The methodology that is sanctioned by God is specifically identified in Isaiah chapters twenty-eight and twenty-nine, where the methodology is represented as “line upon line.” On September 11, 2001 the mighty angel of Revelation eighteen descended, and in so doing, he repeated the descent he had made on August 11, 1840. In both cases, after his descent, Babylon was identified as fallen, and a call was made, and soon will be made again, for those still in her communion to come out. In both cases, the event that fulfilled the prediction had a worldwide impact, for just as the first angel’s message was carried to “every mission station in the world” in 1840 the entire world was impacted and understood the event of September 11, 2001. The prophecy that was fulfilled on August 11, 1840 was a prophecy that identified a restraint being placed upon Islam of the second woe, and immediately after September 11, 2001 a restraint was placed upon Islam of the third Woe.

De methodologie die door God is bekrachtigd, wordt uitdrukkelijk aangewezen in Jesaja hoofdstukken achtentwintig en negenentwintig, waar deze methodologie wordt voorgesteld als „regel op regel”. Op 11 september 2001 daalde de machtige engel van Openbaring achttien neer, en daarmee herhaalde hij de nederdaling die hij op 11 augustus 1840 had gemaakt. In beide gevallen werd na zijn nederdaling Babylon als gevallen aangeduid, en werd er een oproep gedaan, en zal weldra opnieuw worden gedaan, aan hen die nog steeds in haar gemeenschap verkeren, om eruit te komen. In beide gevallen had de gebeurtenis die de voorspelling vervulde een wereldwijde invloed, want evenals de boodschap van de eerste engel in 1840 naar „elke zendingspost in de wereld” werd gebracht, werd de gehele wereld geraakt door en begreep zij de gebeurtenis van 11 september 2001. De profetie die op 11 augustus 1840 werd vervuld, was een profetie die aanwees dat er een beteugeling werd opgelegd aan de islam van de tweede wee, en onmiddellijk na 11 september 2001 werd er een beteugeling opgelegd aan de islam van de derde wee.

August 11, 1840 represents the empowerment of the message that was unsealed at the time of the end in 1798, and September 11, 2001 represents the empowerment of the message that was unsealed at the time of the end in 1989. The primary rule of the movement of the first angel was confirmed on August 11, 1840, and the rule was the day for a year principle. The primary rule of the movement of the third angel was confirmed on September 11, 2001. The rule being that truth is established by bringing “line upon line,” demonstrating that the end is illustrated by the beginning, and that history repeats. The prophetic event of September 11, 2001 is not only established by Sister White’s direct words, but more significantly by the fact that the events perfectly paralleled the same waymark in Millerite history. What was recognized with the event of August 11, 1840 was not the fulfillment of the prophecy, so much as the soundness of the methodology adopted by Miller and his associates.

11 augustus 1840 vertegenwoordigt de bekrachtiging van de boodschap die in de tijd van het einde in 1798 werd ontzegeld, en 11 september 2001 vertegenwoordigt de bekrachtiging van de boodschap die in de tijd van het einde in 1989 werd ontzegeld. De primaire regel van de beweging van de eerste engel werd bevestigd op 11 augustus 1840, en die regel was het dag-voor-een-jaarbeginsel. De primaire regel van de beweging van de derde engel werd bevestigd op 11 september 2001. Die regel houdt in dat waarheid wordt vastgesteld door „regel op regel” te brengen, waarmee wordt aangetoond dat het einde door het begin wordt geïllustreerd, en dat de geschiedenis zich herhaalt. De profetische gebeurtenis van 11 september 2001 wordt niet alleen vastgesteld door de rechtstreekse woorden van zuster White, maar nog belangrijker door het feit dat de gebeurtenissen volmaakt parallel liepen met hetzelfde merkteken in de Milleritische geschiedenis. Wat met de gebeurtenis van 11 augustus 1840 werd onderkend, was niet zozeer de vervulling van de profetie, als wel de deugdelijkheid van de methodologie die door Miller en zijn medewerkers was aangenomen.

“The event exactly fulfilled the prediction. When it became known, multitudes were convinced of the correctness of the principles of prophetic interpretation adopted by Miller and his associates, and a wonderful impetus was given to the advent movement. Men of learning and position united with Miller, both in preaching and in publishing his views, and from 1840 to 1844 the work rapidly extended.” The Great Controversy, 335.

“De gebeurtenis vervulde de voorspelling nauwkeurig. Toen dit bekend werd, raakten grote menigten overtuigd van de juistheid van de beginselen van profetische uitleg die door Miller en zijn medewerkers waren aanvaard, en aan de adventsbeweging werd een wonderbare stuwkracht verleend. Mannen van geleerdheid en aanzien verenigden zich met Miller, zowel in het verkondigen als in het publiceren van zijn opvattingen, en van 1840 tot 1844 breidde het werk zich snel uit.” The Great Controversy, 335.

On September 11, 2001, when the latter rain began to be measured, the “debate” was and still is over true or false methodology. The prophecies of the Millerite movement are set forth on both the 1843 and the 1850 charts, which Sister White endorses as being designed by the Lord, and also as a fulfillment of Habakkuk chapter two. The message of the Millerites that was produced through “the principles of prophetic interpretation adopted by Miller and his associates, and” which thereafter produced the “wonderful impetus” that empowered the message of the Midnight Cry, had been represented upon the two sacred charts. The prophecies represented upon those two sacred charts were identified and established by Miller’s prophetic rules. The charts were a fulfillment of the command in Habakkuk to visually represent the prophecies that had been established by Miller’s methodology upon “tables,” in the plural. Habakkuk chapter two, identifies and is directly connected to the “debate” of Isaiah chapter twenty-seven.

Op 11 september 2001, toen de late regen begon te worden afgemeten, ging en gaat het „debat” over ware of valse methodologie. De profetieën van de Milleritische beweging worden uiteengezet op zowel de kaart van 1843 als die van 1850, welke Zuster White bekrachtigt als door de Heer ontworpen en tevens als een vervulling van Habakuk hoofdstuk twee. De boodschap van de Millerieten, die werd voortgebracht door „de beginselen van profetische uitlegging die door Miller en zijn medewerkers werden aangenomen, en” die vervolgens de „wonderbare stuwkracht” voortbracht die de boodschap van de Middernachtsroep bekrachtigde, was op de twee heilige kaarten voorgesteld. De profetieën die op die twee heilige kaarten waren voorgesteld, werden geïdentificeerd en vastgesteld door Millers profetische regels. De kaarten waren een vervulling van het bevel in Habakuk om de profetieën die door Millers methodologie waren vastgesteld visueel weer te geven op „tafelen”, in het meervoud. Habakuk hoofdstuk twee identificeert het „debat” van Jesaja hoofdstuk zevenentwintig, en staat er rechtstreeks mee in verband.

I will stand upon my watch, and set me upon the tower, and will watch to see what he will say unto me, and what I shall answer when I am reproved. Habakkuk 2:1.

Ik zal op mijn wachtpost staan en mij op de toren opstellen, en uitzien naar wat Hij tot mij spreken zal en wat ik antwoorden zal wanneer ik bestraft word. Habakuk 2:1.

The word “reproved” in the verse means ‘argued with.’ Habakkuk, representing both the watchmen of the movement of the first and third angels, was going to be argued with, and he wished to understand what he was to answer when the debate began. The answer in the history of the first angel was the production of the two sacred charts, and the answer in the history of the movement of the third angel was the production of the prophetic series titled, Habakkuk’s Two Tables. The charts and the series were built upon the methodology represented in each of those respective histories. In Habakkuk, the methodology represents what the watchmen use to establish the message, and it also identifies the issue that is “debated,” which in turn produces two classes of worshippers.

Het woord „bestrafte” in het vers betekent ‘redetwistte met’. Habakuk, die zowel de wachters van de beweging van de eerste als van de derde engel vertegenwoordigt, zou tegemoetgetreden worden met tegenspraak, en hij wenste te verstaan wat hij zou antwoorden wanneer het debat begon. Het antwoord in de geschiedenis van de eerste engel was de vervaardiging van de twee heilige kaarten, en het antwoord in de geschiedenis van de beweging van de derde engel was de voortbrenging van de profetische reeks getiteld Habakkuk’s Two Tables. De kaarten en de reeks waren opgebouwd volgens de methodologie die in elk van die onderscheiden geschiedenissen werd voorgesteld. In Habakuk vertegenwoordigt de methodologie datgene waarvan de wachters gebruikmaken om de boodschap te bevestigen, en zij duidt tevens het geschilpunt aan dat „bediscussieerd” wordt, hetgeen op zijn beurt twee klassen van aanbidders voortbrengt.

I will stand upon my watch, and set me upon the tower, and will watch to see what he will say unto me, and what I shall answer when I am reproved. And the Lord answered me, and said, Write the vision, and make it plain upon tables, that he may run that readeth it. For the vision is yet for an appointed time, but at the end it shall speak, and not lie: though it tarry, wait for it; because it will surely come, it will not tarry. Behold, his soul which is lifted up is not upright in him: but the just shall live by his faith. Habakkuk 2:1–4.

Ik wil op mijn wachtpost gaan staan en mij op de toren opstellen, en uitzien om te vernemen wat Hij tot mij spreken zal, en wat ik antwoorden zal wanneer ik bestraft word. En de HEERE antwoordde mij en zei: Schrijf het gezicht op en stel het duidelijk op tafelen, opdat men het al lopende lezen kan. Want het gezicht wacht nog op de bestemde tijd, maar aan het einde zal het spreken en niet liegen; al vertoeft het, verbeid het, want het zal gewis komen, het zal niet uitblijven. Zie, zijn ziel verheft zich, zij is niet oprecht in hem; maar de rechtvaardige zal door zijn geloof leven. Habakuk 2:1–4.

One class is justified by faith, and the other class is lifted up in soul, as represented by the Pharisee and the Publican. The Pharisees trusted in a methodology that was based upon custom and tradition, and the Pharisee also represented a religious system who maintained control of their flock by implementing a hierarchical system governed by those who professed to be the chosen people of God, and the defenders of truth, but who ultimately participated in the crucifixion of the Truth. The prophetic “debate” of Isaiah chapter twenty-seven, is over true and false biblical methodology. The antagonists in the “debate” are those who follow the methodology of the Elijah for that time, and the long-established system of theological experts, that is typified by the Sanhedrin in the time of Christ.

De ene klasse wordt gerechtvaardigd door het geloof, en de andere klasse wordt verheven van ziel, zoals voorgesteld door de Farizeeër en de tollenaar. De Farizeeën vertrouwden op een methodologie die gegrond was op gebruik en overlevering, en de Farizeeër vertegenwoordigde tevens een godsdienstig stelsel dat de controle over zijn kudde handhaafde door de invoering van een hiërarchisch systeem, bestuurd door hen die beweerden het uitverkoren volk van God en de verdedigers van de waarheid te zijn, maar die uiteindelijk deelnamen aan de kruisiging van de Waarheid. Het profetische „debat” van Jesaja hoofdstuk zevenentwintig gaat over ware en valse bijbelse methodologie. De tegenstanders in het „debat” zijn degenen die de methodologie volgen van de Elia voor die tijd, en het lang gevestigde stelsel van theologische deskundigen, dat wordt getypeerd door het Sanhedrin in de tijd van Christus.

Chapter twenty-seven identifies that the “debate” begins when he “stayeth,” or when God restrains “his rough wind,” in the “day of the east wind.” “In measure, when it shooteth forth, thou wilt debate with it: he stayeth his rough wind in the day of the east wind. By this therefore shall the iniquity of Jacob be purged.” The word “purged” means atoned for, and represents the blotting out of sin in the investigative judgment. The methodology that is debated over, represents the test that must be passed, if the sins of God’s people are to be blotted out. The methodology of Elijah as a test is represented in the history of Christ, where we have been forewarned that in that time, those who rejected the message of John the Baptist (who Christ identified as Elijah), could not be benefitted by the teachings of Jesus.

Hoofdstuk zevenentwintig geeft aan dat het „debat” begint wanneer Hij „inhoudt”, of wanneer God „zijn harde wind” beteugelt, op de „dag van de oostenwind”. „Met mate, wanneer het uitspruit, zult Gij daarmee twisten; Hij houdt zijn harde wind in op de dag van de oostenwind. Daarom zal daardoor de ongerechtigheid van Jakob verzoend worden.” Het woord „verzoend” betekent boete gedaan, en stelt het uitwissen van zonde in het onderzoekend oordeel voor. De methodologie waarover wordt gedebatteerd, vertegenwoordigt de toets die moet worden doorstaan, indien de zonden van Gods volk zullen worden uitgewist. De methodologie van Elia als een toets wordt voorgesteld in de geschiedenis van Christus, waar wij tevoren gewaarschuwd zijn dat in die tijd degenen die de boodschap van Johannes de Doper verwierpen (die Christus als Elia aanwees), geen baat konden hebben bij de leringen van Jezus.

The message of the latter rain is represented as the teachings of Jesus, for He is the Word, and more than this, the latter rain is represented as “the refreshing”, which is defined as “the presence of the Lord”.

De boodschap van de late regen wordt voorgesteld als de leringen van Jezus, want Hij is het Woord; en meer nog, de late regen wordt voorgesteld als „de verkwikking”, die wordt omschreven als „de tegenwoordigheid des Heren”.

Repent ye therefore, and be converted, that your sins may be blotted out, when the times of refreshing shall come from the presence of the Lord; And he shall send Jesus Christ, which before was preached unto you. Acts 3:19, 20.

Komt dan tot inkeer en bekeert u, opdat uw zonden uitgewist worden, wanneer de tijden der verkwikking zullen komen van het aangezicht des Heeren; en Hij zal Jezus Christus zenden, Die u tevoren gepredikt is. Handelingen 3:19, 20.

Sister White identifies that the angel that descended in Revelation chapter ten, on August 11, 1840, “was no less a personage than Jesus Christ.” The angel that descended on September 11, 2001, would therefore be “no less a personage than Jesus Christ.” His descent in either history identifies the beginning of the prophetic “debate” over true or false methodology, for it is represented by the book in His hand that God’s people were commanded to eat. When in Galilee, Jesus instructed the disciples that they must eat His flesh and drink His blood, for He claimed there that He was the bread sent down from heaven. He lost more disciples there than any other point in his ministry, and those that left, never returned. Those that left, did so because they chose to analyze His teachings with the false methodology of taking His words in their literal sense, instead of applying them in the correct spiritual sense. The “debate” of Isaiah twenty-seven, is a prophetic waymark that has several witnesses to establish that it represents an established professed system of biblical analysis in confrontation with the methodology represented by the Elijah messenger.

Zuster White wijst erop dat de engel die in Openbaring hoofdstuk tien neerdaalde, op 11 augustus 1840, “niemand minder was dan Jezus Christus.” De engel die op 11 september 2001 neerdaalde, zou derhalve “niemand minder zijn dan Jezus Christus.” Zijn nederdaling in beide geschiedenissen markeert het begin van het profetische “debat” over ware of valse methodologie, want dit wordt voorgesteld door het boek in Zijn hand dat Gods volk bevolen werd te eten. Toen Jezus in Galilea was, onderwees Hij de discipelen dat zij Zijn vlees moesten eten en Zijn bloed moesten drinken, want Hij verklaarde daar dat Hij het brood was dat uit de hemel was neergedaald. Hij verloor daar meer discipelen dan op enig ander moment in Zijn bediening, en zij die weggingen, keerden nooit terug. Zij die weggingen, deden dat omdat zij ervoor kozen Zijn leer te analyseren met de valse methodologie om Zijn woorden in letterlijke zin op te vatten, in plaats van ze toe te passen in de juiste geestelijke zin. Het “debat” van Jesaja zevenentwintig is een profetische wegmarkering die verscheidene getuigen heeft om vast te stellen dat het een gevestigd, beleden systeem van bijbelse analyse voorstelt in confrontatie met de methodologie die door de Elia-boodschapper wordt vertegenwoordigd.

It marks a specific point in the progressive passing by of the former covenant and chosen people of God, and the beginning of the covenant relationship with those “who in times past, were not the people of God.” The “debate,” more importantly represents the beginning of the period of time that concludes with the soon-coming Sunday law. The Alpha and Omega always represents the end with the beginning, and in so doing the very “debate” becomes a symbol of one of the sins of our fathers, that must be acknowledged and confessed, in order to fulfill the Leviticus twenty-six prayer.

Het markeert een specifiek moment in het voortschrijdende voorbijgaan van het vroegere verbond en van Gods uitverkoren volk, en het begin van de verbondsrelatie met hen „die eertijds niet het volk van God waren”. Het „debat” vertegenwoordigt, nog belangrijker, het begin van de tijdsperiode die eindigt met de spoedig komende zondagwet. De Alfa en Omega vertegenwoordigt altijd het einde met het begin, en aldus wordt juist het „debat” een symbool van een van de zonden van onze vaderen, die erkend en beleden moet worden, opdat het gebed van Leviticus zesentwintig vervuld kan worden.

Daniel’s prayer of chapter nine, represents the prayer that must be offered at the conclusion of the three and a half days of Revelation eleven. That period of time is represented in Isaiah twenty-seven as the period when “the defenced city shall be desolate, and the habitation forsaken, and left like a wilderness: there shall the calf feed, and there shall he lie down, and consume the branches thereof. When the boughs thereof are withered, they shall be broken off: the women come, and set them on fire: for it is a people of no understanding: therefore he that made them will not have mercy on them, and he that formed them will show them no favour.”

Daniëls gebed van hoofdstuk negen vertegenwoordigt het gebed dat moet worden opgezonden aan het einde van de drie en een halve dagen van Openbaring elf. Die tijdsperiode wordt in Jesaja zevenentwintig voorgesteld als de periode waarin „de versterkte stad woest zal zijn, en de woning verlaten en als een woestijn achtergelaten; daar zal het kalf weiden, en daar zal het nederliggen en haar takken verteren. Wanneer haar twijgen verdord zijn, zullen zij afgebroken worden; de vrouwen komen en steken ze in brand; want het is een volk zonder verstand; daarom zal Hij Die hen gemaakt heeft, Zich over hen niet ontfermen, en Hij Die hen geformeerd heeft, zal hun geen genade bewijzen.”

The two witnesses are shown “no favor,” for they proclaimed a false prediction that ushered in the “wilderness” period of three and a half days. They then became a “people of no understanding,” though they previously had been the “defenced city.” That city then became “desolate” and a “habitation” that was “forsaken”. It became dead dry bones lying in the street of the city of Sodom and Egypt. When the dead are then called to arise, they are tested by the sins of their fathers, which includes the “debate” at the beginning of the period that starts with the empowerment of the first message and ends with the arrival of the third message. The debate is whether to accept or reject the methodology represented by the Elijah of their history. In 1863, the fathers of Adventism rejected the message of Moses’ “seven times,” that had been presented by Elijah.

De twee getuigen wordt „geen gunst” betoond, want zij verkondigden een valse voorspelling die de „woestijn”-periode van drieënhalve dag inluidde. Vervolgens werden zij een „volk zonder verstand”, hoewel zij tevoren de „versterkte stad” waren geweest. Die stad werd daarna „verwoest” en een „woonplaats” die „verlaten” was. Zij werd tot dorre doodsbeenderen die lagen op de straat van de stad Sodom en Egypte. Wanneer de doden vervolgens worden geroepen om op te staan, worden zij beproefd door de zonden van hun vaderen, waaronder het „debat” aan het begin van de periode die aanvangt met de bekrachtiging van de eerste boodschap en eindigt met de komst van de derde boodschap. Het debat betreft de vraag of men de methodologie, vertegenwoordigd door de Elia van hun geschiedenis, moet aannemen of verwerpen. In 1863 verwierpen de vaderen van het adventisme de boodschap van Mozes’ „zeven tijden”, die door Elia was gebracht.

Beginning in July, of 2023 the withered boughs of Isaiah twenty-seven must decide if they will repeat the sins of the church in Galilee, and the history of 1863, as well as the history of September 11, 2001. To reject the methodology represented by Habakkuk chapter two, and Isaiah twenty-seven, and by Elijah, John the Baptist and William Miller is to repeat the sins of our fathers, instead of being benefited by the sacred ensamples that were record for those upon whom the ends of the earth have come.

Vanaf juli 2023 moeten de verdorde takken van Jesaja zevenentwintig beslissen of zij de zonden van de kerk in Galilea, en de geschiedenis van 1863, evenals de geschiedenis van 11 september 2001, zullen herhalen. De methodologie te verwerpen die wordt voorgesteld door Habakuk hoofdstuk twee, en Jesaja zevenentwintig, en door Elia, Johannes de Doper en William Miller, is de zonden van onze vaderen te herhalen, in plaats van voordeel te trekken uit de heilige voorbeelden die werden opgetekend voor hen over wie de einden der aarde gekomen zijn.

Now all these things happened unto them for ensamples: and they are written for our admonition, upon whom the ends of the world are come. Wherefore let him that thinketh he standeth take heed lest he fall. There hath no temptation taken you but such as is common to man: but God is faithful, who will not suffer you to be tempted above that ye are able; but will with the temptation also make a way to escape, that ye may be able to bear it. Wherefore, my dearly beloved, flee from idolatry. I speak as to wise men; judge ye what I say. 1 Corinthians 10:11–15.

Al deze dingen nu zijn hun overkomen tot voorbeelden; en zij zijn beschreven tot waarschuwing voor ons, op wie het einde der eeuwen gekomen is. Daarom, wie meent te staan, zie toe dat hij niet valle. Geen verzoeking heeft u aangegrepen dan menselijke; maar God is getrouw, Die niet zal toelaten dat gij verzocht wordt boven hetgeen gij vermogen kunt, maar met de verzoeking ook de uitkomst zal geven, opdat gij haar kunt verdragen. Daarom, mijn zeer geliefden, vlucht weg van de afgoderij. Ik spreek als tot verstandige mensen; beoordeelt gij wat ik zeg. 1 Corinthians 10:11–15.

The sacred methodology establishes the message of the Midnight Cry, which is the latter rain message. That message, when eaten spiritually produces a corresponding experience as certainly as Daniel and the three worthies’ diet of pulse, produced a fairer and fatter countenance. But in Habakkuk chapter two, the stumbling block for those who reject the offer of justification by faith, is pride which prevents them from following on to know the Lord. If there is ever a time when God’s people cannot put off the work of accepting the true methodology, and eating the message from the angel’s hand, it is now!

De heilige methodologie bevestigt de boodschap van de Middernachtsroep, die de boodschap van de late regen is. Die boodschap brengt, wanneer zij geestelijk wordt gegeten, een overeenkomstige ervaring voort, even zeker als Daniëls en de drie waardigen dieet van peulvruchten een schoner en voller gelaat voortbracht. Maar in Habakuk, hoofdstuk twee, is de struikelblok voor hen die het aanbod van rechtvaardiging door het geloof verwerpen, hoogmoed, die hen verhindert voort te gaan om de Heere te kennen. Indien er ooit een tijd is geweest waarin Gods volk het werk van het aanvaarden van de ware methodologie en het eten van de boodschap uit de hand van de engel niet kan uitstellen, dan is het nu!

“We must not wait for the latter rain. It is coming upon all who will recognize and appropriate the dew and showers of grace that fall upon us. When we gather up the fragments of light, when we appreciate the sure mercies of God, who loves to have us trust Him, then every promise will be fulfilled. ‘For as the earth bringeth forth her bud, and as the garden causeth the things that are sown in it to spring forth; so the Lord God will cause righteousness and praise to spring forth before all the nations.’ Isaiah 61:11. The whole earth is to be filled with the glory of God.” The Seventh-day Adventist Bible Commentary, volume 7, 984.

„Wij moeten niet wachten op de late regen. Zij komt over allen die de dauw en de regenbuien van genade die op ons neerdalen, zullen erkennen en zich toe-eigenen. Wanneer wij de brokstukken van licht verzamelen, wanneer wij de gewisse weldadigheden van God waarderen, die er behagen in schept dat wij op Hem vertrouwen, dan zal elke belofte worden vervuld. ‘Want gelijk de aarde haar spruit voortbrengt, en gelijk een hof doet uitspruiten hetgeen daarin gezaaid is; alzo zal de Heere HEERE gerechtigheid en lof doen uitspruiten voor al de volken.’ Jesaja 61:11. De gehele aarde moet vervuld worden met de heerlijkheid van God.” The Seventh-day Adventist Bible Commentary, deel 7, 984.

God’s prophetic Word has identified that when the great buildings of New York City were thrown down, the angel of Revelation eighteen would descend and “Revelation eighteen, verses one through three would be fulfilled.” Isaiah twenty-seven identifies that time as the “day of the east wind,” and it is the time when “the rough wind” is restrained. “In measure, when it shooteth forth, thou wilt debate with it: he stayeth his rough wind in the day of the east wind.” Sister White identifies the very same time.

Gods profetische Woord heeft aangeduid dat, wanneer de grote gebouwen van New York City werden neergehaald, de engel van Openbaring achttien zou neerdalen en „Openbaring achttien, verzen één tot en met drie vervuld zouden worden”. Jesaja zevenentwintig duidt die tijd aan als de „dag van de oostenwind”, en het is de tijd waarin „de felle wind” wordt ingehouden. „Met mate, wanneer het uitspruit, zult Gij met hem twisten; Hij houdt Zijn felle wind in op de dag van de oostenwind.” Zuster White duidt precies dezelfde tijd aan.

“At that time, while the work of salvation is closing, trouble will be coming on the earth, and the nations will be angry, yet held in check so as not to prevent the work of the third angel. At that time the ‘latter rain,’ or refreshing from the presence of the Lord, will come, to give power to the loud voice of the third angel, and prepare the saints to stand in the period when the seven last plagues shall be poured out.” Early Writings, 85.

“In die tijd, terwijl het werk van de zaligheid ten einde loopt, zal benauwdheid over de aarde komen, en de volken zullen toornig zijn, maar toch in bedwang gehouden worden, zodat zij het werk van de derde engel niet verhinderen. In die tijd zal de ‘late regen’, of verkwikking van het aangezicht des Heren, komen om kracht te geven aan de luide stem van de derde engel en de heiligen voor te bereiden om stand te houden in de tijd waarin de zeven laatste plagen zullen worden uitgegoten.” Early Writings, 85.

The power that angers the nations arrived when the latter rain began to fall. But as soon as that power angered the nations, it was held in check, for Isaiah recorded that he “stayeth his rough wind.” The rough wind, is the east wind, and that wind is restrained when the latter rain begins to sprinkle, and the work of salvation is closing. The closing work of salvation is the sealing time. “Line upon line” the rough, or east wind that is restrained during the sealing of the one hundred and forty-four thousand is the four winds of Revelation chapter seven.

De macht die de volken vertoornt, verscheen toen de late regen begon te vallen. Maar zodra die macht de volken vertoornde, werd zij in bedwang gehouden, want Jesaja heeft opgetekend dat Hij „zijn harde wind inhoudt”. De harde wind is de oostenwind, en die wind wordt ingehouden wanneer de late regen begint te sprenkelen en het werk der zaligheid ten einde loopt. Het afsluitende werk der zaligheid is de verzegelingstijd. „Regel op regel”: de harde, of oostenwind die wordt ingehouden tijdens de verzegeling van de honderd vierenveertigduizend, zijn de vier winden van Openbaring hoofdstuk zeven.

And after these things I saw four angels standing on the four corners of the earth, holding the four winds of the earth, that the wind should not blow on the earth, nor on the sea, nor on any tree. And I saw another angel ascending from the east, having the seal of the living God: and he cried with a loud voice to the four angels, to whom it was given to hurt the earth and the sea, Saying, Hurt not the earth, neither the sea, nor the trees, till we have sealed the servants of our God in their foreheads. Revelation 7:1–3.

En daarna zag ik vier engelen staan op de vier hoeken der aarde, die de vier winden der aarde tegenhielden, opdat de wind niet zou waaien over de aarde, noch over de zee, noch over enige boom. En ik zag een andere engel opkomen uit het oosten, hebbende het zegel van de levende God; en hij riep met luide stem tot de vier engelen, aan wie gegeven was de aarde en de zee schade toe te brengen, zeggende: Brengt geen schade toe aan de aarde, noch aan de zee, noch aan de bomen, totdat wij de dienstknechten van onze God aan hun voorhoofden verzegeld hebben. Openbaring 7:1–3.

The sealing of the one hundred and forty-four thousand was typified by Christ’s triumphal entry into Jerusalem. There Christ, for the only time in His life, rode upon an ass (a symbol of Islam), and Lazarus led the procession into Jerusalem. Sister White identifies Lazarus as the symbol of the seal in that history.

De verzegeling van de honderdvierenvierenveertigduizend werd uitgebeeld door Christus’ triomfantelijke intocht in Jeruzalem. Daar reed Christus, voor de enige keer in Zijn leven, op een ezel (een symbool van de islam), en Lazarus voerde de stoet Jeruzalem binnen. Zuster White duidt Lazarus aan als het symbool van het zegel in die geschiedenis.

“In delaying to come to Lazarus, Christ had a purpose of mercy toward those who had not received Him. He tarried, that by raising Lazarus from the dead He might give to His stubborn, unbelieving people another evidence that He was indeed ‘the resurrection, and the life.’ He was loath to give up all hope of the people, the poor, wandering sheep of the house of Israel. His heart was breaking because of their impenitence. In His mercy He purposed to give them one more evidence that He was the Restorer, the One who alone could bring life and immortality to light. This was to be an evidence that the priests could not misinterpret. This was the reason of His delay in going to Bethany. This crowning miracle, the raising of Lazarus, was to set the seal of God on His work and on His claim to divinity.” The Desire of Ages, 528, 529.

„Door te talmen om naar Lazarus te komen, had Christus een bedoeling van barmhartigheid jegens hen die Hem niet hadden aangenomen. Hij bleef, opdat Hij door Lazarus uit de doden op te wekken aan Zijn halsstarrige, ongelovige volk nog een bewijs zou geven dat Hij inderdaad ‘de opstanding en het leven’ was. Hij was niet genegen alle hoop voor het volk op te geven, de arme, dolende schapen van het huis Israëls. Zijn hart brak vanwege hun onboetvaardigheid. In Zijn barmhartigheid nam Hij Zich voor hun nog één bewijs te geven dat Hij de Hersteller was, Degene die alleen leven en onsterfelijkheid aan het licht kon brengen. Dit moest een bewijs zijn dat de priesters niet verkeerd konden uitleggen. Dit was de reden van Zijn vertraging om naar Bethanië te gaan. Dit bekronende wonder, de opwekking van Lazarus, moest Gods zegel zetten op Zijn werk en op Zijn aanspraak op goddelijkheid.” The Desire of Ages, 528, 529.

The tarrying time that began on July 18, 2020 is represented by Christ’s tarrying before He resurrected Lazarus. The tarrying time of Revelation chapter eleven, ends at the conclusion of the three and a half days. During those days the two witnesses laid dead in the street. And just as Lazarus was to be resurrected following a tarrying time, so too were John’s two witnesses. Once resurrected they lead the procession into Jerusalem, representing the “seal of God,” and the “crowning miracle” that testifies to Christ’s divinity. The resurrection identifies the conclusion of the sealing of the one hundred and forty-four thousand, which takes place while the four winds, the east wind, the rough wind, that arrived on September 11, 2001, is held in check.

De tijd van vertoeven die op 18 juli 2020 begon, wordt voorgesteld door Christus’ vertoeven voordat Hij Lazarus opwekte. De tijd van vertoeven van Openbaring hoofdstuk elf eindigt bij de voltooiing van de drieënhalve dag. Gedurende die dagen lagen de twee getuigen dood op de straat. En evenals Lazarus na een tijd van vertoeven zou worden opgewekt, zo gold dat ook voor de twee getuigen van Johannes. Eenmaal opgewekt leiden zij de intocht in Jeruzalem, die het „zegel van God” en het „bekronende wonder” voorstelt dat getuigenis aflegt van Christus’ goddelijkheid. De opstanding markeert de voltooiing van de verzegeling van de honderd vierenveertigduizend, die plaatsvindt terwijl de vier winden, de oostenwind, de stormwind, die op 11 september 2001 opkwam, in bedwang wordt gehouden.

In the hour that is the Sunday law, those winds are released to bring retributive judgment upon the earth beast of Revelation thirteen. They are now even slipping through the fingers of those four angels that are restraining them during the sealing period. One of the most profound references in the Spirit of Prophecy relating to the day of the east wind is found in Testimonies, volume nine. That volume begins the inspired words on page eleven, so it begins symbolically on “nine-eleven”. The title of the chapter is, “The Final Crisis”, but it is also the first chapter of a section titled, “For the Coming of the King”.

In het uur dat de zondagswet is, worden die winden losgelaten om vergeldend oordeel te brengen over het aardbeest van Openbaring dertien. Zij glippen nu zelfs reeds door de vingers van die vier engelen die hen gedurende de verzegelingsperiode tegenhouden. Een van de diepzinnigste verwijzingen in de Geest der Profetie met betrekking tot de dag van de oostenwind is te vinden in Testimonies, deel negen. Dat deel begint met de geïnspireerde woorden op bladzijde elf en begint dus symbolisch op „negen-elf”. De titel van het hoofdstuk is „De laatste crisis”, maar het is ook het eerste hoofdstuk van een afdeling met de titel „Voor de komst van de Koning”.

There is no evidence that the section and title of the chapter were purposely manipulated by the editors that compiled the volume, yet the coming of the King, is easily recognized as the coming of the bridegroom, which in the parable of the ten virgins occurs with the midnight crisis that is produced in the virgins, by the presence or lack of oil in their vessels. The midnight crisis that is now arriving, is as the title represents—the last crisis for the ten virgins. In that crisis they manifest whether they have the oil, or they don’t. The oil is not simply the Holy Spirit, it is precisely defined as the Holy Spirit, and also as the correct message, and also as the correct character.

Er is geen bewijs dat de sectie en de titel van het hoofdstuk opzettelijk zijn gemanipuleerd door de redacteuren die de bundel hebben samengesteld; toch wordt de komst van de Koning gemakkelijk herkend als de komst van de bruidegom, die zich in de gelijkenis van de tien maagden voordoet bij de middernachtelijke crisis die onder de maagden wordt teweeggebracht door de aanwezigheid of het ontbreken van olie in hun kruiken. De middernachtelijke crisis die nu nadert, is, zoals de titel aangeeft, de laatste crisis voor de tien maagden. In die crisis openbaren zij of zij de olie hebben, of niet. De olie is niet eenvoudigweg de Heilige Geest; zij wordt nauwkeurig omschreven als de Heilige Geest, en ook als de juiste boodschap, en ook als het juiste karakter.

The correct methodology establishes the correct message of the Midnight Cry, and that message, received and acted upon, produces the correct character. That character in the last crisis is the character that receives the seal of God. The process of sealing God’s people began at the arrival of the day of the east wind, on September 11, 2001. The message of that time was then to be eaten. Whether to eat or not to eat is represented by Isaiah’s “debate,” and also by Habakkuk’s question of what the watchmen should answer in the argument. The tarrying time of Matthew twenty-five and Habakkuk concludes with the representation of two classes of worshippers. The tarrying time, represented by three and a half days in Revelation chapter eleven, is almost finished.

De juiste methodologie bevestigt de juiste boodschap van de Middernachtsroep, en die boodschap, ontvangen en ernaar gehandeld, brengt het juiste karakter voort. Dat karakter in de laatste crisis is het karakter dat het zegel van God ontvangt. Het verzegelingsproces van Gods volk begon bij de komst van de dag van de oostenwind, op 11 september 2001. De boodschap van die tijd moest toen worden gegeten. Of men eet of niet eet, wordt weergegeven door Jesaja’s „twistgesprek”, en ook door Habakuks vraag wat de wachters in het geschil moesten antwoorden. De vertoeftijd van Mattheüs vijfentwintig en Habakuk eindigt met de voorstelling van twee klassen aanbidders. De vertoeftijd, voorgesteld door drie en een halve dag in Openbaring hoofdstuk elf, is bijna ten einde.

That tarrying time is also represented at the beginning of the chapter in volume nine, with a passage from Hebrews, where Paul paraphrases verse four of Habakkuk chapter two. Paul’s reference places Habakkuk two in the movement of the third angel, for it is in that history that Christ moved into the Most Holy Place, and in that history the light of His high priestly ministry was revealed, and it is in the book of Hebrews that Paul is revealing the clearest revelation of Christ’s high priestly ministry in God’s Word.

Die tijd van vertoeven wordt ook aan het begin van het hoofdstuk in deel negen voorgesteld door middel van een passage uit Hebreeën, waar Paulus vers vier van Habakuk hoofdstuk twee parafraseert. Paulus’ verwijzing plaatst Habakuk 2 in de beweging van de derde engel, want het is in die geschiedenis dat Christus het Allerheiligste binnenging, en in die geschiedenis werd het licht van Zijn hogepriesterlijke bediening geopenbaard, en het is in het boek Hebreeën dat Paulus de duidelijkste openbaring van Christus’ hogepriesterlijke bediening in Gods Woord geeft.

Habakkuk two in the movement of the first angel did not yet recognize the movement of Christ into the Most Holy Place, for it did not happen until the end of the proclamation of the Midnight Cry. The tarrying time referenced by Paul, is the tarrying time of Habakkuk and Matthew, but it is the tarrying time that would begin on July 18, 2020. The last verse of Habakkuk two represents the conclusion of the Midnight Cry in the Millerite history, and the arrival of the third angel:

Habakuk twee in de beweging van de eerste engel erkende de beweging van Christus naar het Allerheiligste nog niet, want die vond niet plaats vóór het einde van de verkondiging van de Middernachtsroep. De vertoeftijd waarnaar Paulus verwijst, is de vertoeftijd van Habakuk en Mattheüs, maar het is de vertoeftijd die op 18 juli 2020 zou beginnen. Het laatste vers van Habakuk twee vertegenwoordigt de afsluiting van de Middernachtsroep in de Milleritische geschiedenis, en de komst van de derde engel:

But the Lord is in his holy temple: let all the earth keep silence before him. Habakkuk 2:20.

Maar de HEERE is in Zijn heilige tempel; laat de ganse aarde zwijgen voor Zijn aangezicht. Habakuk 2:20.

Testimonies, volume nine emphasizes, beginning on page eleven (nine-eleven), the parable of the ten virgins, the tarrying time and its connection with Habakkuk and Matthew, and the final crisis and September 11, 2001, when the prophetic debate arrived.

Testimonies, deel negen, benadrukt, beginnend op bladzijde elf (negen-elven), de gelijkenis van de tien maagden, de vertoeftijd en haar verband met Habakuk en Matteüs, en de laatste crisis en 11 september 2001, toen het profetische debat aanbrak.

“Section 1—For the Coming of the King

„Hoofdstuk 1—Voor de Komst van de Koning”

“‘Yet a little while, and He that shall come will come, and will not tarry.’ Hebrews 10:37.

„Nog een zeer korte tijd, en Hij Die komen zal, zal komen en niet uitblijven.” Hebreeën 10:37.

“The Last Crisis

„De Laatste Crisis”

“We are living in the time of the end. The fast-fulfilling signs of the times declare that the coming of Christ is near at hand. The days in which we live are solemn and important. The Spirit of God is gradually but surely being withdrawn from the earth. Plagues and judgments are already falling upon the despisers of the grace of God. The calamities by land and sea, the unsettled state of society, the alarms of war, are portentous. They forecast approaching events of the greatest magnitude.

„Wij leven in de tijd van het einde. De zich snel vervullende tekenen der tijden verklaren dat de komst van Christus nabij is. De dagen waarin wij leven, zijn plechtig en gewichtig. De Geest van God wordt geleidelijk, maar zeker, van de aarde teruggetrokken. Plagen en oordelen komen reeds over hen die de genade van God verachten. De rampen te land en ter zee, de ontredderde toestand van de samenleving, de oorlogsgeruchten, zijn onheilspellend. Zij kondigen naderende gebeurtenissen van de grootste omvang aan.

“The agencies of evil are combining their forces and consolidating. They are strengthening for the last great crisis. Great changes are soon to take place in our world, and the final movements will be rapid ones.

„De machten van het kwaad verenigen hun krachten en sluiten zich aaneen. Zij versterken zich voor de laatste grote crisis. Grote veranderingen zullen spoedig in onze wereld plaatsvinden, en de laatste bewegingen zullen snel verlopen.

“The condition of things in the world shows that troublous times are right upon us. The daily papers are full of indications of a terrible conflict in the near future. Bold robberies are of frequent occurrence. Strikes are common. Thefts and murders are committed on every hand. Men possessed of demons are taking the lives of men, women, and little children. Men have become infatuated with vice, and every species of evil prevails.

„De toestand van de wereld toont aan dat benauwende tijden vlak voor ons liggen. De dagbladen staan vol aanwijzingen van een verschrikkelijk conflict in de nabije toekomst. Brutale roofovervallen komen veelvuldig voor. Stakingen zijn algemeen. Diefstallen en moorden worden overal gepleegd. Mensen die door demonen bezeten zijn, nemen het leven van mannen, vrouwen en kleine kinderen. Mensen zijn in de ban geraakt van de zonde, en elke vorm van kwaad heeft de overhand.

“The enemy has succeeded in perverting justice and in filling men’s hearts with the desire for selfish gain.

„De vijand is erin geslaagd het recht te verdraaien en de harten van de mensen te vervullen met het verlangen naar zelfzuchtig gewin.‟

“‘Justice standeth afar off: for truth is fallen in the street, and equity cannot enter.’ Isaiah 59:14. In the great cities there are multitudes living in poverty and wretchedness, well-nigh destitute of food, shelter, and clothing; while in the same cities are those who have more than heart could wish, who live luxuriously, spending their money on richly furnished houses, on personal adornment, or worse still, upon the gratification of sensual appetites, upon liquor, tobacco, and other things that destroy the powers of the brain, unbalance the mind, and debase the soul. The cries of starving humanity are coming up before God, while by every species of oppression and extortion men are piling up colossal fortunes.

‘Het recht blijft verre staan; want de waarheid struikelt op de straat, en wat recht is, kan niet binnengaan.’ Jesaja 59:14. In de grote steden leven talloze mensen in armoede en ellende, bijna verstoken van voedsel, onderdak en kleding; terwijl zich in diezelfde steden mensen bevinden die meer hebben dan het hart zich kan wensen, die in weelde leven en hun geld uitgeven aan rijk ingerichte huizen, aan persoonlijke opschik, of, wat nog erger is, aan de bevrediging van zinnelijke begeerten, aan drank, tabak en andere dingen die de vermogens van de hersenen vernietigen, het verstand ontwrichten en de ziel verlagen. De kreten van de hongerige mensheid stijgen op voor God, terwijl mensen door allerlei vormen van onderdrukking en afpersing kolossale vermogens bijeenbrengen.

“On one occasion, when in New York City, I was in the night season called upon to behold buildings rising story after story toward heaven. These buildings were warranted to be fireproof, and they were erected to glorify their owners and builders. Higher and still higher these buildings rose, and in them the most costly material was used. Those to whom these buildings belonged were not asking themselves: ‘How can we best glorify God?’ The Lord was not in their thoughts.

„Bij een bepaalde gelegenheid, toen ik in de stad New York was, werd ik des nachts geroepen gebouwen te aanschouwen die verdieping na verdieping ten hemel rezen. Van deze gebouwen werd verzekerd dat zij brandvrij waren, en zij werden opgericht tot verheerlijking van hun eigenaars en bouwers. Hoger en steeds hoger rezen deze gebouwen op, en daarin werd het kostbaarste materiaal gebruikt. Zij aan wie deze gebouwen toebehoorden, vroegen zich niet af: ‘Hoe kunnen wij God het best verheerlijken?’ De Heere was niet in hun gedachten.

“I thought: ‘Oh, that those who are thus investing their means could see their course as God sees it! They are piling up magnificent buildings, but how foolish in the sight of the Ruler of the universe is their planning and devising. They are not studying with all the powers of heart and mind how they may glorify God. They have lost sight of this, the first duty of man.’

„Ik dacht: ‘Och, dat zij die aldus hun middelen besteden, hun handelwijze konden zien zoals God die ziet! Zij stapelen prachtige gebouwen op, maar hoe dwaas is hun plannen en beramen in de ogen van de Heerser van het heelal. Zij onderzoeken niet met alle krachten van hart en verstand hoe zij God kunnen verheerlijken. Zij hebben dit uit het oog verloren, de eerste plicht van de mens.’”

“As these lofty buildings went up, the owners rejoiced with ambitious pride that they had money to use in gratifying self and provoking the envy of their neighbors. Much of the money that they thus invested had been obtained through exaction, through grinding down the poor. They forgot that in heaven an account of every business transaction is kept; every unjust deal, every fraudulent act, is there recorded. The time is coming when in their fraud and insolence men will reach a point that the Lord will not permit them to pass, and they will learn that there is a limit to the forbearance of Jehovah.

“Toen deze statige gebouwen verrezen, verheugden de eigenaars zich in eerzuchtige trots dat zij geld bezaten om het eigen ik te bevredigen en de afgunst van hun buren op te wekken. Veel van het geld dat zij aldus investeerden, was verkregen door afpersing, door de armen uit te mergelen. Zij vergaten dat in de hemel van elke zakelijke transactie rekenschap wordt bijgehouden; elke onrechtvaardige overeenkomst, elke bedrieglijke daad, staat daar opgetekend. De tijd komt dat de mensen in hun bedrog en vermetelheid een punt zullen bereiken dat de Heere hun niet zal toestaan te overschrijden, en zij zullen leren dat er een grens is aan de lankmoedigheid van Jehovah.

“The scene that next passed before me was an alarm of fire. Men looked at the lofty and supposedly fire-proof buildings and said: ‘They are perfectly safe.’ But these buildings were consumed as if made of pitch. The fire engines could do nothing to stay the destruction. The firemen were unable to operate the engines.” Testimonies, volume 9, 11–13.

„Het tafereel dat zich vervolgens aan mij voordeed, was een brandalarm. Mensen keken naar de hoge en zogenaamd brandveilige gebouwen en zeiden: ‘Zij zijn volkomen veilig.’ Maar deze gebouwen werden verteerd alsof zij van pek waren gemaakt. De brandspuiten konden niets doen om de verwoesting tegen te houden. De brandweerlieden waren niet in staat de spuiten te bedienen.” Testimonies, deel 9, 11–13.

The “debate” that took place over methodology in the beginning of the period represented by Daniel chapter one; and also represented by Daniel chapters one through three; and also represented by the history beginning on August 11, 1840; and also represented in the history of John chapter six, at the crisis in Galilee; and also represented by the history of September 11, 2001 (until July 18, 2020), is now being repeated, not within Adventism at large, but among the dead dry bones that are being aroused from their lethargy by a “voice” crying in the wilderness.

Het „debat” dat plaatsvond over methodologie aan het begin van de periode die wordt voorgesteld door Daniël hoofdstuk één; en ook wordt voorgesteld door Daniël hoofdstukken één tot en met drie; en ook wordt voorgesteld door de geschiedenis die begon op 11 augustus 1840; en ook wordt voorgesteld in de geschiedenis van Johannes hoofdstuk zes, bij de crisis in Galilea; en ook wordt voorgesteld door de geschiedenis van 11 september 2001 (tot 18 juli 2020), wordt thans herhaald, niet binnen het adventisme in brede zin, maar onder de dode, dorre beenderen die uit hun lethargie worden opgewekt door een „stem” die roept in de woestijn.

We will take up the consideration of the methodology being the latter rain as represented in Isaiah chapters twenty-eight and twenty-nine in our next article.

In ons volgende artikel zullen wij de beschouwing voortzetten van de methodologie als zijnde de late regen, zoals voorgesteld in Jesaja hoofdstukken achtentwintig en negenentwintig.

Also I heard the voice of the Lord, saying, Whom shall I send, and who will go for us? Then said I, Here am I; send me. And he said, Go, and tell this people, Hear ye indeed, but understand not; and see ye indeed, but perceive not. Make the heart of this people fat, and make their ears heavy, and shut their eyes; lest they see with their eyes, and hear with their ears, and understand with their heart, and convert, and be healed. Then said I, Lord, how long? And he answered, Until the cities be wasted without inhabitant, and the houses without man, and the land be utterly desolate, And the Lord have removed men far away, and there be a great forsaking in the midst of the land. But yet in it shall be a tenth, and it shall return, and shall be eaten: as a teil tree, and as an oak, whose substance is in them, when they cast their leaves: so the holy seed shall be the substance thereof. Isaiah 6:8–13.

Ook hoorde ik de stem van de Heere, die zei: Wie zal Ik zenden, en wie zal voor Ons gaan? Toen zei ik: Zie, hier ben ik; zend mij. En Hij zei: Ga heen, en zeg tot dit volk: Horende zult gij horen, maar niet verstaan; en ziende zult gij zien, maar niet bemerken. Maak het hart van dit volk vet, maak hun oren zwaar, en sluit hun ogen; opdat zij niet met hun ogen zien, noch met hun oren horen, noch met hun hart verstaan, en zich bekeren en genezen worden. Toen zei ik: Heere, hoe lang? En Hij antwoordde: Totdat de steden verwoest zijn, zodat er geen inwoner is, en de huizen zonder mens zijn, en het land volkomen verwoest is, en de Heere de mensen ver heeft weggedaan, en er een grote verlatenheid is in het midden van het land. Maar toch zal daarin een tiende deel zijn, en het zal wederkeren, en verteerd worden; gelijk een terebint en gelijk een eik, welker stam in hen blijft, wanneer zij hun bladeren afwerpen: zo zal het heilige zaad de stam daarvan zijn. Jesaja 6:8–13.