige verbond verlaten. En er zullen armen uit hem ontstaan, en zij zullen het heiligdom der sterkte ontheiligen, en zullen het gedurige offer wegnemen, en zij zullen den verwoestenden gruwel stellen. En degenen die goddeloos handelen tegen het verbond, zal hij door vleierijen doen huichelen; maar het volk dat zijn God kent, zal zich sterk houden, en daden doen. En de verstandigen onder het volk zullen er velen onderwijzen; nochtans zullen zij vallen door het zwaard, en door vlam, door gevangenschap en door beroving, vele dagen. En als zij vallen zullen, zullen zij met een kleine hulp geholpen worden; maar velen zullen zich met vleierijen bij hen voegen. En van de verstandigen zullen er vallen, om hen te beproeven, en om hen te reinigen, en om hen wit te maken, tot den tijd van het einde; want het zal nog zijn tot den bestemden tijd. En die koning zal doen naar zijn welgevallen, en hij zal zichzelven verheffen, en zichzelven groot maken boven allen god, en hij zal wonderlijke dingen spreken tegen den God der goden; en hij zal voorspoedig zijn, totdat de gramschap voleind zij, want het is vastelijk besloten, het zal geschieden.” Daniël 11:30–36.’
“Scenes similar to those described in these words will take place. We see evidence that Satan is fast obtaining the control of human minds who have not the fear of God before them. Let all read and understand the prophecies of this book, for we are now entering upon the time of trouble spoken of:
„Taferelen gelijk aan die welke in deze woorden worden beschreven, zullen plaatsvinden. Wij zien bewijzen dat Satan zich snel meester maakt van de menselijke geest van hen die de vreze Gods niet voor ogen hebben. Laat allen de profetieën van dit boek lezen en verstaan, want wij treden thans de tijd der benauwdheid binnen waarvan gesproken is:
“‘And at that time shall Michael stand up, the great prince which standeth for the children of thy people: and there shall be a time of trouble, such as never was since there was a nation even to that same time: and at that time thy people shall be delivered, every one that shall be found written in the book. And many of them that sleep in the dust of the earth shall awake, some to everlasting life, and some to shame and everlasting contempt. And they that be wise shall shine as the brightness of the firmament; and they that turn many to righteousness as the stars for ever and ever. But thou, O Daniel, shut up the words, and seal the book, even to the time of the end: many shall run to and fro, and knowledge shall be increased.’ Daniel 12:1–4.” Manuscript Releases, number 13, 394.
“‘En te dien tijde zal Michaël opstaan, de grote Vorst, Die de kinderen van uw volk terzijde staat; en er zal een tijd van benauwdheid zijn, zoals er niet geweest is sinds er een volk is geweest tot op diezelfde tijd; en in die tijd zal uw volk ontkomen, ieder die in het boek geschreven gevonden wordt. En velen van hen die slapen in het stof der aarde zullen ontwaken, sommigen tot het eeuwige leven en sommigen tot smaad en eeuwige afgrijzing. En zij die verstandig zijn, zullen blinken als de glans van het uitspansel; en zij die velen tot gerechtigheid brengen, als de sterren, voor eeuwig en altoos. Maar gij, o Daniël, sluit de woorden toe en verzegel het boek, tot de tijd van het einde; velen zullen het doorzoeken, en de kennis zal vermeerderd worden.’ Daniël 12:1–4.” Manuscript Releases, nummer 13, 394.
In this passage Sister White first references Daniel chapter eleven and then identifies the principle “that much of the history which has taken place in fulfillment of this prophecy will be repeated.” She then directly quotes verse thirty to thirty-six and follows with the statement that, “scenes similar to those described in these words will take place.” After identifying verse thirty to thirty-six, and saying scenes similar to those verses will take place, she then identifies the close of probation, when Michael stands up in verse one of chapter twelve. In doing so, she is isolating those seven verses, and placing them in the history which immediately precedes Michael standing up.
In deze passage verwijst Zuster White eerst naar Daniël hoofdstuk elf en noemt vervolgens het beginsel „dat veel van de geschiedenis die heeft plaatsgevonden in vervulling van deze profetie, herhaald zal worden.” Daarna citeert zij rechtstreeks vers dertig tot en met zesendertig en vervolgt met de verklaring dat „taferelen die gelijk zijn aan die welke in deze woorden worden beschreven, zullen plaatsvinden.” Nadat zij vers dertig tot en met zesendertig heeft aangeduid en heeft gezegd dat taferelen die met die verzen overeenkomen zullen plaatsvinden, duidt zij vervolgens het einde van de genadetijd aan, wanneer Michaël opstaat in vers één van hoofdstuk twaalf. Door dit te doen, zondert zij die zeven verzen af en plaatst zij die in de geschiedenis die onmiddellijk voorafgaat aan het opstaan van Michaël.
More than once we have addressed the history of verses thirty to thirty-six, and how they parallel verses forty to forty-five of Daniel eleven, and we will now begin to consider other periods of prophetic history in chapter eleven that is repeated in those final six verses. However, before we do we will once again present a brief summary of the parallel of verses thirty to thirty-six with verses forty to forty-five.
Meer dan eens hebben wij de geschiedenis van de verzen dertig tot en met zesendertig behandeld, en hoe deze parallel lopen met de verzen veertig tot en met vijfenveertig van Daniël elf; en wij zullen nu andere perioden van de profetische geschiedenis in hoofdstuk elf gaan beschouwen die in die laatste zes verzen worden herhaald. Voordat wij dit echter doen, zullen wij nogmaals een beknopte samenvatting geven van de parallel tussen de verzen dertig tot en met zesendertig en de verzen veertig tot en met vijfenveertig.
Verse thirty marks the transition from pagan Rome to papal Rome. That transitional history is addressed in a variety of prophetic passages that identify such dates as the years 330, 508, 533 and 538. There are other prophetic markers in the transition from the fourth kingdom to the fifth kingdom of Bible prophecy, but in verse thirty-one pagan Rome stands up for the papacy, as represented by Clovis in the year 496. The pagan powers initially represented by Clovis in the verse accomplish the work of removing any pagan resistance (the daily) to the rise of the papacy by the year 508. The warfare of those times brings destruction against the City of Rome during that history as represented by the “sanctuary of strength”, and by the year 538, the pagan powers place the papacy on the throne of the earth, and she then passes a Sunday law at the Council of Orleans.
Vers dertig markeert de overgang van heidens Rome naar pauselijk Rome. Die overgangsgeschiedenis wordt behandeld in een verscheidenheid aan profetische passages die zulke data aanwijzen als de jaren 330, 508, 533 en 538. Er zijn andere profetische markeringen in de overgang van het vierde koninkrijk naar het vijfde koninkrijk van de Bijbelse profetie, maar in vers eenendertig staat heidens Rome op ten behoeve van het pausdom, zoals vertegenwoordigd door Clovis in het jaar 496. De heidense machten die in het vers aanvankelijk door Clovis worden vertegenwoordigd, volbrengen het werk om elke heidense weerstand (het dagelijkse) tegen de opkomst van het pausdom tegen het jaar 508 weg te nemen. De oorlogvoering van die tijden brengt verwoesting over de Stad Rome gedurende die geschiedenis, zoals voorgesteld door het “heiligdom der sterkte”, en tegen het jaar 538 plaatsen de heidense machten het pausdom op de troon der aarde, en zij vaardigt vervolgens op het Concilie van Orléans een zondagwet uit.
Verses thirty-two through thirty-six identify the murderous warfare the papacy then brought against God’s faithful during the twelve hundred and sixty years of the Dark Ages. Ultimately the papacy comes to her end in verse thirty-six. In verse forty, Reagan formed a secret alliance with the antichrist, marking when the resistance of Protestantism had been taken away, as represented by the year 508. Reagan’s commitment of finances and military might had been typified by the “arms” standing up for the papacy in 496. The destruction of pagan Rome’s sanctuary of strength, represented by the city of Rome, typifies the destruction of the US Constitution at the soon coming Sunday law, for the Constitution is the sanctuary of strength for the United States. At the Sunday law the papacy will once again be placed upon the throne of the earth, as represented by the year 538.
Verzen tweeëndertig tot en met zesendertig duiden de moorddadige oorlogvoering aan die het pausdom toen gedurende de twaalfhonderdzestig jaren van de Donkere Middeleeuwen tegen Gods getrouwen voerde. Uiteindelijk komt het pausdom in vers zesendertig aan haar einde. In vers veertig smeedde Reagan een geheime alliantie met de antichrist, waarmee werd gemarkeerd dat de weerstand van het protestantisme was weggenomen, zoals voorgesteld door het jaar 508. Reagans inzet van financiële middelen en militaire macht was vooraf uitgebeeld door de „wapenen” die in 496 optraden ten gunste van het pausdom. De vernietiging van het heiligdom der sterkte van het heidense Rome, voorgesteld door de stad Rome, is een type van de vernietiging van de Amerikaanse Grondwet bij de spoedig komende zondagswet, want de Grondwet is het heiligdom der sterkte voor de Verenigde Staten. Bij de zondagswet zal het pausdom opnieuw op de troon der aarde worden geplaatst, zoals voorgesteld door het jaar 538.
Then will begin the final period of murderous papal persecution brought against God’s faithful as occurred in the Dark Ages from 538 unto 1798. This will lead to the close of human probation, when Michael stands up, as represented by 1798, when the papacy, who had prospered for twelve hundred and sixty years, received the indignation of the deadly wound.
Dan zal de laatste periode van moorddadige pauselijke vervolging tegen Gods getrouwen beginnen, zoals die plaatsvond in de Donkere Middeleeuwen van 538 tot 1798. Dit zal leiden tot de sluiting van de menselijke genadetijd, wanneer Michaël opstaat, zoals uitgebeeld door 1798, toen het pausdom, dat twaalfhonderdzestig jaar lang had voorspoed genoten, de verontwaardiging van de dodelijke wond ontving.
We will continue this study in the next article.
Wij zullen deze studie in het volgende artikel voortzetten.
“On one occasion, when in New York City, I was in the night season called upon to behold buildings rising story after story toward heaven. These buildings were warranted to be fireproof, and they were erected to glorify their owners and builders. Higher and still higher these buildings rose, and in them the most costly material was used. Those to whom these buildings belonged were not asking themselves: ‘How can we best glorify God?’ The Lord was not in their thoughts.
‘Bij een bepaalde gelegenheid, toen ik mij in New York City bevond, werd ik in het nachtelijk gezicht geroepen om gebouwen te aanschouwen die verdieping na verdieping naar de hemel rezen. Van deze gebouwen werd verzekerd dat zij brandvrij waren, en zij werden opgericht tot verheerlijking van hun eigenaars en bouwers. Hoger en steeds hoger rezen deze gebouwen, en daarin werd het kostbaarste materiaal gebruikt. Degenen aan wie deze gebouwen toebehoorden, vroegen zich niet af: “Hoe kunnen wij God het best verheerlijken?” De Heere was niet in hun gedachten.‘
“I thought: ‘Oh, that those who are thus investing their means could see their course as God sees it! They are piling up magnificent buildings, but how foolish in the sight of the Ruler of the universe is their planning and devising. They are not studying with all the powers of heart and mind how they may glorify God. They have lost sight of this, the first duty of man.’
„Ik dacht: ‘Och, konden zij die hun middelen aldus besteden hun handelwijze zien zoals God die ziet! Zij stapelen prachtige gebouwen op, maar hoe dwaas is hun plannen en beramen in de ogen van de Heerser van het heelal. Zij onderzoeken niet met alle krachten van hart en verstand hoe zij God kunnen verheerlijken. Zij hebben dit uit het oog verloren, de eerste plicht van de mens.’”
“As these lofty buildings went up, the owners rejoiced with ambitious pride that they had money to use in gratifying self and provoking the envy of their neighbors. Much of the money that they thus invested had been obtained through exaction, through grinding down the poor. They forgot that in heaven an account of every business transaction is kept; every unjust deal, every fraudulent act, is there recorded. The time is coming when in their fraud and insolence men will reach a point that the Lord will not permit them to pass, and they will learn that there is a limit to the forbearance of Jehovah.
“Toen deze statige gebouwen verrezen, verheugden de eigenaars zich in hoogmoedige eerzucht dat zij geld hadden om te gebruiken tot bevrediging van het eigen ik en tot het opwekken van de afgunst van hun buren. Een groot deel van het geld dat zij aldus investeerden, was verkregen door afpersing, door de armen uit te persen. Zij vergaten dat in de hemel van iedere zakelijke transactie rekenschap wordt gehouden; iedere onrechtvaardige overeenkomst, iedere bedrieglijke daad, staat daar opgetekend. De tijd komt dat de mensen in hun bedrog en vermetelheid een punt zullen bereiken dat de Heer hun niet zal toestaan te overschrijden, en zij zullen leren dat er een grens is aan de lankmoedigheid van Jehovah.
“The scene that next passed before me was an alarm of fire. Men looked at the lofty and supposedly fire-proof buildings and said: ‘They are perfectly safe.’ But these buildings were consumed as if made of pitch. The fire engines could do nothing to stay the destruction. The firemen were unable to operate the engines.
“Het tafereel dat zich vervolgens aan mij voordeed, was een brandalarm. Mensen keken naar de hoge en zogenaamd brandvrije gebouwen en zeiden: ‘Zij zijn volkomen veilig.’ Maar deze gebouwen werden verteerd alsof zij van pek waren gemaakt. De brandspuiten konden niets doen om de verwoesting te stuiten. De brandweerlieden waren niet in staat de spuiten te bedienen.”
“I am instructed that when the Lord’s time comes, should no change have taken place in the hearts of proud, ambitious human beings, men will find that the hand that had been strong to save will be strong to destroy. No earthly power can stay the hand of God. No material can be used in the erection of buildings that will preserve them from destruction when God’s appointed time comes to send retribution on men for their disregard of His law and for their selfish ambition.
„Mij is te kennen gegeven dat, wanneer de tijd des Heren komt, indien er geen verandering heeft plaatsgevonden in de harten van trotse, eerzuchtige mensen, de mensen zullen bevinden dat de hand die sterk was om te redden, sterk zal zijn om te verdelgen. Geen aardse macht kan de hand van God tegenhouden. Geen enkel materiaal kan bij het oprichten van gebouwen worden gebruikt dat deze voor vernietiging zal behoeden, wanneer Gods bestemde tijd komt om vergelding over de mensen te zenden wegens hun veronachtzaming van Zijn wet en wegens hun zelfzuchtige eerzucht.״
“There are not many, even among educators and statesmen, who comprehend the causes that underlie the present state of society. Those who hold the reins of government are not able to solve the problem of moral corruption, poverty, pauperism, and increasing crime. They are struggling in vain to place business operations on a more secure basis. If men would give more heed to the teaching of God’s word, they would find a solution of the problems that perplex them.
Er zijn er niet velen, zelfs niet onder opvoeders en staatslieden, die de oorzaken begrijpen die ten grondslag liggen aan de huidige toestand van de samenleving. Degenen die de teugels van het bestuur in handen houden, zijn niet in staat het probleem van moreel verval, armoede, behoeftigheid en toenemende misdaad op te lossen. Zij worstelen tevergeefs om het zakenleven op een zekerder grondslag te plaatsen. Indien de mensen meer acht zouden slaan op het onderwijs van Gods Woord, zouden zij een oplossing vinden voor de problemen die hen in verwarring brengen.
“The Scriptures describe the condition of the world just before Christ’s second coming. Of the men who by robbery and extortion are amassing great riches, it is written: ‘Ye have heaped treasure together for the last days. Behold, the hire of the laborers who have reaped down your fields, which is of you kept back by fraud, crieth: and the cries of them which have reaped are entered into the ears of the Lord of Sabaoth. Ye have lived in pleasure on the earth, and been wanton; ye have nourished your hearts, as in a day of slaughter. Ye have condemned and killed the just; and he doth not resist you.’ James 5:3–6.
“De Schriften beschrijven de toestand van de wereld vlak vóór de tweede komst van Christus. Over de mensen die zich door roof en afpersing grote rijkdommen vergaren, staat geschreven: ‘Gij hebt schatten opgehoopt voor de laatste dagen. Ziet, het loon van de arbeiders die uw velden hebben gemaaid, dat door u door bedrog is achtergehouden, roept; en de kreten van hen die geoogst hebben, zijn doorgedrongen tot de oren van de Heere der heirscharen. Gij hebt in weelde op de aarde geleefd en u in wellust overgegeven; gij hebt uw harten gevoed als op een slachtdag. Gij hebt de rechtvaardige veroordeeld en gedood; hij weerstaat u niet.’ Jakobus 5:3–6.”
“But who reads the warnings given by the fast-fulfilling signs of the times? What impression is made upon worldlings? What change is seen in their attitude? No more than was seen in the attitude of the inhabitants of the Noachian world. Absorbed in worldly business and pleasure, the antediluvians ‘knew not until the Flood came, and took them all away.’ Matthew 24:39. They had heaven-sent warnings, but they refused to listen. And today the world, utterly regardless of the warning voice of God, is hurrying on to eternal ruin.
‘Maar wie leest de waarschuwingen die worden gegeven door de tekenen der tijden, die zich snel vervullen? Welke indruk wordt op wereldlingen gemaakt? Welke verandering wordt gezien in hun houding? Niet meer dan werd gezien in de houding van de bewoners der Noachitische wereld. Opgeslorpt door wereldse zaken en genot, “beseften de antediluvianen het niet, totdat de zondvloed kwam en hen allen wegnam.” Mattheüs 24:39. Zij hadden uit de hemel gezonden waarschuwingen, maar zij weigerden te luisteren. En heden snelt de wereld, volkomen onverschillig voor de waarschuwende stem van God, voort naar het eeuwig verderf.
“The world is stirred with the spirit of war. The prophecy of the eleventh chapter of Daniel has nearly reached its complete fulfillment. Soon the scenes of trouble spoken of in the prophecies will take place.” Testimonies, volume 9, 12–14.
„De wereld wordt bewogen door de geest van oorlog. De profetie van het elfde hoofdstuk van Daniël heeft bijna haar volledige vervulling bereikt. Spoedig zullen de tonelen van benauwdheid waarover in de profetieën gesproken wordt, plaatsvinden.” Testimonies, deel 9, 12–14.